3848

Susa

Susa of Shushan, huidig Shush, was in de oudheid een stad in het Elamitische, het Perzische en Parthische rijk. De stad lag ongeveer 250 km ten oosten van de Tigris in de huidige provincie Khoezestan in Iran.

Susa is een van de oudste nederzettingen tot dusver bekend in deze regio. De stad werd  waarschijnlijk gesticht rond 4000 v.Chr., al zijn er sporen van bewoning die teruggaan tot 7000 v.Chr.. Bewijzen van beschilderd aardewerk gaan terug tot 5000 v.Chr. 

In 1762 werd Elam door de Amorieten onder hun heerser Hammoerabi (1733 - 1690) veroverd. Na zijn dood in 

In 640 v. Chr. veroverde de Assyrische koning Ashubanipal (± 668-630 v. Chr.) de stad Susa en werd deze stad geplunderd. De stad werd al snel teruggenomen door Achaemenidische Perzen onder Cyrus de Grote (559-529 v. Chr.) in 538 v.Chr.. Cyrus' zoon Cambyses II liet in Susa een nieuwe residentie bouwen, waarmee Susa de hoofdstad werd van het Achemenidsiche rijk, ten nadele van Pasargadae. De beslissing daartoe was mogelijk omdat   Achemenes, de stichter van het Achemidische rijk mogelijk van Elamitsiche afkomst was. 

 

Susa lag op het knooppunt van een netwerk van wegen en waterwegen, ca. 450 km ten noordwesten van Pasargadae en 350 km ten oosten van Babylon. De bevolking van Susa had een lange ambtelijke traditie van regeringsdienst. In haar gloriedagen als hoofdstad van Elam stonden er 5400 mannen op de betaalrol van het paleis. Darius breidde Susa uit tot een hoofdstad die zijn succes bij de vorming van een wereldrijk waardig was. 

 

Soldaten van het Perzische leger, afgebeeld in Susa - Musée du Louvre, Paris, France

De werkzaamheden begonnen in 521 v. Chr., toen hij nog bezig was met gevechten tegen opstandelingen binnen het rijk. Te oordelen naar de omvang van de ruïnes die later zijn blootgelegd, moet de bouw zijn gehele regeringsperiode zijn doorgegaan. Darius gaf de stad met kwistige hand kalkstenen paleizen, hallen en forten. De arbeiders en handwerkslieden die hij bijeenbracht uit zijn gehele rijk, droegen er toe bij dat Susa even internationaal werd als Babylon, en de Perzische koningen maakten Susa rijk met de meegebrachte schatten uit veroveringen en belastingen. 

Susa bleef de hoofdstad van het Achaemenidsiche rijk  totdat Darius zijn residentie ca. 514 v. Chr. verplaatste naar Persepolis

In het najaar van 331 v. Chr. werd Susa ingenomen door Alexander de Grote, waar hij tonnen goud en zilver buitmaakte om zijn schatkist aan te vullen. Na de verovering van het Achaemenidische rijk verloor Susa enige invloed. Na de dood van Alexamder de Grote kwam Susa onder het bewind der Seleuciden. Susa werd één van de twee hoofdsteden (samen met Ctesiphon) van Parthië. De Parthen en later de Perzische Sassaniden, vonden er vaak onderdak, aangezien de Romeinen Ctesiphon tussen 116 en 297 n. Chr. vijf keer hebben geplunderd. Normaal gesproken verbleven de Parthische heersers in de winter in Susa, om de zomer in Ctesiphon door te brengen.

De Romeinse keizer Trajanus veroverde Susa in 116, maar was snel weer gedwongen om zich terug te trekken door opstanden in zijn achterland. Deze opmars markeerde de grootste oostelijke expansie van de Romeinen.

In 638 werd Susa voor de tweede keer vernietigd, toen de Moslimlegers de het Perzische rijk veroverden. Uiteindelijk, in 1218, werd de stad volledig vernietigd door de invallen van de Mongolen. In de jaren hierna raakte de antieke stad meer en meer verlaten.

Tijdens opgravingen in de stad vonden Franse archeologen in 1901 een stele met de Codex Hammurabi, die de Elamitische koning Shutruk-Nahhunte in een campagne tegen Babylon had buitgemaakt en naar Susa had meegenomen. Recent wordt de vindplaats bedreigd door illegale opgravingen, vuilnisstort door de lokale overheid en een gepland busdepot op nog te onderzoeken grondgebied.

laatst bijgewerkt: 24-03-07

colofon