2294 |
Midden-Assyrische Rijk (1275 - 1115 v. Chr.) |
![]() |
![]() |
Shalmaneser l wist van wat onder Hij hield een veldtocht tegen de noorderburen van Urartu en tegen de Guti die goed wisten te plunderen. Vervolgens richtte hij zich tegen de Hurri (Hoerrieten) vorsten van Mitanni (Hanigalbat) in het westen. Lange tijd waren zij bondgenoten geweest, maar de Hoerrieten stonden nu onder Hittitische invloed. De vorsten werden vervangen door een Assyrische gouverneur en er werden Assyrische kolonisten naar het gebied gestuurd. Door de eliminatie van de laatste resten van het oude Mitanni rijk kwamen Egypte en de Hittieten eindelijk tot een vergelijk. Salmanasser streefde ernaar dat zijn koninkrijk erkend werd als een van de grootmachten van zijn tijd. De groeiende macht van Assyrie was een bedreiging van beider invloed op de Syrische politiek. Onder de bondgenoten van Hanigalbat worden zowel de Hittieten als de Ahlamu genoemd. De laatsten waren mogelijk een groep die verwant was aan de Arameeers die in later eeuwen een grote rol zouden spelen in de geschiedenis van Mesopotamië. Er is een brief van de Hittitische koning Shalamesar l werd opgevolgd door zijn zoon |
Onder deze opvolger en zoon van Salmanasser I beleefde Assyrie een bloeiperiode. Hij ging een bondgenootschap aan met De kortstondige hereniging had wel aanzienlijke culturele gevolgen en de Babylonische invloed aan het Assyrische hof nam toe. |
De moord op zijn vader
In 1227 v. Chr. worden de Kassieten van Kar-Duniash weer onafhankelijk van het Assyrische Rijk.
Zijn koninkrijk was aanzienlijk verzwakt door een periode van onderlinge twisten. Van zijn regering is niet veel bekend behalve dat er een zware aardbeving plaatsvond (ca 1187) die zware schade veroorzaakte en onder andere de tempel van Ishtar in Assur in puin legde. Bron: Ninurta-apil-Ekur - Wikipedia
In zijn tijd was Elam een mogendheid van belang die zelfs enige tijd de oostelijke provincies van Assur wist te bezetten. Onder Assur-dan beleefde het Assyrische rijk een tijd van herstel na de dynastieke problemen die ontstaan waren met de moord op Tukulti-Ninurta I. Rond 1166 werden de beelden van Marduk en Zanapitum die Tukulti-Ninurta I uit Babylon had weggehaald teruggeven, mogelijk in een poging groter aanzien in het buurland te verwerven. In 1160 versloeg hij Kar-Duniash. Zijn aanval verzwakte het buurland dusdanig dat drie jaar later de koning van Elam een einde maakte aan de Kassieten-dynastie die er zo'n vier eeuwen aan de macht geweest was. De godenbeelden belandden daarmee in Elam. Hoewel Assur Dan weinig munt wist te slaan uit zijn overwinning op Babylon was zijn lange regering in het algemeen een periode van voorspoed waarin hij aanzienlijke herstelwerkzaamheden kon uitvoeren. Hij liet de bij een zware aardbeving in 1187 vernietigde tempel van Ishtar herbouwden. Hij ontving schatting van de Sutu en wist ook de Ahlamu in bedwang te houden. Hij overleed op hoge leeftijd en werd opgevolgd door Assur-resh-ishi.
|
laatst bijgewerkt: 27-02-07 |