3710 | Sogdiana |
![]() |
![]() |
Sogdiana was lange tijd het meest oostelijke deel van het Perzische rijk. In dit gebied lagen vier grote en beroemde handelssteden: Maracanda (het oude Samarkand), Balkh, Boechara en Merv (Turkmenistan)
De Sogdianen waren een volk dat een belangrijke rol heeft gespeeld in het bestaan van de zijderoute. Zij waren van Iraanse afkomst en hun woongebied Sogdiana (Chinees: K'ang-keu) lag tussen de Oxus (thans: Amu Darya) en de Jaxartes (thans: Syr Darya) rivieren in wat nu Uzbekistan en Tajikistan is. Dit gebied kent een klimaat van uitersten: korte strenge winter, hete droge zomers en een erg natte herfst, waarin een deel van het land in een moeras verandert. De lente is de beste periode om er te reizen als het land vol bloeiende planten, struiken en tamarisken staat. In dit gebied wordt lapis lazuli gevonden en vroeger was het beroemd om z'n paarden, vee, schapen, druiven en fruit. Dankzij het goede water was hun wijn van uitstekende kwaliteit. De Sogdianen hebben nooit een staat gevormd. Ze bewoonden een aantal steden en koninkrijken die verbonden waren door bondgenootschappen, waarbij er af en toe één overheersend was. Ondanks dat hun gebied altijd bij dat van de een of andere wereldmacht behoorde, wisten ze tot de komst van de Arabieren steeds hun eigen identiteit en een behoorlijke zelfstandigheid te bewaren. Vanaf het begin van de 3de eeuw n.Chr. tot het midden van de 8ste eeuw waren zij de belangrijkste handelaars en transporteurs tussen oost en west en vooral op de moeilijke trajecten over het Pamir gebergte en langs de Taklamakan woestijn. Vaak traden zij op als handelsagenten voor anderen, maar daarnaast handelden ze ook voor zichzelf. Hun handelsactiviteiten liepen naar het oosten tot in Luoyang (China), in het noorden tot in Mongolië en in het zuiden tot in wat nu Pakistan heet. Zij waren ook graag gezien als administrateurs en boekhouders. In grote handelscentra zoals Chang'an en Dunhuang hadden zij eigen wijken. De Sogdianen brachten vele geloven naar China, waarvan de belangrijksten het zoroastrisme (4de eeuw n.Chr.), manichaeïsme (6de eeuw n.Chr.) en het nestorianisme (7de eeuw n.Chr.) waren. Ook hun schrift vinden we op vele plaatsen terug, zoals b.v. in wandschilderingen van de grotten van Bezeklik en Mogao. Hun schrift hadden de Sogdianen ontleend aan het Aramees (afkomstig uit: Syrië, Irak en Iran). Later namen de Oejgoeren dit schrift op hun beurt weer van de Sogdianen over. Het Sogdiaans was langs de hele handelsroute als 'lingua franca' in gebruik. In 329 v.Chr. werd Maracanda, de hoofdstad van Sogdiana, door Alexander de Grote veroverd, waarbij 300 van zijn soldaten de onneembaar geachte Sogdische Rots in de nacht wisten te beklimmen en veroveren. Vervolgens raakte hij verliefd op Rhoxane, de mooie dochter van de Sogdiaanse edelman Oxyartes en trouwde met haar. Tussen 705 en 710 veroverden Arbieren onder generaal Qotaiba (Kotaiba) Sogdiana en kwam er een einde aan hun zelfstandigheid. Sogdiana werd een deel van het Kalifaat der Abbasieden en verdween van het wereldtoneel. De cultuur van de Sogdianen bleef nog eeuwen bestaan in Dunhuang, Chang'an en andere steden in China waar grote aantallen Sogdianen woonden. Da Cunha Travel - Zijderoute (handelaren) laatst bijgewerkt: 22-04-07 |