5240 Bourgondië (855 - 1102)

Midden-Francië (843 - 855)
Bij het Verdrag van Verdun (843) viel het westelijke deel van Bourgondië in West-Francië en het oostelijke deel in het Middenrijk. 

Het noordwestelijke deel of Franse deel van Bourgondië (Neder-Bourgondië) werd een hertogdom onder de Franse kroon in 880 toen koning Karel ll de Kale van West-Francië de titel van hertog van Bourgondië schonk aan zijn zwager Richard van Autun

lees verder: Neder-Bourgondië

 

Opper-Bourgondië (Provence)  

  Karel Koning van Provence (855 - 863)

Opper Bourgondië (Provence) werd sinds 855 volgens het verdrag van Arles (Prüm) geregeerd door Karel van Provence (bijgenaamd Karel de Jonge), de jongste zoon van keizer Lotharius l (843 -855) van Midden Francië. In 860 versloeg hij zijn oom Karel de Kale van West-Francië, die het op zijn bezittingen voorzien had.

Lodewijk ll Koning van Provence (863 - 875)

Toen Karel van Provence in 863 overleed, werd zijn rijk verdeeld tussen zijn broers Lodewijk ll van Oost-Francië en Lotharius ll van Lotharingen (het noordelijke deel van Midden-Francië. Het grootste gedeelte werd gevoegd bij het koninkrijk Italië, waarover Lodewijk ll koning was.

Na de dood van  Lotharius ll in 869 werd Provence bij het Verdrag van Meerssen (870) opnieuw gevoegd bij het gebied van keizer Lodewijk ll, maar slechts voor korte tijd, want na zijn in 875 viel het in handen van de koning van Frankrijk Karel ll de Kale, alweer voor maar een poosje.

Karel ll de Kale Koning van Provence (875 - 877)

Bosso (Boso) Koning van Bourgondië (879 - 887) en Koning van Provence (879 - 887)

In 879 blies Karel de Kale het koninkrijk Bourgondië nieuw leven in en werd zijn zwager Bosso (de broer van zijn echtgenote Richildis) de nieuwe koning. Hij was de zoon van Bivinus van Metz een verre verwant van Karel Martel en Richardis van Arles en een broer van Richard I van Bourgondië.
Het voorstel van paus Johannes VIII om hem koning van Italië te maken, wees Bosso echter af. De zonen van Karel de Kale, Lodewijk III, Karloman II en Karel lll de Dikke en Lodewijk III van Oost-Francië vormden nu een front tegen hem. Zij verplichten Bosso zich terug te trekken en plunderen Vienne, zodat zijn broer Richard I van Neder- Bourgondië te hulp moest snellen. Na de dood van Karloman II en de troonsbestijging van Karel de Dikke in 884, kreeg Bosso het aanbod om koning van Provence te worden, op eenvoudige voorwaarde dat hij de koning van Frankrijk (Karel de Dikke) eer zou betuigen. Na de dood van Bosso in 887 volgde zijn zoon
Lodewijk lll hem op als koning van Provence (887 - 928). Rudolf l volgde hem op als koning van Opper-Bourgondië (West-Zwitserland en Franche Comté)

Provence

Lodewijk lll, Koning van Provence (887 - 928)

In 887 werd Lodewijk door de Groten van de Provence (Zuid-Bourgondië) op aanbeveling van paus Stephan V. tot koning van Provence verheven. In de herfst van 899 trok hij op uitnodiging van de Groten van Noord-Italië, die niet tevreden waren met Berengar l van Friuli naar Italië waar hij nog uit de erfenis van van zijn gootmoeder over een rijk familiebezit beschikte. Lodewijk verdreef Berengar en liet zich begin oktober 899 in Pavia tot koning van Italiië huldigen. In het begin van 901 trok hij naar Rome en werd daar door Paus Benedikt IV tot keizer van het H. Roomse Rijk gewijd. Van invloed op Lodewijks keizerlijke ambities is zeker ook geweest het feit dat hij gehuwd was met  Anjna, de dochter van de Byzantijnse keizer Leo VI.. Het huwelijk moet nog tijdens zijn eerste reis naar Italië zijn gesloten. Berengar slaagde er echter in al in het voorjaar daarop Lodewijk uit Italië te verdrijven en Lodewijk moest toezeggen nimmer terug te keren naar Italië. Desondanks probeerde Lodewijk in 905 een tweede keer Italië binnen te vallen. Deze poging mislukte echter en Lodewijk werd op last van Berengar blind gemaakt. Hij stierf in 928 en werd als koning van Provence opgevolgd door Hugo van Arles.

Hugo van Arles, Koning van Provence (928 - 934)

 In 928 werd Hugo gekroond koning van Provence. Hij was gehuwd met Willa van Provence, de weduwe van Rudolfs vader, Rudolf l van Bourgondië die in 912 was overleden. 

Opper-Bourgondië

Rudolf l van Bourgondië (888 - 912)

Rudolf I van Bourgondië was de zoon van Koenraad II van Bourgondië, graaf van Auxerre, uit de familie der Welfen. Door de erfenis van zijn vader, werd hij de machtigste man van Opper-Bourgondië (West-Zwitserland en Franche-Comté). Na de dood van Karel de Kale verkoos de adel van Opper-Bourgondië Rudolf in 888 tot koning. Gesterkt door deze verkiezing bevestigde Rudolf zijn rechten op heel Lotharingen en nam hij grootste deel van Elzas en Lotharingen in. Hij stootte daarbij evenwel op Arnulf van Karinthië en diende al snel Lotharingen op te geven, in ruil voor zijn erkenning als koning van Bourgondië. Rudolf was gehuwd met Willa, dochter van Bosso van Provence

Rudolf (Raoul of Radolphe) ll van Opper-Bourgondië en Provence (Zuid-Bourgondië) (912 - 937)

Rudolf II, de zoon van Rudolf l en Willa van Provence werd in 912 koning van Opper-Bourgondië en na de hereniging met het koninkrijk Provence in 933 koning van het verenigde Bourgondië of Arelatische rijk. Dit rijk strekte zich uit van de Vogezen tot de Middellandse Zee, van de Alpen tot de Rhône en tijdelijk ook over een deel van Zwitserland. Arles was van dit rijk de hoofdstad.

Na zijn troonsbestijging in 912, werd Rudolf door de adel van Italië gevraagd tussen beide te komen in hun strijd tegen koning Berengarius I van Friuli. Rudolf werd tot koning van Italië gekroond in Pavia. In 923 versloeg hij Berengarius I van Friuli en het jaar daarop werd Berengarius I gedood door toedoen van Rudolf. In 926 evenwel keerde de Italiaanse adel zich af van Rudolf en vroeg zijn zwager Hugo van Arles koning van Italië te worden. Hugo van Arles, bijg. de Boze, was een zoon van Theobald van Arles en van Bertha van Lotharingen, dochter van Lotharius II van Lotharingen. Hugo werd door Lodewijk III, de koning van Provence, achtereenvolgens aangesteld tot graaf van Arles, graaf van Vienne en markgraaf van Provence.

Kort na de kroning van Hugo van Arles tot koning van Italië, veranderde de Italiaans adel echter opnieuw van idee en vroeg Rudolf om opnieuw koning te worden. Om uit de impasse te raken, kwamen Rudolf en Hugo in 933 overeen dat Hugo afstand deed van Provence (Zuid-Bourgondië) ten voordele van Rudolf, waardoor Noord- en Zuid-Bourgondië (Provence) herenigd werden. Toen Rudolf II. probeerde zijn rijk tot over de Aare uit te breiden naar Duitsland stuitte hij op weerstand van de hertog van Zwaben, Hermann l (926 - 949). Rudolf ll was gehuwd met Bertha van Zwaben, de dochter van hertog Burchard II van Zwaben. Rudlf ll werd opgevolgd door zijn zoon Koenraad.

Hugo van Arles trouwde na de dood van Rudolf ll met zijn weduwe Bertha van Zwaben,

Koenraad van Bourgondië (937 - 993)

Koenraad van Bourgondië, bijg. de Vredelievende, was de zoon van Rudolf II van Bourgondië en Bertha van Zwaben. Hij volgde zijn vader in 937 op als koning van Bourgondië. Koenraads regeringsperiode was vredig, behalve toen zowel de Moren als de Hongaren zijn rijk binnenvielen, die hij tegen elkaar wist uit te spelen. Koenraad was gehuwd met Mathildis, dochter van Lodewijk IV van Frankrijk. Zijn dochter Gerberga trouwde met hertog Herman ll van Zwaben. Hij werd opgevolgd door zijn zoon

Rudolf lll koning van Bourgondië (993 - 1032)

Rudolf III van Bourgondië, de zoon van Koenraad van Bourgondië en Mathildis van Frankrijk, volgde in 993 zijn vader op als koning van Bourgondië. Rudolf stond bekend als een zwak vorst. Tijdens zijn regering werd de invloed van Duitsland steeds sterker. De Duitse vorsten kwamen in Bourgondië rechtstreeks in verschillende zaken tussenbeide. Om de steun van de geestelijkheid te behouden, deed hij verschillende belangrijke schenkingen aan de bisdommen Bazel, Sion en Lausanne. In 1011 huwde hij met Ermengarde, vermoedelijk een zuster van Humbert I van Savoye. In 1016 bracht hij in Straatsburg leenhulde aan de Duitse keizer en duidde hem aan als opvolger. Vanaf 1018 betoonde Rudolf zich volledig een vazal van de Duitse keizer. Vele groten van zijn eigen koninkrijk aanvaardden dit niet en onder leiding van Otto Willem van Bourgondië sloten alle steden van het hertogdom Bourgondië hun poorten voor de keizer. Alhoewel Rudolf bij het overlijden van Hendrik II onder druk van de adel van Bourgondië zijn beloften jegens Duitsland terugtrok, zag hij zich een jaar later verplicht zijn gelofte opnieuw gestand te doen jegens de nieuwe koning van Duitsland, Koenraad II. Rudolf stierf zonder erfgenaam en na zijn dood, zou zijn neef Odo II van Blois het opvolgingsrecht van de Duitse keizer betwisten. Dit gaf aanleiding tot een felle opvolgingstrijd. Odo trok naar Aken en nam Bar-le-Duc in , maar stootte op een leger van Gozelo I van Verdun en sneuvelde in de daaropvolgende slag van Bar. 

Bij de dood van Rudolf lll in 1032 brak er een opvolgingsstrijd los tussen de Duitse keizer Koenraad ll, die door de overleden koning als erfgenaam was aangewezen en Odo ll van Blois, de rechtstreekse erfgenaam van Rudolf lll. De strijd tussen de twee neven werd beslecht in het voordeel van de keizer, die het koninkrijk opnieuw opnam in het keizerrijk.

Hertogdom Bourgondië (1102 - 1363)

colofon

gemaakt: 02-01-08; laatst bijgewerkt: 26-01-08