5302 Italië (855 - 896)
  Italië (774 - 855)

Lodewijk (Ludovico) ll (855 - 875)

Italië behoorde sinds het verdelingsverdrag van Verdun (843) tot het rijk van Lothar l (840 - 855) (Midden-Francië) In 855 verdeelde hij zijn rijk onder zijn drie zoons. Zijn oudste zoon Lodewijk lll kreeg het koninkrijk Italië (waarover hij als koning Lodewijk (Ludovicus) ll zou gaan regeren) en mocht zich keizer noemen. Zijn tweede zoon Lothar ll (855- 869) werd koning van het noordelijke deel van het Middenrijk (waaronder de Lage Landen). Dit rijk werd Lotharingen genoemd. Zijn jongste zoon Karel kreeg het zuidelijke deel van het Middenrijk: Bourgondië en Provence. Zelf trok Lothar l zich als monnik terug in het klooster te Prüm waar hij op 29 september 855 overleed en waar hij ook werd begraven.

Op 6 januari 856 trof een zware overstroming van de Tiber de stad. Het water stond meters hoog en kwam tot aan de voet van de Capitolijn. De schade aan huizen en monumenten was wel aanzienlijk, maar niet rampzalig. Rome is ontelbare malen door overstromingen geteisterd geweest, soms met zwaardere gevolgen: die van 1557 spoelde een deel van de Pons Aemilius, voorbij het Tibereiland, weg. Het overblijvende deel heet thans Ponte Rotto, kapotte brug. Aan die vaak rampzalige overstromingen zou pas een eind komen op het einde van de negentiende eeuw, toen de loop van de Tiber doorheen Rome werd ingebed tussen hoge muren van travertijn. Die noodzakelijke ingreep bracht evenwel de verwoesting mee van alle bouwwerken die zich op de Tiberoevers bevonden.

Karel ll de Kale (Carlo il Calvo) (875 - 877)

In 875 liet Karel de Kale (Carlo il Calvo) (875 - 877) van West-Francië zich in Pavia uitroepen tot keizer én tot koning van Italië. De Paus hoopte tevergeefs dat Karel vervolgens de orde in Italië zou herstellen, maar Karel had zijn handen vol aan zijn binnenlandse problemen.

Karloman (Carlomanno) (877 - 879)

Karel ll stierf in 877 en werd opgevolgd door zijn zoon Lodewijk ll de Stamelaar (Stotteraar) en Karloman (877 - 879). In 879 overleed hij en werd zijn verdeeld over zijn drie zoons: Lodewijk III werd koning van Neustrië (West-Francië), zijn broer Karloman (879 - 884) werd koning van Aquitaine en Bourgondië.

Berengar (Berengarius, Berengario) l van Friuli (888 - 889)

Berengarius van Friuli stamde van moederszijde van de Karolingen af. Hij was de zoon van Gisela (circa 820-874), een dochter van Lodewijk de Vrome en Eberhard, markgraaf van Friuli (810-866). Zijn oudere broer Unruoch stierf vroegtijdig en Berengarius volgde hem rond 874 op als markgraaf van Friuli, een streek in Noordoost Italië rond de stad Udine, gelegen tussen Venetië, de Alpen, Slovenië en de Adriatische Zee. Daarmee nam hij een sleutelpositie in omdat deze streek grensde aan het gebied van de Slaven en Magyaren die het Italiaanse schiereiland bedreigden. In 888 slaagde Berengarius erin zich door de adel in Italië uit te laten roepen tot koning, hoewel er zeker andere gegadigden waren voor deze titel. Zijn rivaal Guido van Spoleto trachtte hem de loef af te steken door zich door paus Stephanus VI tot keizer Guido II te laten kronen (891). Deze kroning was tamelijk omstreden omdat Guido bekend stond als een aartsrivaal van de paus. 

Guido van Spoleto (889 - 894)

Guido van Spoleto was de zoon van Guido I (of van diens zoon Lambert) van Spoleto en van Ida van Benevento en was van Frankische afkomst. Hij had ook banden met de Karolingers: zijn grootmoeder was een kleindochter van Lothar I. Hij werd in 876 hertog van Camerino en in 882 hertog van Spoleto als Guido III. Nadat Karel de Dikke van Oost-Francië in 887 werd gedwongen zijn keizerskroon af te zetten, deed hij een mislukte poging zich tot koning van Frankrijk te laten uitroepen. Daarna ging hij de strijd aan met Berengarius I van Friuli om het koningsschap over Italië.
Guido was gehuwd met Ageltrude, dochter Adelchis van Benevento en van Adeltrude.

Terwijl Arnulf van Karinthië, de opvolger van Karel lll, in beslag werd genomen door door invallen van barbaren (Magyaren?) in Duitsland liet Guido van Spoleto, de aartsrivaal van Berengarius van Friuli, zich in 889 in Pavia  door paus Stephanus VI kronen tot koning van Italië. Vanuit Pavia en Rome wist Guido als koning en als keizer de orde in Italië te herstellen en Berengarius trok zich voorlopig terug. In 891 zalfde paus Stephanus VI Guido tot Westers keizer en jaar daarop dwong hij paus Formosus zijn zoon Lambert van Spoleto eveneens te zalven, om hem aan zijn bestuur te verbinden als hertog, koning en keizer. Lambert (Lamberto) van Spoleto regeerde samen met Guido als mederegent (892-894)

Zowel Guido als Lambert (Lamberto) hadden nauwelijks gezag, zodat de Italiaanse edelen weer volop de ruimte kregen elkaar te bestrijden. Elk van de verschillende partijen wilde een koning en een paus die hun belangen behartigde. Dat had tot gevolg dat er dikwijls verscheidene mannen tegelijkertijd aanspraak maakten op de koningstitel of de Heilige Stoel. De pausen regeerden gemiddeld nog geen vier jaar en slechts enkele slaagden erin iets te bereiken, zoals Joannes X, die de Arabieren in Zuid-Italië met succes bestreed.

Veel pausen zetten zich hoofdzakelijk in voor de belangen van zichzelf en hun familie, en hun daden waren moreel nogal eens dubieus. Dezelfde Joannes benoemde bijvoorbeeld een vijfjarig kind tot aartsbisschop van Reims. Macaber dieptepunt was de 'lijksynode'. Stephanus VI liet het lijk van een voorganger en vroegere tegenstander opgraven, in pauselijke gewaden kleden en op een troon zetten, om het vervolgens te berechten en te bestraffen.

Arnulf van Karinthië (894 - 899)

Paus Formosus keerde zich tegen Guido en Lambert en steunde voortaan Arnulf van Karinthië. Na de dood van Guido in 894 deed Arnulf zijn intrede in Pavia, de oude hoofdstad van de Longobardische koningen.

Na twee Italiaanse expedities werd Arnulf van Karinthië op 22 februari 896 in Rome tot keizer gekroond. Ook Odo (Eudes) de koning van West-Francië erkende hem als keizer, zodat het Karolingsche rijk opnieuw verenigd was.

Toen Arnulf van Karinthië in 896 Rome binnentrok dienden Ageltrude, de weduwe van Guido van Spoleto en haar zoon Lambert zich te verschuilen. Kort daarop kreeg Arnulf echter een beroerte en paus Formosus overleed. Daarop gebruikte Ageltrude haar invloed om paus Stephanus VI (VII) te laten verkiezen. Het lichaam van Formosus werd daarop opgegraven en berecht, veroordeeld tijdens de zgn. Kadaversynode en in de Tiber geworpen 

Lambert van Spoleto overleed in 898 na een ongeval tijdens de jacht, zijn moeder Ageltrude in 923.

Berengar (Berengarius, Berengario) l van Friuli (899 - 901)

Berengarius keerde daarop terug naar Pavia als koning. Inmiddels was er chaos ontstaan, omdat de eerste invallen van de Magyaren plaatsvonden. Onder leiding van Árpád (896-907) waren in 896 zeven Magyarenstammen in westelijke richtinggetrokken om zich in de vlakten tussen de Midden-Donau en de Tisza (het Karpatenbekken) te vestigen het gebied dat onder de Romeinen deel uitmaakte van de provincie Pannonia.

Er ontstond twijfel over de geschiktheid van Berengarius als koning om de orde te herstellen. Daarom steunde de adel een andere gegadigde voor de troon: Lodewijk lll Bosonides van Provence.

Italië (896 - 1002)

Gemaakt: 20-06-04; laatst gewijzigd: 27-04-05

colofon