3221

Oost-Francië (870 - 887)

Oost-Francië (843 - 870); Lotharingen (855 - 870)

  Lodewijk ll de Duitser (843 - 876) (vervolg)

In 870 dwong Lodewijk ll de Duitser Karel de Kale van West-Francië het verdrag van Meersen te tekenen, waarbij de erfenis van Lothar ll die in 869 zonder wettige opvolger was overleden tussen hen beiden werd verdeeld. 

Lodewijk ll kreeg het oostelijke deel van Lotharingen (met de Lage Landen boven de rivieren)

Karel ll kreeg het westelijke deel (met het zuidelijke deel van de Lage Landen (waaronder Brabant en Zeeland). De grens van het rijk kwam hierbij ongeveer samen te vallen met de loop van de Saône en de Maas.

Nadat Karel ll de Kale (Charles le Chauve) zich in 875 had laten uitroepen tot Rooms keizer én tot koning van Italië, viel Lodewijk ll de Duitser het rijk van Karel ll (West-Francië) aan. Lodewijk ll was te oud om in het strijdperk te treden, maar zijn zoon "Lodewijk lll, "de Jongere" nam de honneurs waar. 

Bij Andernach (8 oktober 876) werd Karel ll verpletterend verslagen. Lotharingen werd definitief aan Oost-Francië toegevoegd. In hetzelfde jaar (bij het begin van de veldtocht) kwam Lodewijk ll te overlijden. Hij werd begraven in de abdij van Lorsch, 10 km ten zuiden van Darmstadt.

Na de dood van Lodewijk ll (28 augustus 876) werd het Oost-Frankische Rijk verdeeld over zijn drie zoons: Karloman (Carloman) werd koning van Beieren, Lodewijk lll de Jongere (876-882), werd koning van Saksen en zijn jongste zoon Karel lll, bijgenaamd 'de Dikke' koning van Zwaben (Schwaben) (ZW-Duitsland, N-Zwitserland) (876-882).

Links: Slag bij Andernach (8 oktober 876)

Karel de Kale van West-Francië werd na de dood van Lodewijk II (876) in Italië, door de Paus tot keizer gekroond. De Paus hoopte tevergeefs dat Karel vervolgens de orde in Italië zou herstellen, maar Karel had zijn handen vol aan zijn binnenlandse problemen. 

In 876 steunde Karel Hugo, de onwettige zoon van Lothar ll bij zijn poging zijn erfdeel Lotharingen terug te veroveren. Hugo werd verslagen en door paus Johannes Vll verbannen.

Links: Poortgebouw van de Abdij van Lorsch dat in de 8e eeuw in koninklijk bezit was gekomen. De Abdij van Lorsch bezat vele domeinen, o.a. in de Lage landen. Lodewijk de Duitser had de Abdij aanzienlijk laten uitbreiden (de nog resterende gebouwen dateren uit zijn tijd).

Lodewijk lll (de Jongere) (876 - 882), koning van Saksen

Nadat Lodewijk lll van Neustrië in 879 de Noormannen aan de Vienne had verslagen, bond hij de strijd aan tegen koning Lodewijk lll van Saksen. Zonder succes, want in 880 moest hij bij het verdrag van Ribémont zijn deel van Lotharingen afstaan aan de Saksische koning, die de opstand van de Franse aanzienlijken had gesteund. 

In datzelfde jaar (880) overleed Karloman van Beieren, de broer van Karel lll. Hij liet een bastaardzoon achter, Arnulf. Deze kreeg uit de erfenis het markgraafschap Karinthië toebedeeld. Lodewijk lll van Saksen overleed twee jaar later (882) en liet alleen een dochter na. Zodoende had Karel lll nu het rijk alleen.

Karel lll de Dikke (Karl der Dicke) (882 - 887)

Karel lll regeerde nu als keizer over Oost-Francië, Beieren, Karinthië, Pannonië, Bohemen en Moravië.

In 882 bonden Karel lll en Lodewijk lll van Neustrië gezamenlijk de strijd aan tegen Bosso, de koning van Neder-Bourgondië, hertog van Italië en Provence en graaf van Vienne en Autun, die zichzelf in 881 tot zeer groot ongenoegen van beide Frankische koningen had uitgeroepen tot koning van Aquitaine. Boso werd verslagen en moest zijn gebieden, op het graafschap Vienne na, aan Karel lll afstaan. 

De Paus die nog steeds dringend in nood zat, zocht nu steun bij Karel lll in zijn strijd tegen de Saracenen. Voor zijn diensten zou hij worden beloond met de keizerskroon. Karel reisde naar Rome, ontving de kroon van Italië en werd door de Paus verheven tot keizer. Daarna vertrok hij, zonder de paus enige hulp te hebben geboden.

Op 12 december 884 stierf de 16-jarige Westfrankische koning Karloman aan een beenwond opgelopen tijdens de jacht. De Westfrankische edelen nodigden keizer Karel lll, koning van Oost-Francië en Italië ook het westen over te nemen. Hiermee werd het Karolingische Rijk weer herenigd. 

De hervonden eenheid binnen het Frankische rijk zou echter niet langer dan zo'n twee jaar duren en dit had alles te maken met het gebrek aan leiderschap en politiek inzicht van Karel III. In West-Francië had niet Karel, maar een zekere hertog Hugo (Hugues) de feitelijke macht in handen. In hetzelfde jaar verloor hij Italië aan hertog Guido van Spoleto.

De problemen ontstonden toen Karel 'de Dikke' uitzichtloze veldtochten naar Bohemen en Italië uitvoerde, terwijl de Noormannen ondertussen ongehinderd de Rijn, Schelde, Seine en Maas op- en afvoeren en naar hartelust moordden en plunderden. In 884 werd Karel III gedwongen een schatting van 2412 pond in goud en zilver te betalen aan de Gotfrid de Deen en Sigfrid. Op die manier hoopte hij verdere plunderingen te kunnen voorkomen. Ze kregen bovendien Friesland als "leen" maar gingen desondanks gewoon door met plunderen.

In 885 ondernam Hugo, de onwettige zoon van Lothar ll (855 - 869) terwijl Karel lll in Italië verbleef, een poging,  om met steun van Gotfrid de Deen de Lotharingse kroon te veroveren. Deze poging liep op niets uit, doordat Gotfrid na een geslaagde samenzwering door  Eberhard van Hamaland uit de weg werd geruimd, waarmee de stichting van een Noormannenrijk in Friesland werd voorkomen. Hugo werd in Gondreville in een hinderlaag gelokt en gevangen genomen. Als gruwelijke straf voor zijn opstand werden zijn ogen uitgestoken en moest hij de laatste jaren van zijn levensjaren als monnik slijten in het klooster in Prüm.

In Noord-Frankrijk bleven de Noormannen echter actief. In 886 werd Parijs opnieuw door hen belegerd (z. West-Francië). De verdedigers van Parijs, graaf Odo (Eudes) en zijn broer Robert, deden een wanhopig beroep op keizer Karel III om hulp. Deze stuurde zijn beste generaal, maar tevergeefs. In oktober van dat jaar kwam Karel hoogstpersoonlijk met een leger naar Parijs en sloeg zijn kamp op, op de heuvel van Montmartre net buiten de stad. Na een harde slag met grote verliezen aan beide zijden wist Karel lll niets beters te bedenken dan de Noormannen af te kopen en ze toe te staan om in Bourgondië te "overwinteren" (lees: plunderen).

Naast deze tegenslag had Karel 'de Dikke' te kampen met een slechte gezondheid. Hij werd geplaagd door verschrikkelijke hoofdpijnen. Na het debâcle in Parijs trok de doodzieke keizer zich op zijn landgoed terug en bracht daarmee de genadeslag toe aan de geloofwaardigheid van de Karolingische koningen. In 887 onderging hij een trepanage. Daarbij werd er een gaatje in de schedel gemaakt om de druk te verlichten. Een medische handeling die ook vandaag de dag nog als zeer risicovol wordt beschouwd!

Karel lll  had bewezen geen figuur te zijn, die het belangrijke werk van Karel de Grote kon voortzetten. Zowel de Oost-Franken als de West-Franken hadden al spoedig genoeg van zijn slappe bestuur, vooral van zijn erbarmelijke toegevendheid jegens de Noormannen. In 877 werd hij gedwongen zijn keizerskroon af te zetten. Daarmee kwam er in het Oosten een eind aan de erfopvolging en deed de gekozen vorst zijn intrede. 

Arnulf van Karinthië (de onwettige zoon van zijn broer Karloman van Beieren en Liutwindis werd door de groten van het rijk tot koning van Oost-Francië verheven. In West-Francië werd hij opgevolgd door Karel 'de Eenvoudige'  In Italië werd Berengarius I van Friuli, een kleinzoon van Lodewijk de Vrome, tot koning gekroond. Lodewijk lll werd koning van Provence en Raoul (Rodolphe) van Bourgondië koning van Lotharingia.

Op 13 januari 888, kort na zijn afzetting, overleed Karel III te Neudingen vlakbij Fürstenberg aan de Donau. Hij werd begraven in de abdij van Reichenau. Zijn huwelijk met Richargdis (dochter van een Elzasser graaf) was kinderloos gebleven zodat hij geen wettige erfgenaam naliet, alleen een bastaardzoon Bernard (geboren uit zijn relatie met een onbekende vrouw). Deze overleed echter al in zijn tienerjaren en kon de dynastie dus ook niet voortzetten.

Oost-Francië (887 - 900)

Gemaakt: 25-03-05

colofon