5183 | West-Francië (843 - 870) |
![]() |
![]() |
Karel de Kale werd geboren in Frankfurt am Main als jongste zoon van keizer Lodewijk de Vrome, de enige uit diens tweede huwelijk, met Judith van Beieren. Karels erfenis had hij niet zonder slag of stoot gekregen. Zijn halfbroers Lodewijk de Duitser en Lothar I dienden na de dood van Lodewijk de Vrome in 840 te worden bestreden. In 842 sloot hij met Lodewijk de Duitser de Eed van Straatsburg tegen Lothar. |
![]() |
Karel de Kale was eerst gehuwd met Ermentrudis van Orléans en later met Richildis, dochter van Bivinus van Metz, beiden uit Frankische huizen. Twee van zijn kinderen uit het eerste huwelijk overleefden hem: Lodewijk de Stamelaar, die hem opvolgde en Judith van West-Francië. Judith werd rond Kerstmis 861 te Senlis geschaakt door de eerste graaf van Vlaanderen, Boudewijn I met de IJzeren Arm. Vermoedelijk vluchtten ze naar het Kasteel van Rumbeke, later via Lotharingen zelfs naar Rome. Hij huwde haar een jaar later te Auxerre, na tussenkomst van de toenmalige paus, en legde daarmee de grondslag van het Graafschap Vlaanderen. In 860 probeerde Karel tevergeefs de bezittingen van Lothar' zoon |
![]() |
In 870 dwong
Op 25 december 875 werd Karel ll de Kale door paus |
Nominoë was door |
![]() |
In 843 overwinterden de Vikingen op het eiland Isle Noirmountier in de Loire en hielden een rooftocht naar Nantes. In 844 verschenen de Denen in de Garonne en vestigden zij er een basis voor hun vikingschepen. Van daaruit waagden zij zich tot aan de streken van Toulouse (845). Ook Bordeaux was enige tijd in handen van de Vikingen. Na de inname van de stad Sevilla (844) ontdekten de Vikingen ook de doorvaart naar de Middellandse Zee, en plunderden daarna ook de kustgebieden van Noord-Afrika, het Iberisch schiereiland en voeren de Rhône op. |
De Vikingen stichtten vaste nederzettingen aan de mondingen van de Seine en de Loire en van daaruit ondernamen zij regelmatig plundertochten, diep het land in. ± 857 werd Parijs opnieuw door de Vikingen veroverd. Bij voorkeur plunderden zij kerken en kloosters, waar ze altaren, reliekschrijnen en andere kostbaarheden roofden. Ook op wijn waren ze verzot. Grote afstanden legden ze af alleen met het doel wijn te bemachtigen. En zelden ontmoetten zij tegenstand. | ![]() |
Groepen uit de Westfrankische aristocratie zetten ± 861 werd Parijs door de Vikingen aangevallen. In 865 vestigde een vloot van 50 vikingschepen een basis nabij Parijs. In 868 wist Orléans een aanval van de Vikingen af te slaan. |