6053 |
Heilige Roomse Rijk (1298 - 1400) |
![]() |
Na een rusteloos leven stierf Rudolf von Habsburg, 73 jaar oud, aan de jicht in Speyer. Met zijn dood kwam er een eind aan een periode van rust en orde in Duitsland en kregen de ontbindende krachten weer vrij spel. Met Duitslands politieke grootheid was het eeuwenlang gedaan. Albrecht was een krachtige maar harde figuur, die echter het vermogen van zijn vader de genegenheid van het volk te winnen miste. Hij was in 1274 getrouwd met met Elisabeth van Karinthië (rond 1262-1313), dochter van graaf Meinhard II van Gorizia-Tirol en Elisabeth van Beieren. Uit dit huwelijk werden 11 kinderen geboren. |
![]() |
Albrecht I was hertog van Oostenrijk en Stiermarken, eerst met zijn broer Rudolf en vanaf 1283 alleen. Hij was de oudste zoon en het tweede kind van Rudolf I van Habsburg en Gertrude van Hohenburg. De macht van de Duitse koningen was na de Investituurstrijd danig beperkt, wat duidelijk bleek toen Albrecht in 1300 naar Nijmegen toog om zich met de opvolging van Jan I van Holland (de zoon van Floris V) te bemoeien. Hij werd weggejaagd door een leger onder leiding van de nieuwe graaf van Holland, Jan II van Avesnes Jan van Henegouwen.
Albrecht was even getalenteerd als zijn vader, maar het ontbrak hem in tegenstelling tot zijn vader evenwel aan menselijke warmte en aan zin voor humor. Dat is waarschijnlijk de reden dat Albrecht nooit zo populair werd zoals Rudolf. Ook zijn afschrikwekkend uiterlijk deed meer kwaad dan goed (hij verloor in 1295 een oog). Al snel zou Albrecht veel vijanden maken, waaronder zijn schoonbroer Wenceslas III van Bohemen. Albrecht kreeg niet de tijd om tot keizer te worden gekroond. In 1308 werd hij vermoord door zijn neef Jan van Habsburg (1290-1313), postume zoon van zijn broer Rudolf, die niet de door Albrecht afgesproken compensaties had gekregen. Het Habsburgse huis had erfelijke bezittingen in noordwest Zwitserland en toen de Habsburgers de Oostenrijkse erflanden verworven hadden, sloegen zij het oog op het tussenliggende gebied om het Vierwoudstedenmeer, de drie kantons Unterwalden, Uri en Schwyz. z. verder: Zwitserland
Hendrik Vll, was sinds 1288 graaf van Luxemburg. Hij vertrok in 1310 naar Italië, naar aanleiding van de strijd tussen de Welfen en Ghibellijnen; nadat hij in 1311 tot koning van Italië was gekroond, volgde in 1312 de kroning tot keizer: niet in de Sint Pieter (die werd bezet door de Welfen), maar in de basiliek Sint Jan van Lateranen); hij verwierf Bohemen voor zijn zoon Jan; hij stierf tijdens de voorbereidingen voor een veldtocht tegen Napels; in het Paradiso van Dante wordt hij bezongen als redder van Italië. Na de dood van Hendrik VII in 1313 ontbrandde de strijd om de opvolging tussen Friedrich l, de hertog van Oostenrijk (bijg. de Schone), de zoon van Albrecht I en de zoon van Heinrich Vll: Ludwig IV van Beieren.
|
![]() |
In 1322 (28 september) versloeg Ludwig lV zijn tegenstander Friedrich van Oostenrijk bij de slag bij Mühldorf (Ampfing). Deze slag staat bekend als de laatste ridderstrijd zonder vuurwapens. Om een verzoening met de Habsburgers tot stand te brengen, erkende Ludwig zijn tegenstander Friedrich als medekoning. Op 17 januari1328 werd Ludwig gekroond als keizer van het HHR. Ludwig lV raakte in conflict met paus Ludwig lV raakte ook in conflict met de Franse koning, maar verzoende zich met hem. Onder zijn regering werd beslist dat de verkiezing van de Duitse koning door de keurvorsten geen pauselijke toestemming nodig had. Ludwig lV was eerst getrouwd met Beatrix van Silezië-Glogau. (1292-1322). Na haar dood in 1322 hertrouwde hij in 1324 met met gravin Margaretha van Holland; de oudste zuster van graaf Willem IV. Toen graaf Willem lV van Holland in 1345 stierf zonder kinderen na te laten, kwamen de graafschappen Holland, Zeeland en Henegouwen in zijn bezit. Hij gaf deze graafschappen in leen aan zijn echtgenote Margaretha. Onder druk van de protesten tegen dit besluit, wees zij in 1354 haar toen 13-jarige zoon Willem aan als stadhouder (= plaatsvervanger) en vertrok zelf weer naar Duitsland. Door een uitgekiende huwelijkspolitiek wist Ludwig lV zijn macht te verstevigen: Zijn oudste zoon huwelijkte hij uit aan Margaretha Maultasch van Tirol. Aangezien dez eerst gehuwd was geweest met Johan Hendrik van Luxemburg, leidde dit huwelijk tot een verbond tussen het huis Luxemburg en paus Clemens VI; In 1347 overleed Ludwig bij een jachtpartij. |
In 1346 werd Karel I van Bohemen uit het huis der Luxemburgers gekozen tot koning van Duitsland. Hiervoor was echter zijn eigen voorkeurstem nodig! Hij werd gesteund door drie andere keurvorsten. Ludwig IV van Beieren liet zich niet zo maar wegsturen. Hij kreeg steun van enkele Duitse steden en bereidde zich op een oorlog voor. Door het vroege overlijden van Ludwig IV werd Duitsland een burgeroorlog bespaard. Karel lV was de zoon van Jan de Blinde en de kleinzoon van Hendrik, de toenmalige Roomse keizer en koning van Bohemen. Zijn moeder was Eliska, de zuster van de laatste der Přemysliden. Bij zijn geboorte kreeg hij de naam Wenceslaus (Václav), naar de patroon van het Boheemse volk. Jan hield echter niet van zijn koninkrijk en ook niet van zijn vrouw. Hij ging zelfs zo ver dat hij Eliska liet inkerkeren in het klooster van Melník. Zijn zoon nam hij mee naar Frankrijk. Wenceslaus werd opgevoed in Parijs en kreeg bij zijn vormsel de naam Karel.
|
![]() |
![]() |
Hij huwde daar ook met de jonge Blanche van Valois, de dochter van Karel van Valois en zuster van de Franse koning Filips lV de Schone van Frankrijk. Zij kregen twee dochters: Margaretha, die trouwde met Lodewijk l van Hongarije en Catharina, die trouwde met aartshertog Rudolf lV van Oostenrijk.
In 1333 werd hij door zijn vader belast met het bestuur van Bohemen en Moravië. Zijn vader, gesteund door Paus Clemens VI en de Franse koning Filips VI, wist te bewerken dat Karel in 1346 werd gekozen tot Duits koning. Na het overlijden van Blanche van Valois in 1348 hertrouwde hij met Anna van de Pfalz. Na haar overlijden in 1353 hertrouwde hij met Anna van Silezië. Bij haar kreeg hij twee kinderen: Elisabeth die trouwde met Albrecht lll van Oostenrijk en Wenceslaus. |
In 1355 werd hij ook gekozen tot koning van Italië en enkele maanden later tot Duits keizer. Na zijn kroning in 1355 door de paus mocht hij zich pas echt Rooms Keizer noemen. Toch was hij daarvoor ook al keizer, omdat onder zijn voorganger, Lodewijk de Beier, bepaald was dat een door de keurvorsten verkozen kandidaat al vóór zijn kroning door de paus rechtmatig koning van het Duitse Rijk was. Karel was tevens koning van Bohemen. In 1353 deed hij afstand van de titel graaf van Luxemburg ten gunste van zijn halfbroer Wenceslaus, die hij het jaar daarop tot hertog verhief. In 1356 vaardigde hij de beroemde Gouden Bul uit die de wijze van verkiezing van de keizer van het Heilige Roomse Rijk door de zeven Duitse keurvorsten vastlegde. Vanaf 1365 was hij bovendien koning van Bourgondië.
In 1362 hertrouwde hij voor de vierde keer met Elsabeth von Pommern, dochter van hertog Boguslaw V van Pommeren. Samen kregen zij zes kinderen: Anna, die trouwde met Richard ll van Engeland, Sigismund, Jan, die trouwde met Richardis van Mecklenburg, dochter van koning Albrecht van Mecklenburg van Zweden, Karel, Margaretha en Hendrik. Karel en Hendrik stierven al op heel jonge leeftijd. Sigismund streed mee in de verloren kruistocht van Nicopolis (1396) tegen de Turken. Karel IV bekommerde zich voornamelijk om de uitbreiding en de welvaart van zijn erflanden. Door zijn eigen vier huwelijken en door die van zijn kinderen verstevigde hij de macht in die landen. Hij bevorderde in Bohemen en Moravië de Franse en Duitse cultuur en stichtte in 1348 de Universiteit van Praag. De oude burcht Hradcany uit de negende eeuw liet hij geheel verbouwen. Hij gaf de opdracht om de St. Vituskathedraal verder op te bouwen en liet Praag aanzienlijk vergroten door de aanleg van de huidige Nieuwe Stad. Ook bouwde hij de Karelsbrug en vele andere bouwwerken. Karel IV die een autobiografie schreef, stierf in 1378. |
Wenzel stond voornamelijk bekend als een drinkebroer. De macht van de Luxemburgers brokkelde onder hem snel af. Op 20 augustus 1400 werd hij afgezet wegens dronkenschap en algehele onbekwaamheid. Hij bleef tot 1419 koning van Bohemen. Op 16 augustus van dat jaar kwam hij te overlijden en zijn broer Sigismund volgde hem op als koning van Bohemen. Dit leidde tot aanzienlijke onrust, want vermoed wordt dat Sigismund zijn broer had omgebracht om zelf op de troon te gaan zitten. laatst bijgewerkt: 17-12-03 |
![]() |