3824 |
Carthago (300 - 200 v. Chr.) |
![]() |
|
Nadat de Carthagers in het bezit waren gekomen van Oost-Sicilië, raakten zij in conflict met Rome (264 v. Chr.). Dit conflict groeide uit tot de eerste Punische oorlog (264-241 v. Chr.) Geleidelijk aan werd het Carthaagse grondgebied afgeknabbeld, maar de voornaamste steden van Oost-Sicilië bleven in Carthaagse handen, omdat ze gemakkelijk per schip konden worden bevoorraad. Na de nederlaag bij (Mylae, 260), bij Messana, het verlies van Corsica (258) en de nederlaag bij Kaap Economus. (256), weten de Carthagers de Romeinse troepen die op het Afrikaanse continent geland waren bij Carthago een gevoelige nederlaag toe te brengen (255). In 254 verliezen de Carthagers het fort bij Panormus (Palermo). Bij een poging dit fort te heroveren (250) leiden de Carthagers opnieuw een flinke nederlaag. Nog 9 jaar duurde de strijd, voor dat in 241 een vredesverdrag werd getekend. Bij dit verdrag verplichtte Carthago zich alle aanspraken op Sicilië op te geven, haar oorlogsschepen buiten de Romeinse wateren te houden, geen Romeinse bondgenoten aan te vallen en binnen tien jaar aan Rome een enorme schadevergoeding te betalen.
De Carthagers herstelden zich snel van de nederlaag. Zij veroverden de oostkust van het Iberisch schiereiland en kwamen daardoor in het bezit van de daar aanwezige rijke goud- en zilvermijnen. Aan de zuidoostkust stichtten zij de stad Carthago Nova. De vredesvoorwaarden die de Carthagers na de tweede Punische oorlog (218-202 v. Chr.) door Rome werden opgelegd, waren ronduit vernederend. Er moest een enorme oorlogsschuld worden betaald, de gehele Carthaagse vloot moest op tien schepen na worden vernietigd en alle bezittingen overzee moesten worden opgegeven. Iberia (Spanje) met zijn rijkdommen aan mineralen, zoals koper, ijzer, tin, lood, zilver en goud aan Rome af te staan. Verder mocht Carthago voortaan geen oorlogen of verdragen sluiten zonder toestemming van Rome. Kortom: Carthago werd geknecht. Met Hannibal liep het na de nederlaag bij Zama (202 v. Chr.) slecht af. In 195 moest hij na politieke intriges Carthago ontvluchten. Hij belandde aan het hof van laatst bijgewerkt: 11-05-06 |