2844 |
Rome (31 v. Chr. - 14 n. Chr.) |
![]() |
In 31 v. Chr. was Octavianus op 32-jarige leeftijd de onbetwiste heerser over het Romeinse Rijk geworden. Alle rivalen waren uitgeschakeld en niemand durfde zijn positie meer te bedreigen. De regeringsvorm die nu ontstond wordt wel het principaat (regering van de "eerste") genoemd (zijn gewenste aanspreektitel was dan ook princeps). Dit is afgeleid van de oude functie van princeps die Octavianus echter bekleedde met de verschillende bevoegdheden die aan zijn persoon waren toegekend. De senaat bleef bestaan, maar werd ingeperkt door de door henzelf4 aan Augustus toegekende bevoegdheden: * tribunica potestas, oftewel de onschendbaarheid van de volkstribunen: hij kon nu niet meer worden aangeklaagd. Deze bevoegdheid liet hem tevens toe zijn veto te stellen; * imperium maius (hoogste opperbevel) over praktisch alle legioenen; * Pontifex Maximus (opperpriester, cf. aartsbisschop) * en de titel princeps ('eerste onder de senatoren'), wat hem toeliet als eerste zijn mening te geven in de senaat. Daarnaast gaf deze titel hem ook een groot moreel gezag, wat kon doorwegen in de discussie. |
![]() |
In 28 huwelijkte Octavianus zijn nichtje Claudia Marcella uit aan Agrippa, wat hem hoger in rang bracht als mogelijke opvolger. Uiteindelijk moest Agrippa in 21 v. Chr. scheiden om met Julia Caesaris (maior), de dochter van Augustus te kunnen huwen. Deze was weduwe geworden na de dood van Augustus'neef Marcellus. Zijn opzet slaagde vooral omdat hij zich niet tot dictator liet uitroepen, maar deed alsof hij afstand wou doen van de macht. Dit legde hij in 27 v. Chr. aan de Senaat voor. De Senaat vond dit zo edelmoedig van hem, dat hij de eretitel “Augustus”, de Verhevene kreeg. Hij stond nu aan het hoofd van de hele Romeinse krijgsmacht en werd daarmee de machtigste man van het rijk. Hij heerste als alleenheerser. In alle staatszaken had hij een belangrijke stem. Verder was hij ook opperbevelhebber van het leger. Eenmaal aan de macht ging hij er uiterst behoedzaam toe over, het gehele bestuurssysteem te reorganiseren, waarbij hij in aam de Republiek herstelde, maar in de praktijk steeds meer macht aan zich trok. Links: Agrippa |
Met Octavianus' overwinning op Marcus Antonius was er een eind gekomen aan een lange chaotische periode van Romeinse burgeroorlogen. Hierna had alleen het leger nog iets te betekenen. Het waren dan ook de legeraanvoerders die de machtigste mannen werden van het rijk, maar ze vertrouwden elkaar alleen voor geen cent en bonden met elkaar de strijd aan. Uiteindelijk trad Octavianus als overwinnaar uit de strijd.
Octavianus wilde oorlog en onrust in het Romeinse Rijk vermijden. Hij deed dit onder meer door wegen aan te leggen waardoor het Romeinse leger snel kon oprukken om opstanden de kop in te drukken. De handelsvloot werd beschermd tegen piraten door Augustus' vloot. De vredige periode die 200 jaar zou duren, werd de Pax Augusta genoemd, naar analogie met de Pax Romana die naar absolute vrede streefde6. Augustus vond dat er alleen maar vrede kon heersen in een behoorlijk begrensd rijk dat ten dienste moest staan van een schitterende economische en culturele ontwikkeling. De handel, de industrie en de landbouw namen in deze periode een bijzonder hoge vlucht rond de Middellandse Zee.
|
![]() |
![]() |
De vorm van de noordelijke grens van het Romeinse Rijk op het continent was in grote mate de schepping van Augustus, hoewel zijn oorspronkelijke plan al te ambitieus bleek te zijn. Dit beoogde de onderwerping van alle landen zo ver noordelijk als de Elbe in het westen en de Donau in het oosten. De streken tussen de Alpen en de Donau, Raetia en Noricum, werden het eerst veroverd (Noricum door ![]() ![]() ![]() Tiberius, de stiefzoon van Augustus, was na het huwelijk van zijn moeder Livia Drusilla met Augustus in diens familie opgenomen. Augustus vertrouwde hem enkele belangrijke diplomatieke en militaire zendingen toe, die hij alle tot een goed einde bracht. Zijn militaire loopbaan voerde hem naar het Oosten in 20 v. Chr.. In 12 v. Chr. stierf Links: Tiberius (ca. 13 n. Chr.) |
Na de dood van Drusus nam In het jaar 9 na Chr. leden de Romeinse legioenen van Het staat niet volkomen vast of, toen Augustus in 12 v.C. besloot de grens van de Rijn naar de Elbe te verleggen, het alleen zijn bedoeling was een betere alternatieve grenslijn voor de Rijn te vinden, of dat dit een stap naar grotere ondernemingen gold. Hoe dan ook, hij vergiste zich in de grootte van de taak. Hoewel tegen 5 n.C. de Romeinse legers een groot gedeelte van het gebied tussen de Rijn en de Elbe beheersten, was de streek lang niet geromaniseerd. De Kelten uit Gallië, met hun bestaande stammencentra waren er makkelijk toe gebracht een stadse levenswijze te aanvaarden, maar in het land ten noorden van de Rijn waren er geen dergelijke nederzettingen en de tijd was nog niet rijp om deze te scheppen. Door de poging om de romanisering ten noorden van de Rijn te bespoedigen, wakkerde Varus ongewild de anti-Romeinse gevoelens van de stammen aan. Een vroeger lid van de hulptroepen, Arminius genaamd, het hoofd van de Cherusci, smeedde met naburige stammen plannen om de Romeinen eens en voor altijd te verdrijven en slaagde in deze opzet met goed gevolg. |
In 7 n. Chr. kwamen de Pannoniërs en de oorspronkelijke Illyriërs in opstand. Augustus besefte ten volle dat er vele legioenen nodig waren om de grens te verdedigen tegen de nabije, zeer gevaarlijke, barbaarse stammen (zoals de Quadi en de Marcomanni) en om de bevolking onder controle te houden. Op een bepaald moment waren er zelfs 7 legioenen aanwezig in het gebied Illyricum; dit vond Augustus dan ook weer gevaarlijk aangezien een gouverneur dan direct controle had over 28.000 man elitetroepen. Het antwoord uit Rome was de splitsing van Illyricum in de nieuwe Romeinse provincie Dalmatia en Pannonia. |
De lange regering van Augustus werd meer en meer beheerst door problemen over de opvolging. Daar hij geen eigen zoons had, moest hij terugvallen op de obscuurdere zijtakken van zijn familiestamboom. Maar hij werd voortdurend in zijn plannen gefrustreerd door het successievelijk overlijden van zijn kandidaten. Uiteindelijk moest hij zijn keuze laten vallen op zijn stiefzoon Tiberius, de zoon van zijn derde vrouw Livia, met wie hij echter weinig op had. In de tijd van Augustus was de Romeinse kunst eclectisch. De belangrijkste bronnen voor de beeldhouwkunst waren Grieks en de aanwezigheid van vele geïmmigreerde Griekse beeldhouwers in Rome stuwde deze kunstbeweging voort. De Romeinen gingen niet alleen voort de richtingen van de meest recente Griekse kunst te ontwikkelen, maar zij grepen eveneens terug naar de klassieke en zelfs archaïsche Griekse kunst. Het was Augustus die de beslissende veroveringen van Grieks, of beter gezegd Hellenistische landen maakte toen hij in 30 v.C. Egypte bezette; maar de ontwikkeling waarbij Rome en Italië de Griekse artistieke invloed ondervonden was eeuwen eerder begonnen. De veroveraar Augustus was geboeid door al wat Grieks was en zoals de dichter Horatius ons in een tot de keizer in 15-14 v.C. gerichte brief vertelde: "het veroverde Griekenland nam haar ruwe kaper gevangen en bracht de kunsten naar het boerse Latium." |
Een monument waarin alle richtingen te vinden zijn is de Ara Pacis Augustae, die door Augustus in het Campus Martius werd opgericht ter ere van de vrede die hij de wereld rondom de Middellandse Zee had opgelegd. Het werd in 9 v.C. ingewijd en bestond uit een altaar binnen een muur, die op geïdealiseerde wijze de processie weergaf die had plaatsgevonden op de dag dat het altaar werd ingewijd. De reliëfs zijn gebeeldhouwd in een klassieke stijl die doet denken aan de Attische Reliëfs uit de 5de v.C. | ![]() |
Zijn regeringsperiode was voor het Romeinse Rijk een gouden eeuw met vrede op aarde. Deze periode wordt dan ook wel aangeduid als "De Gouden Eeuw van Augustus". Augustus zette voort waar Julius Caesar mee begonnen was. De kwelgeesten en uitzuigers in de provincie stelde hij onder controle. Voor hem waren alle inwoners van het wereldrijk gelijke onderdanen. Daardoor kwamen de verschillende provincies van het rijk tot bloei, met uitzondering van Griekenland. Dit land had zoveel geleden, dat het die slag niet meer te boven is gekomen. Rome verfraaide hij met tempels, badhuizen en een kolossaal nieuw aquaduct. |
![]() |
De stad Rome wilde hij veranderen van een stad van baksteen in een stad van marmer. Maar op sommige plaatsen, zoals op het Forum mocht het dan wel glanzen van het marmer, de rest van de stad zou hetzelfde blijven met huizen van hout, baksteen en leem. Maar bovenal bracht hij de stad na lange tijd weer rust en vrede. Op een gegeven moment moest hij gaan nadenken over zijn opvolging. De mensen die hij in gedachten had, zijn kleinzoons Gaius Caesar en Lucius Caesar die hij in 17 v. Chr. had geadopteerd, werden door Livia, Augustus’ vrouw, vermoord. Augustus had geen zoons die hem zouden kunnen opvolgen. Hoewel zijn huwelijk met Livia gelukkig was en 53 jaar zou duren. Zij kregen een kind dat echter dood geboren werd. Hun huwelijk bleef verder kinderloos. Op aandringen van Livia adopteerde hij in 4 n.Chr. haar zoon Tiberius, al was Augustus niet erg op hem gesteld. |
Julia, Augustus' dochter uit zijn vorige huwelijk met Scribonia, werd als 2 jaar oude peuter verloofd met de zeven jaar oude zoon van Marcus Antonius. Deze stierf echter al in 30 v. Chr.. Na een kortstondig huwelijk met haar neef Claudius Marcellus 25 v. Chr.-23 v. Chr., die eveneens al snel overleed, trouwde zij in 21 v. Chr. met de 25 jaar oudere |
![]() |
Daarna mocht zij zich, in wat minder slechte omstandigheden, vestigen in Zuid-Italië. Niet minder dan elf jaar bracht zij daar in vrijwel volledige isolatie door en in die periode verloren al haar zoons het leven. Na de moord op haar jongste zoon (Agrippa Postumus) stierf zij de hongerdood in 14, aan het begin van het principaat van Tiberius.
Augustus stierf, ondanks zijn zwakke gezondheid pas in 14 n. Chr. tijdens een reis naar Campanië; hij was toen 76 jaar oud en had 41 jaar geregeerd. Een zelfgeschreven overzicht van zijn daden (Res Gestae divi Augusti) werd als inscriptie voor zijn mausoleum en op ander plaatsen in het rijk aangebracht. Links: het Mausoleum van Augustus in Rome |
Na de dood van Augustus erfde Livia Drusilla de naam en titel Augusta en werd ze bij testament geadopteerd. Haar naam werd voortaan Julia Augusta. De tijd na Augustus' dood werd gekenmerkt door haat tussen haar en haar zoon Tiberius, terwijl zij probeerde de invloed van Lucius Aelius Seianus, prefect van de Praetoriaanse garde, in te dammen.
Bij haar begrafenis was Tiberius niet aanwezig, hij negeerde haar testament en verbood haar vergoddelijking. Haar kleinzoon Claudius deed dat uiteindelijk wel, 13 jaar later. Een hele reeks personen die meer recht op de troon zouden hebben gehad dan Livia's zoon Tiberius was in de loop der jaren op betrekkelijk jeugdige leeftijd overleden. Er bestaan geruchten dat Livia hierin de hand zou hebben gehad, geruchten waaraan ook de historicus Tacitus op zijn minst een zeker geloof schonk. In de roman "I, Claudius" van Robert Graves vormt dit idee een kernstuk van de lijn van het verhaal. Aan de hand van de beschikbare bronnen kunnen deze beschuldigingen echter niet worden bevestigd, maar evenmin definitief ontzenuwd. |
![]() |
laatst bijgewerkt: 19-03-03 |