7201 |
Het Heilige Roomse Rijk (1508 - 1556) |
![]() |
![]() |
![]() In 1508 werd Maximiliaan door Paus |
![]() |
![]()
|
![]() |
In 1524 kwamen duizenden ontevreden boeren in opstand tegen hun landeigenaren. Sommige van deze landeigenaren waren van adel, anderen waren bisschop of abt van een klooster. Zij wilden net als vroeger de boeren tot een horigen maken. Ze dwongen hen tot het betalen van hoge belastingen en ook waren de boeren verplicht om enkele dagen per week op het land van hun landheer te werken. De opstand werd onderdrukt en de landheren bleven de baas. Luther haastte zich te verklaren dat het volk niet het recht had om tegen hun vorsten in opstand te komen, maar "alles aan God moesten overlaten", maar daarmee waren Karel V en de Duitse vorsten niet helemaal gerustgesteld. |
In 1530 werd Karel V door de paus tot keizer van Duitsland gekroond. Als verkiezingsbelofte (zogenaamde kiescapitulatie) had hij de Duitse keurvorsten moeten beloven dat hij geen verbonden zou sluiten zonder de keurvorsten daarin te kennen. Verantwoordelijk voor deze regeling was Frederik de Wijze van Saksen. Deze nam hiermee de hervormer Luther in bescherming. Karel V was voorstander van een verenigd christelijk rijk, maar dit middeleeuwse idee strookte niet met de Habsburgse dynastiepolitiek. Het Heilige Roomse keizerschap was slechts een titel geworden. Duitsland viel weer in deelstaten uiteen en de rest van Karel V's rijk begon al spoedig aan een onafhankelijkheidsstrijd. In de Nederlanden zou in 1568 de Tachtigjarige Oorlog uitbreken.
De blijvende tegenstelling tussen de keizer en het rijksapparaat enerzijds en het ongebreidelde particularisme der rijksstanden, in het bijzonder der territoriale vorsten, anderzijds (in totaal waren er meer dan 2500 staatjes) werden in het tijdperk der Reformatie in aanzienlijke mate verscherpt. In de streken die protestants werden, wisten de betrokken vorsten en stadsbesturen door de secularisering van de kerkelijke goederen en door de vestiging van een eigen kerkelijke organisatie, het Landeskirchentum, hun machtspositie te versterken. Doordat ettelijke geestelijke vorstendommen in wereldlijke omgezet werden, zag de keizer daarentegen zijn invloed vooral in het noordoosten van het Rijk ernstig achteruitgaan. De godsdienstige verdeeldheid, door de Vrede van Augsburg (1555) bezegeld, werd door de beide partijen als ondraaglijk ondervonden; de pogingen, vooral van rooms-katholieke zijde, om het precaire evenwicht alsnog ten eigen gunste te doen omslaan, leidden ten slotte tot de Dertigjarige Oorlog. Moegestreden stoot Karel V de ene na de andere kroon af. In 1556 deed Karel V afstand van de troon en trok hij zich uit de wereld terug. Op 21 september 1558 overleed hij in Estremadura. Ferdinand volgde hem in Duitsland op als keizer van Duitsland. Zijn zoon Reformatie en Contra-reformatieDe Reformatie begon toen Luther in 1517 zijn 95 stellingen tegen de aflaathandel op de slotkapel van Wittenberg hamerde. Zijn leer werd in de jaren 1522-1526 in verschillende Duitse landen en steden ingevoerd. De protestanten streefden niet alleen religieuze, maar ook sociale hervormingen na, onder meer in reactie op de boerenoorlogen. Na de secularisatie van veel protestants geworden kerkelijke vorstendommen zag keizer Karel V zijn invloed afnemen, met name in Noord-Duitsland. In de Schmalkaldische Oorlog (1546-1547) versloeg hij wel het protestantse Schmalkaldisch Verbond en in 1555 werd de Godsdienstvrede van Augsburg gesloten. Als reactie op de Reformatie werd ook in Duitsland de Contrareformatie ingezet. Naast de Inquisitie ter vervolging van "afvalligen", ontstonden er verschillende nieuwe ordes, waaronder die der jezuïeten. Keizer Maximiliaan II neigde naar het protestantisme, maar bekeerde zich om politieke redenen niet. De Contrareformatie verscherpte zich onder keizer Rudolf II en leidde tenslotte tot de Dertigjarige Oorlog (1618-1648). |
laatst bijgewerkt: 02-07-05 |