7222 |
Frankrijk (1515-1547) - Frans l |
![]() |
![]() Na de dood van De Renaissance deed zijn intrede. Frans l liet vele beelden, schilderijen én beroemde kunstenaars als Leonardo da Vinci uit Italië overkomen. Ook reisden geleerden en kunstenaars vanuit andere landen naar Italië om de antieke overblijfselen met eigen ogen te zien en met hun geestverwanten ter plaatse ideeën uit te wisselen. Dit laatste werd een stuk gemakkelijker vanaf 1470, toen de boekdrukkunst werd uitgevonden: boeken van en over antieke auteurs konden nu in grote oplage worden uitgegeven en over heel Europa worden verspreid. Rond 1550 zijn ook in o.a. Frankrijk, Spanje, Engeland, de Nederlanden, Duitsland en de Scandinavische landen de wetenschappen en kunsten in de greep van de Klassieke Oudheid. |
![]() |
Frans l (1515-1547) |
![]() |
Frans l was de eerste koning die absolute macht had. Hij bepaalde in 1539 dat alle officiële akten in het Frans opgesteld moesten worden.
De buitenlandse politiek van Frans l werd beheerst door de strijd tegen de omsingeling van Frankrijk door Habsburg en om de invloed in Italië en het bezit van Bourgondië. Nadat hij na de Slag van Marignano (1515) het hertogdom Milaan op de Sforza's had veroverd, voerde hij vier oorlogen met keizer Karel V. In de Italiaanse oorlogen van 1521–1526, naar aanleiding van de verkiezing van Karel V tot keizer in 1519–20, ging Milaan verloren, liep de Connétable de Bourbon over en moest de in de Slag bij Pavia gevangen genomen koning de zeer nadelige Vrede van Madrid sluiten. Thuisgekomen weigerde hij het beloofde Bourgondië af te staan en verbond zich in de liga van Cognac (1526) met Engeland, de paus, Venetië, Florence en Milaan. Na de nu volgende oorlog (1526–1529) mocht hij echter blij zijn met het compromis van de zgn. Damesvrede van 1529, waarbij hij vrijwel al zijn aanspraken moest opgeven. Links: De wenteltrap van het kasteel in Blois werd tussen 1515 en 1524 gebouwd in opdracht Frans l. De stijl is kenmerkend voor de vroege Franse renaissance. |
In 1530 huwde hij zelfs Karels zuster Eleonora, koningin-weduwe van Portugal. Intussen poogde hij met het behoud van de vriendschap met Binnenslands had de politiek van de koning meer succes. Hij slaagde erin het koningschap stevig te bevestigen, waarmee hij de grondslagen legde voor het absolutisme. In 1516 sloot hij een concordaat met paus Leo X en kreeg daarmee in feite het recht kerkelijke ambten te vergeven. Zelf zeer geschoold in de humanistische ideeën bracht de koning begrip op voor de Hervorming, hoewel hij deze, nadat zij een uitgesproken antikatholiek karakter had gekregen, onderdrukte (1534–1535 en vooral na 1540). En de officiële lijn van de koning was sinds Frans I duidelijk antireformatorisch. De Waldenzen, die zich sinds 1532 aangesloten hadden bij de Zwitserse reformatie werden zwaar vervolgd. Leden van de plaatselijke adel namen hen soms in bescherming. Zij durfden dat doen, mede doordat vanuit Genève hen duidelijke geluiden bereikten dat de reformatie mocht, ja moest nagestreefd worden ondanks verboden van overheidswege. De lagere adel had van Calvijn in dezen zelfs de permissie en opdracht gekregen om des gewetenswille hierin subversief te zijn. Na zijn dood in 1547 volgde zijn zoon
laatst bijgewerkt: 07-02-04 |