3034

Oostelijke Provincies
Arcadius Augustus v.h. Oosten (395 - 408)

Oostelijke provincies (379 - 395)
 

Sinds de dood van Theodosius l (395) werd het oostelijke deel van het Romeinse rijk als eerste keizer geregeerd door zijn 18 jarige zoon Flavius Arcadius. Aanvankelijk stond hij onder voogdij van opperbevelhebber Stilicho, die ook regent was van zijn jongere broer Honorius, keizer van de Westelijke provincies van het rijk. 

Arcadius was een passief werktuig van gunstelingen als de Pretoriaanse prefect Flavius Rufinus, de hofeunuch Eutropius en later (399-403) van zijn (van afkomst Frankische) vrouw Aelia Eudoxia

rechts: Arcadius

Aelia Eudoxia (Eudokia, Eudocia) was de dochter van de Frankische hoofdman Bauto, magister militium onder keizer Gratianus, augustus van het Westen (375-384). Ze verscheen aan het hof in Constantinopel in het gezelschap van Promotus, een magister militum en vertrouweling van Arbogastes, de opvolger van haar vader die in 394 overleed. Mogelijk kende Arcadius haar al vóór zijn keizerschap, de bronnen zijn daarover niet duidelijk. Wellicht was Arcadius' vader Theodosius een tegenstander van het huwelijk, want het paar trouwde in 395 direct na zijn dood.

De machtige Frankische en Gotische connecties van Eudoxia hebben een sterke invloed gehad op haar rol en prestige aan het hof. De naam Rufinus duikt regelmatig op in verband met intriges rond Eudoxia. Onduidelijk is of haar machtige vrienden, of Eudoxia zelf de agenda bepaalde. 

In 400  werd Eudoxia tot augusta verheven. Wat zeker is, in deze jaren (tot haar dood in 404) probeerde Eudoxia het patronaat van de kerk van Arcadius over te nemen. Er bestaan documenten die uitwijzen dat Eudoxia een synode bijeen kon roepen en dat niet haar man, maar zij werd geconsulteerd bij kerkelijke aangelegenheden. Vijf van haar kinderen overleefden de zwangerschap: Flaccilla (397) Pulcheria (399) Arcadia (400) Theodosius (401) en Marina (402)

Er wordt gefluisterd dat Theodosius een zoon was van een van haar (vele) bedgenoten. Zosimus beschrijft haar als een nimfomane, gecontroleerd door eunuchs en bepaalde dames in de hofhouding van Arcadius. Philostorgius is iets milder, hij typeert haar eufemistisch als "minder saai dan haar vrome echtgenoot". Dit negatieve beeld in de christelijke geschiedschrijving kan ook een gevolg zijn van haar vete met Johannes Chrysostomus, de bisschop van Constantinopel.

In 397 vielen de Visigoten de Peloponnesos binnen. Noodgedwongen, riep Arcadius de hofeunuch Eutropius, opnieuw Stilicho's hulp in. Deze rukte op naar Noord-Griekenland en overschreed daarvoor de grens tussen beide helften van het Romeinse Rijk. Arcadius vreesde dat Stilicho zich meester wilde maken van Illyricum, dat door door zijn vader Theodosius als Oost-Romeins gebied was aangewezen. Arcadius wilde die provincie zeker niet kwijtraken, want deze had altijd de beste soldaten opgeleverd. 

Prefect Rufinus protesteerde fel tegen Stilicho's schending van het Oost-Romeinse grondgebied en eiste zijn onmiddellijke terugtrekking. Verrassend genoeg trok Stilicho zich terug, maar liet wel enkele legioenen achter onder bevel van de Gotische generaal  Gainas. Deze rukte op naar Constantinopel waar werd opgewacht door Rufinus. In plaats van te worden ingehaald als de nieuwe augustus, zoals Rufinus verwachtte, werd hij door de soldaten van Gainas neergestoken. Het lag voor de hand dat deze moord een complot was van Stilicho en de verhoudingen tussen oost en west werden er ernstig door geschaad. De positie van Rufinus als macht achter de troon, werd ingenomen door de oude, maar slechte hofeunuch en gouverneur Eutropius.

Alaric wist te ontkomen. Volgens Eutropius had Stilicho hem laten gaan, zodat hij het oosten kon blijven teisteren en verklaarde Stilicho tot publieke vijand. Intussen vormde Alaric een dusdanige bedreiging voor het oosten, dat Eutropius hem omkocht voor vrede door hem te benoemen tot opperbevelhebber op de Balkan. Een gedeelte van het Visigotische leger lijfde hij in bij het Romeinse leger, maar de Visigoten bleven in Macedonië rondzwerven en lieten er een spoor van vernieling achter. 

Hetzelfde jaar (397) brak er in Africa een opstand uit, onder de militaire commandant Gildo. Deze verklaarde niet langer deel te willen uitmaken van het westelijke deel van het Romeinse rijk (het rijk van Honorius), maar van het oosten (het rijk van Arcadius). Dat zou een grote tegenslag beteken voor het westen, want daarmee zou Rome zijn grote graanleverancier kwijtraken. Stilicho beschuldigde Eutropius ervan de rebellen in Africa te hebben opgestookt tot deze opstand, maar volgde niet het advies van anderen om het oosten de oorlog te verklaren. In plaats daarvan smeedde hij een complot om Eutropius in diskrediet te brengen, wat hem ook lukte: Eutropius werd uit zijn functie gezet en verbannen (399). De lege positie viel nu toe aan Gainas en zes maanden later (400) aan Arcadius' echtgenote Aelia Eudoxia, die de positie kreeg van Augusta.

Gebruikmakend van de onenigheid tussen beide helften van het Romeinse Rijk, trokken de Alanen samen met de Sueben en de Vandalen in 401 over Noricum binnen, de provincie ten zuiden van de Donau (Oostenrijk). Als dank voor hun bewezen diensten in de strijd tegen de Visigoten (402-403), werden de kolonies van de Alanen in Noricum door Stilicho erkend, maar deze regeling eindigde in 406, toen de meerderheid van de Alanen zich aansloot bij de horden noordelijke barbaren die in de winter van 406-407 de Rijn overstaken
Om het thuisland Italië beter te kunnen verdedigen tegen dreiging van de Visigoten, riep Stilicho de grensgarnizoenen terug naar Italië en rekruteerde hij nieuwe troepen bij de Vandalen en Alanen, waardoor het Romeinse leger verder Germaniseerde. 

In januari 402 werd Arcadius' één-jarige zoon Theodosius ll aangesteld als augustus. Eudoxia moedigde Alaric aan een offensief te beginnen tegen Stilicho
Alaric gaf daaraan gehoor en in 403 voerde hij zijn horden naar Italië, toegerust met wapens uit de arsenalen van Contstantinopel. Maar zijn actie mislukte. Dankzij de steun van de Alanen slaagde Stilicho de Visigoten uit Italië verdrijven.

In 404 overleed Eudoxia als gevolg van een miskraam. Het bestuur kwam nu in handen van de Praetoriaan Anthemius. Vier jaar later (408) stierf Arcadius een natuurlijke dood, zonder feitelijk ooit werkelijk te hebben geregeerd over zijn rijk. Hetzelfde jaar werd in het westelijke deel van het rijk Stilicho terechtgesteld. (z. Westelijke provincies 407-410)

Arcadius werd opgevolgd door zijn zoon Theodosius ll (408 - 455)

Oostelijke provincies (408 - 457)

laatst bijgewerkt: 15-07-07

colofon