8098 |
Republiek der Verenigde Nederlanden (1666-1672) |
![]() |
De twist tussen de Hollandse regenten en de Oranjepartij over het stadhouderschap leidde ertoe dat de nieuwe prins van Oranje, Willem lll, in 1666 door de Staten van Holland als "kind van staat" werd aangenomen. Zij wilden voorkomen dat de prins ooit stadhouder zou worden. Willem lll had een moeilijke jeugd. Hij werd een week na de dood van zijn vader geboren. Zijn moeder stierf toen hij 11 jaar oud was. De jonge prins werd verder opgevoed door zijn grootmoeder en door vreemden. Enkel en alleen uit eerbied voor het Huis van Oranje kreeg de prins op kosten van de Staten van Holland de beste opvoeding die mogelijk was. Zij stelden raadspensionaris Johan de Witt zelfs aan als voogd. Willem lll groeide op als "een vogel in een gouden kooi". |
![]() |
In de Tweede Engelse oorlog (1665-1667) was de Staatse vloot, dankzij Johan de Witt en Michiel Adriaensz. de Ruyter, heel wat beter opgewassen tegen de Engelsen. Desondanks was er sprake van wisselend succes. De overwinning van De Ruyter in de Vierdaagse Zeeslag (1666) werd gevolgd door een nederlaag bij Duinkerken. Daarbij kostte iedere zeeslag duizenden mensenlevens en het aantal verminkten was meestal enorm. Zo waren er in de Vierdaagse Zeeslag bijv. zo'n 5000 doden en gewonden te betreuren. Een grote ramp was ook de vernietiging van zo'n 100 Hollandse koopvaardijschepen op Terschelling door de Engelse vloot in 1666. De bemanning kon nog maar net op tijd een goed heenkomen zoeken. Op de tweede dag van de Vierdaagse zeeslag (12 juni 1666), wendde de eigenzinnige Cornelis Maartensz. Tromp in afwijking van zijn orders de steven, met de bedoeling de Engelsen de loef af te steken, maar kwam daardoor met de achterhoede midden in de nog steeds in rechte linie zeilende vijandelijke vloot terecht. Het grote gevaar waarin Tromp verkeerde bemerkende, gaf De Ruyter door het hijsen van de bloedvlag het sein tot de algemene aanval en slaagde er na een verwoed gevecht in Tromp en de zijnen te ontzetten. |
![]() |
Wat de doorslag gaf, was de beroemde tocht naar Chatham in juni 1667, waarbij een groot deel van de Engelse vloot werd vernietigd. Groot was ook de schade die was aangebracht aan de Engelse magazijnen met voorraden. Nadat de versperring over de Medway was verbroken nam De Ruyter de tactische leiding op de rivier zelf in handen. Hij liet zeven fregatten het kasteel Upnor beschieten, om een aantal branders gelegenheid te geven ongehinderd enige bovenstrooms liggende grote schepen aan te vallen. De Ruyter sprong, gevolgd door Cornelis de Wit, in een sloep en leidde persoonlijk een der branders naar de "Royal James", de "Loyal London" en de "Royal Oak", welke hij voor de ogen van de hertog van York verbrandde. Links: Britse Schepen versperren de Medway
|
Het Engelse vlaggenschip de Royal Charles in de haven van Chatham | ![]() |
De Vrede van Breda in 1667 werd voor de Republiek maar ook voor de Engelsen, een aanvaardbaar compromis. Nieuw Amsterdam werd geruild voor Suriname en de Akte van Navigatie werd afgezwakt. laatst bijgewerkt: 18-07-01 |