8041

Engeland (1603-1625)

Engeland (1558-1603)

James (Jacobus) l (1603-1625)

James l uit het Huis Stuart, de opvolger van Elizabeth I, was de enige zoon van Maria Stuart en haar tweede echtgenoot Henry Stuart Darnley, beide achterkleinkinderen van Hendrik VII (1485/1509). Zijn vader, Lord Darnley, werd kort na zijn geboorte onder mysterieuze omstandigheden gedood.

In 1567 werd zijn moeder tot aftreden was gedwongen, waarna James,13 maanden oud, bij het kasteel van Stirling tot James VI, koning van Schotland werd uitgeroepen. Zijn moeder vluchtte naar Engeland, waar zij 19 jaar in gevangenschap zou doorbrengen, waarna zij in in 1587 werd onthoofd.

James werd streng protestants opgevoed en verwierf grote kennis van theologie en klassieke letteren. In 1583 onttrok hij zich aan de invloed van de protestantse partij in Schotland. Hij nam een reeks centraliserende maatregelen ter versterking van de koninklijke macht, vooral gericht tegen de theocratische tendensen van de presbyterianen. 

Op de terechtstelling van zijn moeder in 1587 reageerde hij in het geheel niet, omdat hem daardoor, als achterkleinzoon van een dochter van Hendrik VII van Engeland, de opvolging op de troon in het vooruitzicht werd gesteld.

Na de dood van Elisabeth I op 24 maart 1603, aanvaardde James het koningschap over Engeland als Jacobus I. Hij werd gekroond in de Abdij van Westminster op 25 juli 1603. James I werd de eerste koning van Engeland uit het Huis van Stuart. Met deze troonsbestijging werden Schotland en Engeland ten langen leste verenigd. James streefde er echter naar als een alleenheerser te regeren en lag daarom voortdurend overhoop met het Parlement.

Op het gebied van de buitenlandse politiek voelde hij het meest voor aansluiting bij de machtige katholieke vorsten, hoewel hij zelf overtuigd protestant was en tegen iedere poging tot katholieke machtsvorming binnenslands waakte.

Op 20 augustus 1590 trouwde James in Oslo met Anne, de dochter van koning Frederik II van Denemarken. Het paar kreeg zeven kinderen, waaronder de latere koning Karel I.

In 1604 sloot hij vrede met Spanje, waarna hij ook naar dynastieke verbinding met de katholieke machten ging streven (de latere Charles (Karel) I, zijn tweede zoon, huwde ten slotte Henriëtte Maria van Frankrijk. Hoewel James als koning vrij populair was (al werd hij niet zo sterk geacht als zijn voorgangster Elizabeth I), viel zijn politiek niet steeds in goede aarde bij het parlement en het volk, maar daar wilde James geen rekening mee houden. Het parlement wenste zich niet neer te leggen bij James' pogingen zelf allerlei politieke beslissingen te nemen en bepaalde belastinggelden in eigen zak te steken. Ook wilde hij complete controle op de uitvoerende en de rechterlijke macht.

Rechts: Anne van Denemarken

Deze politiek wekte grote ontstemming bij parlement en volk, maar James wenste daarmee geen rekening te houden. Het parlement echter wenste zich niet neer te leggen bij James' pogingen om eigenmachtig de douanepolitiek te regelen, de opbrengst van in- en uitvoerrechten te incasseren, op eigen gelegenheid handel in monopolies te drijven, de uitvoerende macht geheel aan zich te trekken, bepaalde zaken aan speciale, koninklijke rechtbanken voor te behouden en de rechterlijke macht onder zijn controle te brengen. James was daardoor in voortdurend conflict met het parlement. Van 1611 tot 1614, van 1614 tot 1621 en van 1622 tot 1624 regeerde hij zelfs geheel zonder parlement, maar wegens geldnood moest hij voortdurend toch weer tot een compromis trachten te komen.

Het buskruitincident (1605)

In 1604 beraamden Robert Catesby, Thomas Percy, John Wright, Robert Keyes, Thomas Wintour en Robert Wintour, allemaal Engelse katholieken. een aanslag tegen Jacobus I. Met een enorme hoeveelheid explosieven wilden zij het hele Parlement proberen op te blazen. Bij deze samenzwering was ook Guy Fawkes betrokken, een Engels militair die aanzienlijke militaire kennis en ervaring had met explosieven beschikte. Het complot werd echter net op tijd ontdekt door een katholieke Lord, een vriend van Guy Fawkes, die een waarschuwingsbrief had ontvangen om niet naar het parlement te komen. Op 5 november 1605 werd Fawkes betrapt in een kelder onder het Hogerhuis (House of Lords), met lonten, lucifers en buskruit in zijn bezit. Hij en zes andere schuldigen werden opgepakt en ter dood veroordeeld. 

In 1606 werd de Engelse Compagnie opgericht met het doel overzee kolonies te stichten. In 1607 werd het huidige Virginia gekoloniseerd. De hoofdstad kreeg, ter ere van de koning zijn naam en werd Jamestown genoemd. In 1619 werd hier de slavernij geïntroduceerd.

James I steunde de Kerk van Engeland, de Anglicaanse kerk, waar hij kon en liet de protestantse puriteinen vervolgen, omdat zij het protestantisme in Engeland wilden radicaliseren. Een groot aantal van hen scheepte zich uiteindelijk in 1620 in op de Mayflower en zeilde naar Amerika. Daar werden zij in feite de stichters van de Amerikaanse staat. James zaaide ook haat bij de Katholieken. Hij beperkte de macht van de adel in Ierland en Schotland en deelde hun landerijen uit aan de protestanten in Ierland en Schotland. In 1611 verscheen een belangrijke vertaling van de Bijbel, die in opdracht van Jacobus I werd gemaakt. Nog steeds wordt deze vertaling de "King James Bible" genoemd.

James l wordt gezien als een van de meest intellectuele en geleerde vorsten die ooit op de Engelse troon hebben gezeten. Hij was een getalenteerd schrijver en publiceerde verscheidene boeken in het Latijn. Ook vertaalde hij werken, o.a. uit het Frans. Op zijn gezag ontstond ook de beroemde bijbel van 1611, 'the Authorized (of: King James) version'.

Er zijn altijd speculaties geweest over de vermeende homoseksuele geaardheid van de koning. Veel moderne historici twijfelen hier niet aan, en ook in James' tijd deden voortdurend geruchten de ronde. Hij gaf hier zelf ook aanleiding toe, gezien zijn keuze van mannelijke metgezellen. Zijn relatie als jongeman met zijn leeftijdgenoot Esmé Stuart, Seigneur d'Aubigny, graaf van Lennox, werd door de Schotse kerkelijke leiders gekritiseerd en Lennox werd gedwongen Schotland te verlaten. In de jaren '80 kuste James in het openbaar Francis Stewart Hepburn, graaf van Bothwell. Toen James de Engelse troon besteeg deed dan ook de grap de ronde: Elizabeth was onze koning: nu is James onze koningin. Kennelijk was hij niet altijd verstandig in zijn keuze van mannelijke partners en wist hij zijn favorieten behoorlijk te begunstigen, zoals Robert Carr, die het van page tot graaf van Somerset wist te brengen en zo verging het ook George Villiers, die het tot Earl of Buckingham bracht. James noemde Villiers zijn 'vrouw' en zichzelf Villiers' 'man'. Vooral Buckingham kreeg veel invloed bij de koning.

Rechts: George Villiers, Earl of Buckingham

Op aandringen van Spanje liet James I in 1618 de alom vereerde Sir Walter Raleigh, de vroegere gunsteling van Elsabeth,  executeren. In 1595 was deze naar o.a. naar Guyana gevaren en had daar contacten gelegd met indiaanse opperhoofden. Hij kreeg het plan Guyana tot bevriende natie te maken en vanuit dit gebied de Spanjaarden uit Zuid-Amerika te verdrijven. Hoewel hij geen bijval kreeg bij Elisabeth maakte zijn reisverslag hem beroemd. In 1600 werd Sir Walter Raleigh gouverneur van het kanaaleiland Jersey. Ondertussen had hij zich een zodanige anti-Spaanse reputatie verworven, dat Elisabethts katholieke troonopvolger James I van hem afwilde. Vreemd genoeg werd Raleigh op beschuldiging van een Spaansgezinde samenzwering ter dood veroordeeld! Door een ‘geste’ van de nieuwe koning kreeg hij echter levenslang. Dertien jaar bracht hij door in de Tower met lezen, filosoferen, schrijven. Pas in 1616 raakte James I geïnteresseerd in het belang van een expeditie naar Guyana. De koning stelde onmogelijke voorwaarden die betrekking hadden op het handhaven van de vrede met Spanje. De wanhopige Raleigh die zijn ‘levenswerk’ wilde voltooien, ging toch akkoord. Veel vrienden en zijn vrouw Bess Trockmorton investeerden in de onderneming, die beslist goud moest opleveren om James te overtuigen. 

Raleigh wist zeker dat dit goud in Guyana te vinden was. Hij nam zijn oudste zoon Watt mee en zeilde in het gezelschap van Keymis en nog een aantal andere schepen via de Kaapverdische Eilanden naar de Golf van Paria bij Trinidad. Omdat hijzelf ziek was stuurde Raleigh zijn vriend Keymis en zijn zoon de Orinoco op, om te zoeken naar een goudmijn. In weerwil van de afspraken ontstond toch een gevecht in San Thomé, de Spaanse vesting langs de rivier. Hierbij werd Watt gedood. De Engelsen maakten zich meester van San Thomé en Keymis zocht overal vergeefs naar goud. Hoewel Raleigh wist dat hem nu, wegens schending van de afspraken, de doodstraf boven het hoofd hing, zeilde hij toch terug naar huis. Een schijnproces volgde, en hij werd op 29 oktober 1618 in Londen onthoofd.
Op 27 maart 1625 overleed James I in Theobalds Park in Hertfordshire in de leeftijd van 59 jaar aan de gevolgen van een nierziekte. Hij had 22 jaar over Engeland geregeerd en ruim 57 jaar over Schotland.  Hij werd begraven in Westminster Abbey. Nadat George Villiers op 23 augustus 1628 was vermoord, werd hij aan James' rechterhand begraven. Een andere van zijn favorieten werd aan de andere zijde begraven. Zijn zoon Charles I volgde hem op.

bronnen: Wikipedia, Absolute Facts.nl

Engeland (1625-1660)

laatst bijgewerkt: 04-03-04

colofon