 |
De meest bekende Oosterse sprookjesverzameling is "Sprookjes uit 1001 nacht". Dit boekwerk bevat verhalen uit voornamelijk de gehele Arabisch-Islamitische cultuur. In de Engelse taal gaan deze sprookjes dan ook meestal door het leven als Arabian Nights. De sprookjes worden ingeleid door een raamvertelling. De legendarische koningin Scheherazade trouwt met de sultan Schahriar, ondanks het feit dat hij elke morgen de vrouw waarmee hij de vorige dag getrouwd is, laat ombrengen. Om dit lot te ontkomen vertelt ze die avond een sprookje aan haar zus, zonder het einde te vertellen. De sultan, die het verhaal afluistert en benieuwd is naar de afloop, staat toe dat ze nog een dag leeft, waarna ze hetzelfde patroon trouw iedere avond herhaalt. Na 1001 nacht besluit de sultan dat Scheherazade mag blijven leven.
De collectie verhalen van 1001 nacht is gedurende een aantal eeuwen gegroeid. De eerste verhalen stammen al uit de negende eeuw, en de collectie groeide door totdat het geheel in de vijftiende eeuw in het Arabisch op papier werd gezet. In het begin van de achttiende eeuw werd het boekwerk in het Frans vertaald (Les Mille et Une Nuits door Antoine Galland), en in de negentiende eeuw werd het tweemaal in het Engels vertaald: Arabian Nights door Edward William Lane, en The Tousand Nights and a Night door Richard Francis Burton, waarvan Arabian Nights verreweg het bekendst geworden is. De bekendste sprookjes uit 1001 nacht zijn: Aladdin en de Wonderlamp, Ali Baba en de veertig rovers en Sinbad de Zeeman.
|