3652 |
Gepiden (Gepidi) (150 - 567) |
Van al de voornaamste Germaanse volkeren van de Grote Volksverhuizing, bleven de Gepiden het buitenbeentje in de geschiedenis. In tegenstelling tot velen van hun generatie zijn zij er niet in geslaagd een eigen rijk te ontwikkelen.
De Gepiden doken voor het eerst op in de Romeinse wereld, toen zij de Goten vergezelden bij hun invasie van Dacia in de jaren 260. De ware naam Gepiden is waarschijnlijk afgeleid van "gepanta", wat "lui" of "traag" betekent. Zij hadden bij de Goten namelijk de reputatie van sloom te zijn. De Gepiden vestigden zich uiteindelijk op de Balkan ten oosten van de rivier de Tisza. |
![]() |
Daar werden ze eerst overwonnen door de Ostrogoten, waarna zij zich samen met met hen moesten onderwerpen aan de Hunnen (375). De Gepiden voorzagen Attila uiteindelijk van de grootste geallieerde versterkingen en hun koning ![]() |
![]() |
|
Ondanks het feit dat ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
De slag aan de Nadao (454), een zijrivier van de Sava, ergens in Pannonia, werd toch nog onverwachts door de opstandelingen gewonnen en vernietigde Ardaric volgens de overlevering in totaal dertigduizend man, Hunnen en volken die hulp boden (Sarmaten en Alanen). Ook de Hunnenkoning ![]() Waarschijnlijk waren de krijgskansen voor de eertijds 'onoverwinnelijke Hunnen' gekeerd mede doordat de Europese stammen veel van de Hunse strijdtactieken overgenomen hadden. Ook het Romeinse leger, vroeger voornamelijk op infanterie gebaseerd, nam de nieuwe militaire technieken over: keizer |
Door deze overwinning kwam er een einde aan de overheersing van de Hunnen in Centraal en Oostelijk Europa. Zij trokken na de slag in oostelijke richting naar de Zwarte Zee. Sommige Hunnen trokken zich terug naar de Aziatische steppen maar de meesten van hen bleven in Europa wonen, werden boeren, pasten zich aan en gingen op in de Europese bevolking. De Gepiden en Ostrogoten herkregen hun vrijheid. De Gepiden kregen een thuisland in de Oost-Karpaten (Regnum Gepidorum). Zij werden een belangrijke kracht in het verdrijven van de Hunnen en als dank kregen zij ook toestemming voor vestiging in het Romeinse Rijk. |
Koningen van de Gepiden | ||
Fastida | c. 250 | ||
Ardaric | 453 - ca. 470 | ||
Gunderit | |||
Trapstila | 488 | ||
Transerica | 505 | ||
Mundonus | |||
Gelemund | 549 | ||
Thurisind | 552 | ||
Cunimund | 560 |
De Ostrogoten vestigden zich in Pannonia onder drie koningen Niet lang na de veldslag aan de Nadao kwam de oude rivaliteit tussen de Gepiden en Ostrogoten weer boven drijven. Er ontstonden voortdurend schermutselingen tussen deze volken waarbij ook de Skiren en Herulen betrokken waren. Pas in 469 kwam hier een einde aan toen de Ostrogoten de Gepiden uit Pannonië verdreven. In 537 konden de Gepiden zich echter opnieuw vestigen in dit gebied, toen Theoderik verzeild raakte in een oorlog tegen de Byzantijnse keizer In 546 gebruikten de Byzantijnse machthebbers hun Lombardische bondgenoten, onder leiding van laatst bijgewerkt: 21-07-02 |