4454 | Cyrenaica (76 v. Chr. - 643 n. Chr.) |
![]() |
![]() |
Na een periode van halve onafhankelijkheid volgend op de val van Carthago in 146 v. Chr. kwam Libië in 76 v. Chr. volledig onder de Romeinse overheersing. De kustzone van de nieuwe provincie Cyrenaica produceerde in de eerste eeuwen van onze jaartelling veel graan en andere gewassen en kende een opmerkelijke periode van welvaart, wat blijkt uit schitterende Romeinse steden waarvan de ruïnes in Leptis Magna nog getuigen.
De provincia Cyrenaica grensde in het oosten aan de provincie Aegyptus enin het westen aan de provincie Numidia. De vijf belangrijkste steden, de Pentapolis, waren de oude in 630 v. Chr. gestichte Griekse stad Cyrene, de havenstad Apollonia (Marsa Susa), (gesticht in het begin van de zesde eeuw v. Chr.), Taucheira, (gesticht in 625 en later omgedoopt tot Arsinoë), Euhesperides (later omgedoopt tot Berenice) en Barca (gesticht in 560 v. Chr.). Naar het zuiden toe werd Cyrenaica begrensd door de Sahara. Later stichtte keizer |
![]() |
Tripolitana (Grieks Tripolis = Drie steden) dat daarvoor deel uitmaakte van het Carthaagse Rijk en het Numidische koninkrijk van Massinissa, werd na ca. 110 v.Chr. deel van de Romeinse provincie Africa Proconsularis, om in de Late Oudheid een zelfstandige Romeinse provincie te worden.
Tijdens De verdediging van het gebied, dat open is naar de woestijn, tegen de Garamanten stelde speciale eisen aan het Derde legioen Augusta. Pas de Romeinse keizer Septimius Severus (193-211) vond een definitieve oplossing: de Limes Tripolitanus, een drietal forten in Ghadames, Gheriat el-Garbia en Bu Njem die konden worden gevoed door de ontginning van een enorm deel van de halfwoestijn. Hoewel de forten na ruim een halve eeuw werden opgegeven, bleven de versterkte boerderijen (centenaria) nog eeuwen in gebruik. De Limes Tripolitanus overleefde de crisis van de derde eeuw, het Dominaat (toen Tripolitanië voor het eerst een onafhankelijke provincie werd), de heerschappij van de Vandalen en de komst van de Islam. Al-Idrisi dateert de vernietiging van de waterwerken in de elfde eeuw. Hoewel er enige twijfel bestaat over het exacte gebied dat Rome erfde, werd het in 78 v. Chr. ingericht als provincia samen met Kreta, totdat de hervormingen door |
De stad Cyrene werd door de Grieken gesticht in 630 v. Chr. en zou haar naam geven aan het omliggende gebied Cyrenaica. De ligging werd gekozen omdat ze hooggelegen was en een nooit opdrogende bron bezat. Van de stad resten nog de Agora, het Forum, de Via Sacra, de necropool en enkele resten van de tempel van Zeus.
De bevolking van Cyrene, telde toen de stad zijn hoogtepunt bereikte ook een behoorlijke gehelleniseerde joodse minderheid en de stad was tijdens de regering van Resten van het Forum van Cyrene |
![]() |
Hoe het ook zij, de opstand werd bedwongen en Romeinse militaire veteranen werden in Cyrene gevestigd om het verlies aan mankracht goed te maken. Een programma van herbouw werd weer in gebruik genomen. Een in de baden gevonden Latijnse inscriptie deelt ons mee dat in 119 n.C. Keizer Hadrianus bevel gaf in het heiligdom Apollo te Cyrene "de baden te herstellen, met hun portieken en zalen evenals de omliggende gebouwen die tijdens de joodse opstand zijn verwoest en verbrand". |
![]() |
Apollonia Omstreeks 800 v.C. stichtten Phoenicische zeevaarders enkele handelsposten aan de Libische kust, waar zich echter pas in het begin van de 5de eeuw v.C. Phoenicische kolonisten blijvend vestigden. Het gedeelte van het land waar zich de voornaamste drie steden, Oea (het latere Tripoli), Sabratha en Leptis bevonden, werd door de Grieken Tripolitanië genoemd. Een belangrijk contactpunt tussen de Griekse, de Egyptische en de Phoenicische cultuur vormde het orakel van Zeus-Ammon in de oase van Siwa, dat o.m. bezocht werd door Alexander de Grote. |
De stad Appolonia (Marsa Susa), bleef een belangrijk stadscentrum, tot aan een aardbeving in 365. Ammianus Marcellinus beschreef Cyrene in de 4de eeuw als een verlaten stad, en Synesius, geboren in Cyrene, beschreef het in de daaropvolgende eeuw als een uitgestrekte ruïne, overgeleverd aan de genade van de nomaden. Nu is Cyrene een archeologische site in de buurt van het stadje Shahat. Een van de meest opmerkelijke resten is de tempel van Apollo, welke in oorspronkelijke staat is hersteld als in de 7de eeuw v.Chr. Daarnaast zijn er andere bouwwerken uit de oudheid, waaronder een tempel van Demeter en een gedeeltelijk onopgegraven tempel van Zeus. Er bevindt zich een grote necropool van ongeveer 10 km² tussen Cyrene en haar antieke haven van Appolonia. |
![]() |
Nadat in 76 v.Chr. Cyrene een Romeinse provincie was geworden; beschouwden de Joodse inwoners die onder de Ptolemeën gelijke rechten hadden genoten, zich als onderdrukt door de autonome Griekse bevolking. De spanningen werden verergerd door een herleving van het Joodse nationalisme en een afkeer van de Hellenistische cultuur, waarin veel Joden zich schikten. De spanning steeg in een opstand van de Joden van Cyrene onder ![]() |
Sabratha bezat een kleine natuurlijke haven die later werd uitgebouwd en vergroot door de Romeinen en diende samen met Tripoli als vertrekpunt voor trans-Sahara karavanen door Ghudamis. Sabratha haalde zijn rijkdom uit de handel in Afrikaanse wilde dieren en ivoor. De ruïnes geven nog een idee van de weelde van weleer. Het theater werd heropgebouwd en is sinds kort weer in gebruik genomen. | ![]() |
Onder Diocletianus (284-305) werd Libië in een oostelijk en een westelijk deel verdeeld; resp. Libya inferior of Marmarica en het meer ontwikkelde Libya superior of Cyrenaica. I Herbouwd na de inval van de Austuriani (365 n.Chr.) verkommerde het spoedig in de 5e eeuw na de ruïneuze overheersing door de Vandalen. Tot 643 werd Cyrenaica (nu Libië) bestuurd vanuit Byzantium en maakte het deel uit van het Imperium Romanum (Byzantijnse rijk). Gemaakt: 04-04-06; laatst bijgewerkt: 06-05-07 |
![]() |