3521 Londinium (43 - ca. 450)
Romeinse steden
Boven: Londinium ca. 125 n. Chr. tijdens het bewind van Hadrianus (117 - 138)
Londinium (Londen) werd door de Romeinen onder keizer Claudius gesticht nadat zij in 43 na Christus in Kent aan land waren gegaan aan de noordoever van de Theems op een plek waar die niet zo breed was. Op de plek waar het Romeinse plaatsje Londinium ontstond, bevond zich waarschijnlijk eerst een klein Keltisch dorp genaamd Llyn-din

Een houten afwateringskanaal, gevonden langs de kant van een Romeinse weg, werd op het jaar 47 gedateerd, wat waarschijnlijk de stichtingsdatum is. Archeologen vermoeden nu dat Londen rond 50 een bewoonde vestiging werd. De vesting werd Londinium genoemd. Later werd er een brug over de Theems gebouwd. Alle stammen in Engeland vochten tegen Romeinen. 

Tien jaar na de stichting, tijdens de opstand in 60 of 61 onder de Keltische koningin Boudicca (Boudiccaea) van de Oost-Anglische stam der Iceni werden alle houten en lemen huizen van Londinium met de grond gelijk gemaakt. Waarschijnlijk ging het hier om een wraakactie. Opgravingen hebben veel vuurschade aangetoond van rond die tijd, wat doet vermoeden dat de stad in brand was gestoken. Ook werd er militaire gebouwen gevonden in de stad, wat bewijst dat de Romeinen de stad misschien gebruikten als uitvalsbasis tegen de opstand. De destructie van de stad was enorm: Boudicca vernietigde alles wat zij als Romeins aanzag en een Romeinse stad als Londinium was waarschijnlijk een duidelijk symbool van Romeinse aanwezigheid.

De opstand van Boudicca werd neergeslagen en men kon terug beginnen met de wederopbouw. Al gauw (binnen 10 jaar) ontstond bij de houten brug een nieuwe stad, met pakhuizen, woningen en ook een Mithras-tempel.

De stad groeide gestaag verder tot het zijn hoogtepunt bereikte qua inwonersaantal rond 140. Daarna begon een trage achteruitgang. De groei was deels aan de centrale ligging van de stad te danken, maar vooral aan het feit dat Londinium vanaf ca. 100 de rol van Camalodunum als hoofdstad van Romeins Britannia overnam.

Het belangrijkste symbool van de Romeinse overheersing was de Tempel van de Keizerlijke Cultus. Keizerlijke verheerlijking werd op gedragen door de provinciale leider wiens hoofdskwartier omstreeks 100 n. Chr. zich in Londen bevond. Het vereren van heidenen kwam tegelijkertijd met het ontstaan van de kosmopolitische stad. Een van de tempels in de stad was opgedragen aan de mysterieuze oosterse god Mithras. Op de plek van de huidige St. Paul's stond een tempel gewijd aan de godin Diana. In de late 1e eeuw kwamen er steeds meer interessante gebouwen. De stad groeide stevig door. 

Het forum en het gerechtshofscomplex werd opgericht bij de Leadenhall Market en werd vervolgens uitgebreid tot het grootste complex ten noorden van de Alpen. De marktplaats was veel groter dan het hedendaagse Trafalgar Square. De gouverneur zette de mensen aan tot het nemen van baden in de bekende Romeinse badhuizen. Later werden er ook veel privé badhuizen gemaakt. Een andere populaire attractie was het houten amfitheater dat was opgericht in een noordwestelijke uithoek van de stad. Het zeer wel mogelijk dat hier gladiatoren hebben gevochten. Zeker is wel dat hier berengevechten hebben plaats gevonden.

In de 2e en 3e eeuw ontwikkelde Londinium zich tot een handelscentrum: hier kon de Theems gemakkelijk worden overgestoken en de nabijheid van de zee maakte handel en communicatie met de anders steden van het imperium mogelijk. Londinium was een bloeiende en voor die tijd ook tamelijk grote woon- en handelsnederzetting, met een basilica en een forum. De stad maakte een economische en bestuurlijk bloeiperiode door en ontving de roemrijke titel 'augusta'.

Tegen het begin van de 2de eeuw had Londen zich uitgebreid naar het westen en werd er een militair fort opgericht vlakbij het amfitheater. Dat werd toen ook meteen in steen omgezet. Dit kan waarschijnlijk zijn voortgekomen uit het vooruitzicht van de komst van keizer Hadrianus in 122 n. Chr. Hij zou het zeker niet hebben toegestaan dat soldaten onderdak kregen bij de lokale bevolking. Het garnizoen was waarschijnlijk alleen opgericht ten behoeve van ceremoniële, escorte en wachttaken. Het amfitheater kan hebben gediend als oefenplaats voor hun trainingen.

Rond 200 n. Chr. werd Brittannia gesplitst in twee nieuwe provincies. York werd de hoofdstad van Britannia Inferior en Londinium van Britannia Superior. Ongeveer dezelfde tijd kreeg de stad haar beroemde stenen wallen. Deze beschermende maatregel is misschien genomen naar aanleiding van de burgeroorlog die ontstond toen gouverneur Clodius Albinus in 194 of 195 de keizerlijke kroon claimde in Rome.

Van de Romeinse wallen in Londiunium zijn slechts enkele resten bewaard gebleven, dicht bij de Tower of London.

Vanaf 250 n. Chr. werd begonnen met de herbouw van de tempel van Isis in de stad. Dit is afgeleid van een inscriptie op een altaar. Dit alles werd gedaan onder leiding van gouverneur Marcus Martiannius Pulcher. Een speculant uit zijn staf werd later begraven op Ludgate Hill. Recent is er onder Cannon Street Station een goed ontworpen laat 1e eeuws gebouw blootgelegd, met grote receptiekamers en kantoren. Waarschijnlijk is dit het kantoor geweest van de gouverneur. Een tweede schitterend gebouw werd recentelijk ontdekt in de kleinere handelswijk in Southwark, in het moeras ten zuiden van de rivier.

De financiële en economische equivalent van de gouverneur was de procuratiehouder. Er is veel bewijs dat de kantoren van deze belangrijke man ergens lagen in de stad van Romeins Londen. De procuratiehouder, Gaius Julius Alpinus Classicianus, die de stad opbouwde na de verwoesting door Boudicca en de handel sterk bevorderde, overleed en werd toen daar begraven. Gedeelten van zijn monumentale grafsteen zijn opgegraven en het sterk gerestaureerde grafmonument staat nu tentoongesteld in het British Museum.

Bij de reorganisaties die keizer Diocletianus (285 - 305) doorvoerde in Brittannia en de administratieve efficiency verbeterd. Londinium werd de hoofdstad van Maxima Caesariensis, een van de vier nieuw gecreëerde provincies. Het bleef het financiële centrum van Brittannia en de thuisplaats van de schatkist en in 288 installeerde keizer Carausius er de muntslagerij. Carausius werd al snel vermoord door minister van financiën, Allectus. Deze huurde later Frankische huurlingen in die Londen belegerden en van plan waren de stad te plunderen. Net op tijd arriveerde de echte keizerlijke generaal Constantius Chlorus met een grote oorlogsvloot. Hij redde de stad en behoedde haar voor plundering. Tevens bracht hij Londen en Rome weer samen.

Tegen 375 was Londinium een kleine, maar rijke gemeenschap die door volledige verdedigingswerken en een fort werd beschermd; er werd van de burgers verwacht om zelf voor hun veiligheid in te staan. 

Er zijn weinig details bekend van het late Romeinse Londen. Het schijnt dat het christendom veel aanhangers had. Één jaar nadat de godsdienst officieel werd getolereerd, had Londen al een eigen bisschop, Restitutus geheten. 

In de jaren die volgden werd er veel tijd en energie gestoken in de verdediging van de stad, zo werden er in 350 katapult torens gebouwd. 18 jaar later vielen Ieren Zuid-Brittannia binnen. Keizer Julianus (355 - 361) stuurde zijn generaal Theodosius erop af om de indringers te verjagen. Hij gebruikte Londen als zijn hoofdkwartier. Niet veel later werd het prestige van de stad verhoogd door de stad een nieuwe naam te geven. Het werd voortaan Augusta.

Magnus Maximus, die de westelijke keizerlijke troon claimde in 383 n. Chr.  is bekend geworden door het opzetten van een mijn in Londen. Tevens trok hij met veel in Groot-Brittannië gestationeerde legers door het continent heen. Vijf jaar later was Maximus dood en begon de keizerlijke macht in de westelijke uithoek van het Romeinse rijk te verslappen. 

Aan het eind van de 4de eeuw begon echt het verval, niet alleen van Londinium, maar van de hele Romeinse provincie Britannia. De Romeinen moesten steeds vaker vijandelijke aanvallen afweren, tot ze uiteindelijk gedwongen waren het eiland te verlaten.

Rond 410 eindigde de Romeinse overheersing van Britannia officieel, maar bleef de stad vanwege zijn voordelen bewoond. Toch was Londinium rond het midden van de 5e eeuw verlaten.

Hoewel er in wat nu Groot-Londen wordt genoemd diverse prehistorische nederzettingen waren, is er niet één gevonden ten noorden van London Bridge, waar de huidige stad ontstond. Het begin daarvan ligt in de romeinse tijd. In 43 n.C. trokken de romeinen Engeland binnen en bouwden na een aantal jaren een vaste brug iets ten oosten van het huidige Londen. Deze brug trok als handelsroute steeds meer handelaren aan en al snel ontstond het welvarende Londinium. Door de diepte van de Theems was het ook mogelijk een haven aan te leggen wat de handel nog verder ontwikkelde. De nederzetting wordt echter in het jaar 60 door de Britten met de grond gelijk gemaakt. De Romeinen kwamen terug en namen de stad weer in welke nu met muren omringd werd en vanaf het einde van de 1e eeuw kwamen er steeds meer grote en indrukwekkende gebouwen.
Rond 200 n.C. werd Groot-Britannië bestuurlijk in tweeën gedeeld waarbij Londen de hoofdstad werd van Britannia Superior. Rond dezelfde tijd werd ook een stadsmuur gebouwd van ruim 6 meter hoog.
Een eeuw later reorganiseerde keizer Diocletianus Britannië opnieuw en Londen werd hoofdstad van Maxima Caesariensis, 1 van de 4 nieuwe provincies. Londen bleef echter het financiële centrum van Engeland.
Het christendom verscheen vroeg in Londen en een jaar nadat de religie officieel werd toegestaan in het Romeinse Rijk kreeg Londen al z'n eigen bisschop, Restitutus.

Londen (450 - 900)

Gemaakt: 28-01-06; laatst bijgewerkt: 21-05-07

Colofon