2641 |
Alamannen |
De Alamannen heette een verbond van Germaanse volkeren, die behoorden tot de Sueven (Suebi), met als belangrijkste stam de Semnonen. Een deel van de Sueven werd door de Longobarden, Bourgondiërs e.a.naar het westen gedrongen en in 213, onder keizer ![]() De naam betekent "Alle Mannen" en is eigenlijk niet meer dan een vereniging van verschillende stammen, waaronder zeker ook de Hermunduri en de Sueven. Zij bewoonden het gebied tussen Rijn en Donau. Ten noorden daarvan woonden de Vandalen en Longobarden. Het gebied langs de middenloop van de Rijn door de Berymediërs. De Alamannen oefenden voortdurend druk uit op de Romeinse limes, de vooruitgeschoven grenslinie, die van Bonn tot Castra Regina (Regensburg) de lacune tussen de Rijn en Donau opvulde. In 215 werden zij door |
![]() |
![]() |
In 233-235, tijdens het bewind van keizer ![]() ![]() Links de Romeinse limes tussen Rijn en Donau. |
|
Tijdens het bewind van ![]() ![]() ![]() In 259-260 doorbraken de Alamannen echter opnieuw de Romeinse limes. Deze expeditie stond onder leiding van de stamleider In 268 drongen de Alamennen opnieuw Noord-Italië binnen. De opvolger van de vermoorde keizer Galienus keizer |
![]() |
![]() |
Omstreeks 270 rukten de Alamannen opnieuw het Italiaanse schiereiland binnen. Met moeite wisten de "soldatenkeizers" ![]() ![]() Aan het eind van de derde eeuw consolideerde de toestand. Romeinse tegenoffensieven bleven zonder resultaat en de linie van de Boven-Rijn werd als nieuwe grens van het rijk versterkt. Als reactie op een nieuwe aanval begon keizer |
|