2409 |
Lage landen (1100-1200) |
![]() Doorsnede Hollandse kust omstreeks 700 jaar geleden (zeeniveau 0.2 m beneden NAP) Rond de 11e en 12e eeuw ging men dichter bij zee wonen. Er ontstonden allerlei vissersdorpjes die we nu als badplaatsen kennen: Egmond aan Zee (gesticht in 970), Zandvoort (1120) en Wijk aan Zee (1300). Het leven was hier vroeger erg zwaar vanwege de vele stormen op zee. Op boulevards staan soms beelden van eenzame vrouwen die uitkijken over de zee. Zij herinneren ons aan de vele vissers die nooit weer thuis zijn gekomen. Sommige dorpen zijn in de loop der jaren voor een deel in zee verdwenen. In Egmond bijvoorbeeld is de kust in de afgelopen 300 jaar bijna 250 meter afgeslagen. In 1741 verdween de St. Agneskerk en een deel van het dorp in zee. |
In de 10e en 11e eeuw waren grote stukken moeras in het het westen van ons land drooggelegd en ontgonnen, maar doordat het bodemwater uit de veengronden wegliep, begon de veengrond langzaam in te zakken. Soms wel twee meter of meer. Inklinken noemen we dat. Omdat het bodemoppervlak dicht bij het grondwaterpeil kwam te liggen, werd de bodem veel te nat. Daardoor werden de akkers ongeschikt voor akkerbouw. Veel akkers werden daarom veranderd in weiland. Het inklinken van de bodem en de stijging van de zeespiegel (z. transgressiefasen) zouden in de 12e en 13e eeuw leiden tot enorme watersnoodrampen. | Transgressiefasen zijn perioden met voortdurende stijging van de zeespiegel. Transgressiefasen vonden plaats tussen 270-500, 850-1000 en 1200-1570. Ook tegenwoordig zitten we weer in een transgressiefase, die zo'n 200 jaar geleden is begonnen. |
![]() |
± 1164 joeg tijdens een stormvloed een sterke westenwind het zeewater hoog op en teisterde het hele gebied rond het Almere. Grote delen van Waterland werden tijdens deze "Jurriaansvloed" door de zee overstroomd. Markaland (= grensland) werd van Waterland gescheiden en zou tot 1957 een eiland blijven, toen een dijk werd aangelegd en Marken weer met het vasteland werd verbonden. Akkers en weiden verdwenen onder de golven. Al het vee verdronk. Huizen en hooibergen werden door de kracht van het water meegesleurd. Mannen vrouwen konden maar met moeite worden gered van de ronddrijvende balken. Bij deze enorme overstroming ontstonden de Zuiderzee en het Y. Hele gebieden in Kennemerland (Waterland en Amstelland) en het Sticht kwamen onder water te staan. Omstreeks de jaren 1100-1200 werd,eveneens tengevolge de rijzende zeespiegel veel duingebied.
Toen de Noordzee gestegen was tot minder dan een meter beneden NAP, stroomde het zeewater steeds vaker over de lager-gelegen gronden in het noorden. Zeegaten braken door en uiteindelijk ontstond er omstreeks 1200 een verbinding van het Vlie en het Marsdiep naar de Almerelagune, waarbij het veen snel werd weggeslagen en de Zuiderzee ontstond. De Waddeneilanden zijn sinds hun ontstaan (sinds 9000 jaar v. Chr.) in hun huidige vorm in stand gebleven, al wandelen sommige eilanden wel steeds verder naar het oosten door afslag enerzijds en aangroei anderzijds. Wel is het waddengebied sterk door mensen beïnvloed. Vanaf de elfde eeuw zijn geulen afgesloten en kwelders bedijkt. Middeleeuwse monniken hebben veel landaanwinningen uitgevoerd. Grote ingrepen waren het afsluiten van de Zuiderzee (1932) en de Lauwerszee (1969). |
Het hertogdom Limburg had in de 12e eeuw maar weinig te betekenen. Het was dun bevolkt en had weinig vruchtbare streken. Er lagen veel roofridderkastelen. Het graafschap Loon werd in de 12e eeuw systematisch binnengevallen door de hertog van Brabant en de bisschop van Luik. Het graafschap was daardoor op den duur letterlijk doorvreten van allerlei Luikse en Brabantse enclaves. Aan het eind van de 12e eeuw moest de graaf van Loon de bisschop van Luik als leenheer erkennen. De waardigheid van hertog van Neder-Lotharingen werd na de dood van Godfried van Bouillon een lege eretitel. In 1101 schonk keizer ![]() ![]() laatst bijgewerkt: 28-03-04 |