5142

Byzantijnse rijk (969 - 1000)

Byzantijnse Rijk (912 - 969)
Johannes Tzimiskes (969 -976)

Johannes Tzimiskes kwam uit een Cappadocische familie. De naam "Tzimiskes" komt van het Armeense woord "tsjemskik", dat 'rode boot' betekent.

Rond het jaar 969 werd hij verliefd op keizerin Theophano, de vrouw van keizer Nikephoros Phokas. Samen met haar bereidde hij het plan om de keizer te vermoorden, hetgeen ook gebeurde in de nacht van 10 op 11 december 969. Tzimiskes werd de nieuwe keizer.

Maar Polyeuctus, de patriarch van Constantinopel, die zich voorgenomen had de vermoorde Nikephoros te wreken en de schuldigen te straffen, zette Tzimisces onder zulke druk, dat deze verteerd werd door schuldgevoelens en op diens verzoek Theophano van het hof verwijderde. Enkel onder die voorwaarden was de patriarch bereid Tzimisces tot keizer te kronen. Johannes zorgde voor verschillende campagnes tegen het nieuwe Russische Rijk. Hij verdreef de vijand uit Thracië en bezette Dorystolon aan de Donau. Op sommige fronten versloeg hij de Russen zodanig dat hij zich meester kon maken van Oost-Bulgarije.

In 974 begon hij een veldtocht naar het Abbasidische Rijk. Hij veroverde hierbij binnenlands delen van Syrië en kwam tot de Eufraat. In 976 overleed hij op de terugweg na een veldtocht.

Basileios (Basilius) ll (976-1025)

In 976 besteeg de laatste grote heerser van de Macedonische dynastie, Basileios ll (976-1025), de troon. 

Basileios was een zoon van Romanos II van Byzantium en Theophano. Hij regeerde bijna een halve eeuw als de Byzantijnse keizer bij uitstek en bracht zijn rijk tot hoge bloei, dankzij zijn persoonlijke kwaliteiten, een gezond sociaal en financieel beleid en een rusteloze militaire activiteit. Hij drukte zich in gewone, verstaanbare taal uit, zijn optreden was abrupt en direct , op de man af. Gemeten naar de toen heersende maatstaven van de aristocratie stond hij bekend als grof en onbehouwen in de omgang. Hij hield van eenvoud bij de aanpak van de staatszaken en ging zelfs zo ver, dat hij iedere uiterlijke opschik beneden zijn waardigheid achtte. Om zijn hals droeg hij geen ordeketenen, zijn hoofd werd niet getooid met een diadeem. Hij weigerde opzien door gekleed te gaan in purpergekleurde mantels en hij legde opzichtige ringen weg, zelfs kleren van verschillende kleuren zinden hem niet. Aan de andere kant wilde hij van alle staatszaken zelf de eindbeslissing nemen. Van zijn volk verlangde hij geen liefde, maar gehoorzaamheid.

Onder zijn bewind omvatte het Byzantijnse Rijk opnieuw geheel Zuid-Oost-Europa en Klein-Azië. Hij schonk het Rijk opnieuw veilige grenzen, omdat enerzijds Zuid-Italië standhield en het herrezen Bulgaarse rijk ten onder ging in de strijd (985–1018, vandaar zijn bijnaam), terwijl anderzijds Noord-Syrië behouden werd tegenover de Fatimiden, en Armenië en het Kaukasusgebied werden ingelijfd. Basileios II speelde bovendien een belangrijke rol bij de bekering van het Kievse Rijk tot het Byzantijnse christendom en bedwong succesvol de feodale strevingen van de Klein-Aziatische aristocratie. In het spoor van de politieke grootheid groeiden binnenlandse rijks- en rechtsstructuren, economie en cultuur tot bewonderenswaardige hoogte, maar Byzantiums politiek-religieuze zelfstandigheid liep uit op een diepe breuk met het pauselijke Rome (na het schisma van Photius in 867, dat van Michael Cerularius, het Oosters Schisma, 1054), terwijl rond het midden van de 11de eeuw tegenover de nu heersende hoofdstedelijke ambtenarenadel de Seldjoekse Turken tot in het Klein-Aziatische kernland opdrongen en, naast de Hongaren en Petsjenegen aan de Donau, in het Zuid-Italiaanse Westen de Normandische vorsten ageerden.

De tegenstander in het Oosten waar Basileios het meest mee te stellen had, was de Egyptische dynastie der Fatimieden. In 994 versloegen de Fatimieden de Byzantijnse legers aan de Orontes en zij zetten hun zegetocht voort met de belegering van Aleppo en de bedreiging van Antiochië. Basileios nam persoonlijk het opperbevel op zich en voerde de veldtocht aan ten einde de situatie weer meester te worden. Hij was gehard en doorkneed in de tactische oorlogvoering, overzag steeds bijtijds de gevechtssterkte en begreep de gevechtstaken van de afzonderlijke officieren. Kortom, hij was een tegenstander van formaat. Omstreeks 999 had hij door zijn oostelijke veldtochten de status quo in Syrië hersteld en tijdens de rest van zijn regeringsperiode deden zich geen ernstige bedreigingen van de kant van de oostelijke Arabieren voor. Hij overleed kinderloos in 1025 en werd opgevolgd door zijn jongere broer Constantijn.

Byzantijnse Rijk (1000-1050)

laatst bijgewerkt: 09-01-08

colofon