3894 |
Egypte (715 - 672 v. Chr.) |
![]() |
Na de hereniging van Egypte en begon Shebeka met een uitgebreid beleid van herstel en nieuwbouw, o.a. in de steden Athribis, Abydos, Dendera, Edfu, Esna, Memphis en vooral Thebe. Hij stelde opnieuw een hogepriester van Amon aan (zijn zoon Horemakhet), maar de functie had nu alleen maar geestelijke macht. De wereldlijke macht in het zuiden werd nu door de echtgenote op aarde van Amon, zijn zuster de Goddelijke Vereerster Aminirdis I waargenomen. Hiermee werd een nieuw evenwicht tussen geestelijke en wereldlijke macht gevestigd.
Shebitku volgde zijn oom Shabaka op als farao van Egypte. Zijn troonnaam, Djedkare, betekend:"Blijvend is de ziel van Ra". Tijdens Shebitku's regering viel Assyrië onder koning
Taharqa was de zoon van Piye en Abale en is bekend als vereniger van het land Egypte. Zijn optreden in de geschiedenis van Egypte was één van de weinige hoogtepunten van de 25e dynastie. Hij liet een tempel bouwen in Kawa, tegenover Dongola in het koninkrijk Kerma.m in Neder-Nubië. Dit gebied was niet meer onder Egyptisch gezag geweest sinds de dagen van |
Taharqa deed de bouwkunst herleven. Taharqa moest echter het onderspit delven tegen de aanvallende Assyriërs onder koning ![]() |
![]() |
laatst bijgewerkt: 17-09-08 |