3894

Egypte (715 - 672 v. Chr.)

Egypte 22e dynastie (818 - 715 v. Chr.)

Shebaka (Sjabaka) (716 - 702 v. Chr.) (25e dynastie) 

In 712 v.Chr. veroverde de Nubische farao Shabaka van de 25e Dynastie geheel Egypte omdat de vorsten die Shabako's voorganger, Piye, onderdanig had gemaakt opstandig werden. Ook Tanis viel ten prooi aan deze veroveringstocht en met deze stad ook het Rijk van
Osorkon V, de 22e, 23e en 24e dynastie werden vervangen door de 25e dynastie. Memphis werd weer tot hoofdstad uitgeroepen.

Na de hereniging van Egypte en begon Shebeka met een uitgebreid beleid van herstel en nieuwbouw, o.a. in de steden Athribis, Abydos, Dendera, Edfu, Esna, Memphis en vooral Thebe.

Hij stelde opnieuw een hogepriester van Amon aan (zijn zoon Horemakhet), maar de functie had nu alleen maar geestelijke macht. De wereldlijke macht in het zuiden werd nu door de echtgenote op aarde van Amon, zijn zuster de Goddelijke Vereerster Aminirdis I waargenomen. Hiermee werd een nieuw evenwicht tussen geestelijke en wereldlijke macht gevestigd.

Shebitku (702 -690) (25e dynastie)

Shebitku volgde zijn oom Shabaka op als farao van Egypte. Zijn troonnaam, Djedkare, betekend:"Blijvend is de ziel van Ra". Tijdens Shebitku's regering viel Assyrië onder koning Sargon II (722-705 v. Chr.) Egypte binnen en veroverde een deel van het toenmalige Egyptische Rijk. Na de dood van Sargon zond Shebitku zijn leger vanuit Nubië om diens opvolger, Sennacherib (705--681) het hoofd te bieden. Bij de veldslag van Eltekh (701 v.Chr.) stopte hij de Assyriërs door een inname van Jeruzalem te beletten. Shebitku werd opgevolgd door zijn broer Taharqa.

Taharqa (Taharka) (690-664)

Taharqa was de zoon van Piye en Abale en is bekend als vereniger van het land Egypte. Zijn optreden in de geschiedenis van Egypte was één van de weinige hoogtepunten van de 25e dynastie. Hij liet een tempel bouwen in Kawa, tegenover Dongola in het koninkrijk Kerma.m in Neder-Nubië. Dit gebied was niet meer onder Egyptisch gezag geweest sinds de dagen van Ramses VII (1143-1136). Hij greep in zijn bouwplannen terug op bijzonder oude motieven uit de tijd van Sahoere (2458 - 2446 v. Chr.), Nioeserre (2453 - 2422 v. Chr.) en Pepi II (2278 - 2184 v. Chr.) van het Oude Rijk. Hij bouwde ook in andere plaatsen in Nubië zoals Napata, Sanam, Meroë, Qasr Ibraim en Buhen, maar ook in Egypte zelf, zoals in Thebe en Karnak zijn monumenten van hem te bewonderen.

Taharqa deed de bouwkunst herleven. Taharqa moest echter het onderspit delven tegen de aanvallende Assyriërs onder koning Esarheddon (680-669 v. Chr.). Hij vluchtte naar het zuiden toen het Assyrische leger in 671 v. Chr. voor de stad Memphis stond. Nog enkele jaren was het de Nubische dynastie gegund over Egypte te heersen. Taharqa keerde terug, maar bij een nieuwe Assyrische aanval kon hij uiteindelijk geen verzet meer bieden. Thebe werd gebrandschat en geplunderd (664 v. Chr.) De Nubische koningen moesten buigen voor een nieuwe wereldmacht.

Egypte (671 - 595 v. Chr.) - 26e dynastie

laatst bijgewerkt: 17-09-08

colofon