2846

Macedonië (359 - 355 v. Chr.)

Macedonië (700 - 359 v. Chr.)

Philippus ll (359 - 336 v. Chr.)

Philippus ll was de jongste zoon van Amyntas III van Macedonië en diens tweede vrouw Eurydice, een Illyrische prinses. Hij werd in 382 in Pella geboren. Door allerlei interne conflicten was Macedonië sterk verzwakt. Toen zijn vader in 370 v. Chr. stierf werd zijn oudste broer Alexander II, die nog minderjarig was, koning van Macedonië. Na een burgeroorlog die uitbrak na een conflict met zijn regent Ptolemaeus (369) werd door bemiddeling van de Thebaanse generaal Peloppidas een vredesverdrag tussen beiden gesloten. Om er zeker van te zijn dat beiden er zich aan zouden houden werden dertig zonen van belangrijke personen en Philippus zelf, in gijzeling gehouden in Thebe. Daar werd Philippus goed behandeld, kreeg hij een gedegen opleiding en maakte hij kennis met de nieuwste strijdtactieken en wapenuitrustingen. Philippus stond bekend als een groot feestvierder, sportman en vrouwenliefhebber. Hij bezat een sterk lichaam, was intelligent en had veel ambities. Hij had ook veel humor, lachte vaak en kon goed met mensen omgaan. Nadat Ptolemaues zijn broer Alexander had vermoord en zelf de troon bestegen had, pleegde Philippus' oudere broer Perdiccas III een staatsgreep en vermoordde Ptolemaeus. In 359 v. Chr. leed Perdiccas een gigantische nederlaag tegen de Illyriërs, waarna zijn minderjarige zoon Amyntas IV koning werd. Philippus keerde terug naar Macedonië en werd benoemd tot regent van Amynthas. 

Links: Philippus van Macedonië (uit de film Alexander)

Macedonië stond er op dat moment zeer zwak voor. Decennia van burgeroorlogen, intriges en moordaanslagen hadden het politieke bestuurssysteem ondermijnd, de militaire kracht van Macedonië zwaar doen afnemen en voor een grote economische terugval gezorgd. Tevens stroomden van alle kanten vijanden binnen, zoals de noordelijke Balkanstammen, maar bovenal de Illyriërs die grote delen van het noorden bezet hadden en het zuiden plunderden. Sinds de moord op Archelaus I (399 v. Chr.) was feitelijk verdeeld in een noordelijk deel waar bergkoninkrijkjes lagen en een laaggelegen zuidelijk deel waar de koning de macht had. Een hoop Macedonische stammen waren vrijwel volledig autonoom geworden. Na een paar maanden regent te zijn geweest, riep Philippus zich in 359 v. Chr. uit tot koning en stootte zijn neef van de troon. Datzelfde jaar nog werd hij erkend door de Macedonische legervergaderingen als nieuwe koning. Hij zag zijn jonge neef niet als bedreiging en om hem tevreden te houden gaf hij hem de hand van zijn dochter. 
Daarna maakte hij een einde aan de invloed van de lokale machthebbers en organiseerde Philippus een sterk centraal bestuur en reorganiseerde hij het leger. Hij slaagde hij erin het noorden en andere grensgebieden weer bij het rijk te voegen, zodat Macedonië weer een sterke politieke eenheid werd. Ook maakte hij een eind aan de economische achteruitgang en zorgde hij zelfs voor een grote economische bloei, waardoor de schatkist weer goed gevuld werd en hij een sterk leger kon opbouwen. In het leger stelde hij persoonlijk generaals aan en werden de legeronderdelen niet meer door de stamvorsten zelf geleid. De stammen die Philippus had overwonnenen werden pachters of horigen en moesten belasting betalen en moesten ook dienen als soldaat in het Macedonische leger. 
Met zijn kennis die hij in Thebe had opgedaan veranderde hij het leger in een nog doeltreffender wapen. Zo voerde hij een nieuwe lans in, de sarissa. Deze 3 tot 7 meter lange lans bestond uit een ijzeren punt en een bronzen voet, zodat het kon vastgezet worden in de aarde om chargerende vijanden tegen te houden. In de falanx (gesloten infanterieformatie) was de sarissa een formidabel wapen, omdat de tegenstanders, meestal hoplieten (zwaar bewapende soldaten), veel kortere wapens hadden en ze dus voorbij de muur van sarissa's moesten vooraleer ze hun wapens konden gebruiken. 

Buiten de falanx was het wapen minder nuttig, het was te lang en te zwaar. Daarom werd hij in twee stukken gemaakt, die tijdens de mars van elkaar werden gedragen en tijdens het gevecht aan elkaar bevestigd worden door middel van een metalen huls. Het gebruik van de lansen ging echter wel ten koste van de beweeglijkheid van het leger. Daarom maakte Philippus tevens de cavalerie belangrijker. De leden van de adel dienden als ruiters en officieren; de bevolking van Macedonië diende als voetvolk. Ook gebruikte Philippus zijn grote rijkdom om huurlingen te werven.

Philippus rekende ondertussen ook af met de laatste twee troonpretendenten, Argaeus (gestuend door Athene) en Pausanias (gesteund door  Kotys van het Odrysische rijk), af. Kotys werd vermoord (358 v. Chr.) en zijn opvolger liet in ruil voor geld Pausanias executeren. Athene stuurde Argaeus met een vloot en leger naar Macedonië, maar de expeditie liep uit op een ramp en Argaeus werd verslagen en gevangen genomen.

Philippus was nu de alleenheerser van een verenigd koninkrijk dat weer een sterke politieke eenheid vormde, een krachtig bestuurssysteem had en over grote rijkdom en een van de machtigste legers van de wereld beschikte. Hij liet tevens de infrastructuur herstellen en maakte op alle andere punten Macedonië weer tot de grootmacht uit de tijd van Archelaus I (413 - 399). Hij zorgde zelfs voor een nog grotere groei van de rijkdom en macht van Macedonië. Philippus liet veel wegen aanleggen, bevorderde de handel en ontdekte ook een aantal zilvermijnen, waardoor hij veel munten kon laten slaan en zich nog meer rijkdom verwierf.

Philippus versterkte de banden met alle Macedonische stammen, zorgde ervoor dat hij weer invloed op ze kreeg. Hij liet ook nieuwe steden bouwen en zette de semi-nomadische stammen aan zich te wijden aan het boerenbestaan of zich in de steden te vestigen. Philippus II zorgde ook voor een goed rechtssysteem waardoor de misdaad afnam en de rust en orde in het rijk terugkeerde. Philippus brak ook de grote macht van de adel door veel mensen in deze stand op te nemen, waardoor hun functies minder waard werden. Philippus compenseerde zijn hervormingen door de adel tevreden te stellen met oorlogsbuit. De zonen van edelen werden pages aan het hof en naarmate er meer succes was, waren des te meer edelen bereid hem te volgen.

Met zijn sterke leger bracht hij de Illyriërs een zware nederlaag, waarbij koning Bardylus gedood werd en  zijn rijk veroverde. Ook onderwierp hij verschillende Thracische stammen en andere Balkanvolkeren zodat de macht van het Macedonische rijk reikte tot aan de Donau en de Adriatische Zee. Tenslotte wilde hij de door onderlinge oorlogen gigantisch verzwakte Grieken onderwerpen.

Macedonië (355 - 336 v. Chr.)

Gemaakt: 23-01-10

colofon