2417 |
Toetanchamnon (1334-1325) - Ay - Horemheb (1323 - 1295) |
![]()
Achnatons revolutie liep uit op een grote mislukking. Na zijn dood, tien jaar later (1333 v. Chr.), keerde onder zijn toen 10-jarige schoonzoon en opvolger alles weer bij het oude. Hij veranderde zijn naam in Toetanchamon (Tutanchamon) = Schoon van leven is Amon) en vestigde zich weer in Thebe. Onder druk van de gebeurtenissen en zeker ook van zijn mentor Eje, stelde hij de oude goden weer in ere. De in verval geraakte tempels werden gerestaureerd en de priesters kregen hun bevoorrechte posities weer terug. Achetaton geraakte in verval. Nu was Achnaton aan de beurt om overal te worden weggebeiteld. |
![]() |
![]() |
Toetanchamon had een zwakke gezondheid. Uit een onderzoek van wetenschappers uit Egypte, Italië en Duitsland (2007 -2009) is gebleken dat hij was besmet door de plasmodium falciparum, de parasiet die de dodelijke ziekte malaria veroorzaakt. De farao had, zo is gebleken uit het onderzoek ,, een hele reeks erfelijke aandoeningen. Zijn linkervoet was een klompvoet en aan zijn rechtervoet had hij te weinig tenen. Daarbij leed hij aan de ziekte van Köhner, een groeistoornis waardoor de voetbeentjes afsterven. Je kunt je Toetanchamon het best voorstellen als een fragiele koning die een stok nodig had om te lopen. In zijn tombe zijn 130 wandelstokken aangetroffen. Uit een stamboomonderzoek blijkt dat zijn ouders broer en zus waren. Zijn vader was hoogstwaarschijnlijk Achnaton. . |
![]() |
Door deze aandoeningen had Toetanchamon nauwelijks weerstand. Waarschijnlijk heeft hij bij een val een been gebroken. Dit mondde uit in de fatale malariabesmetting. Er is lang gespeculeerd over de doodsoorzaak van de jonge farao. Een gat in zijn schedel leek er aanvankelijk op te zijzen dat hij was vermoord, tot CT-scans in 2005 uitwezen dat het gat tijdens het balsemen was ontstaan. |
Onder farao Toetanchamon verwierf Maya het hoge ambt van "opzichter van het schathuis", ofwel minister van financiën. Daarnaast had hij ook de supervisie over het "departement van openbare werken" en daarmee over de aanleg van het in 1922 in het Dal der Koningen bij Luxor teruggevonden koningsgraf. In dezelfde tijd begon hij vermoedelijk ook met de constructie van zijn eigen graf bij Sakkara, het grafveld van de noordelijke hoofdstad Memphis, 30 km ten zuiden van Kaïro, waar alle notabelen van deze tijd werden bijgezet.
Aangezien het graf dat Toetanchamon voor zichzelf had laten bouwen nog niet af was, werd hij bijgezet in een bescheidener graf, bestemd voor iemand van lagere stand. De weduwe van Toetanchamon heeft daarna Aangezien het graf dat Toetanchamon voor zichzelf had laten bouwen nog niet af was, werd hij bijgezet in een bescheidener graf, bestemd voor iemand van lagere stand. Het is dit graf dat in 1922 vrijwel ongeschonden werd teruggevonden door de Britse archeoloog Howard Carter. |
![]() |
Nicholas Reeves schrijft in zijn naschrift van zijn standaardwerk Toetanchamon - De koning - Het graf - De schatten: "Toetanchamon was een koning die ongewenst was door zijn onderdanen, genegeerd door zijn opvolgers en meer dan dertig eeuwen vergeten. Hij werd in alle haast begraven in een bescheiden privégraf. Hij kreeg op zijn reis naar de eeuwigheid een allegaartje mee van wat er aan grafmeubilair voorhanden was, plus allerlei voorwerpen die hem van pas zouden kunnen komen: sieraden, kralen, dozen, krukjes, wagens, bogen, pijlen, spelletjes, schoenen, handschoenen, ondergoed, wijnkruiken, voedsel, muziekinstrumenten en schrijfgerei." | ![]() |
![]() |
Toetanchamon werd opgevolgd door ![]()
In 1323 v. Chr. kwam
links: Koningin Teje |
laatst bijgewerkt: 19-04-03 |