2632

Chatti (Chatten)

De Chatti waren een West-Germaanse stam, in het stroomgebied van de Fulda en de Eder (het zuiden van het huidige Nedersaksen en het noorden van het huidige Hessen in Duitsland)>

Tussen 50 en 30 v. Chr., vestigden zich op aandrang of uitnodiging van de Romeinen-, de Bataven, een deel van de Chatti in het gebied tussen de Maas en Rijn en in het noordoosten van het tegenwoordige Noord-Brabant.

In de periode tussen 17 en 9 v. Chr. werden de Chatti overwonnen werden door Drusus, de stadhouder van Gallië, en Tiberius toen zij een veldtocht ondernamen in Germanië, en daarbij doordrongen tot de Elbe.

Meer succes in hun voortdurende gevechten met de Romeinen hadden de Chatten als bondgenoten van Harijamannaz, beter bekend als Hermann of Arminius), de koning van de Cherusken, die in de Slag bij het Teutoburgerwoud (9 na Chr.) toen drie Romeinse legioenen onder leiding van Varus een vernietigende nederlaag werd toebracht. Deze nederlaag betekende vrijwel het einde van de Romeinse expansiedrift naar het noorden.

In 15 n. Chr. ondernam Germanicus een actie tegen de Chatten. Hiertoe stelde hij vier legioenen, vijfduizend man hulptroepen en een aantal ad hoc formaties van Germanen onder bevel van Caecina en trok zelf met vier legioenen en het dubbele aantal bondgenoten op. Door het lage water in de Rijn, kon hij snel oprukken, met lichtbepakte troepen. De Chatten verwachten hem niet en werden compleet verrast. Iedereen die zich op grond van leeftijd of geslacht niet kon verweren werd vermoord. Als vergelding voor de nederlaag van de Romeinen in het Teutoburgerwoud ( Europa (1 - 100), werd de hoofdplaats van de Chatti, Mattium, platgebrand. 

In de eerste eeuw na. Chr. onderwierpen de Chatti de Cherusken. Herhaaldelijk streden zij  tegen de Romeinen. In 69 steunden zij de opstand van de Bataven onder Civilis. Hun krijgskundige bekwaamheden, die zij in herhaalde oorlogen tegen de Romeinen aan de dag legden, werden door Tacitus zeer geroemd.

De eeuwen daarna bleven de Chatten de Romeinen voortdurend een doorn in het oog. In de jaren 80 van de eerste na Chr. vochten ze een reeks oorlogen tegen Claudius en Domitianus waarbij ze wel voortdurend het onderspit moesten delven. Tijdens het bewind van Dominitianus (81-96) heroverden de Romeinen in Germanië het gebied tussen de Donau en de Rijn, dat door de Germanen daarvoor al was verlaten.

In 162 en 170 kwamen de Chatten nog éénmaal als agressors in de geschiedenisboeken met hun invallen in het huidige Zuid-Duitsland en België.

Ten tijde van Marcus Aurelius, tegen het eind van de 2e eeuw, deden zij invallen in Romeins Gallië en Rhaetië. In het begin van de derde eeuw ondernam Caracalla tegen hen en tegen de Alamannen een vruchteloze veldtocht. Na de vierde eeuw verdwenen de Chatti uit de geschiedenis. Waarschijnlijk gingen ze op in de Franken aan het begin van de zesde eeuw.  In de 8e eeuw dook echter hun naam weer op in de vorm Hassii (Hessen). De samenhang tussen de Chatti en Hessen is taalkundig nog niet geheel bevredigend verklaar. In het Oudengelse epische gedicht Beowulf komen ze nog voor als de Hetwaras.

In de 5e eeuw maakten de Chatten deel uit van het stammenverband van de Ripuarische Franken.

laatst bijgewerkt: 31-08-02

colofon