9283

Rusland (1762-1801)

Rusland (1741 - 1762)

Catharina (Ekaterina) II de Grote (1762-1796) 

Eenmaal tsarina geworden, ging ze verder met het doorvoeren van de westerse hervormingen waarmee Peter I de Grote was begonnen. Hoewel ze correspondeerde met Franse vrijdenkers zoals Voltaire en Diderot, voelde Catharina zich bedreigd door de radicale, meer democratische hervormingen van de Franse Revolutie. Ze schafte de lijfeigenschap niet af, vergrootte de voorrechten van de lagere adel en maakte meedogenloos een einde aan opstanden die haar macht in gevaar brachten. Buitenlandse successen waren de Poolse delingen en twee Turkse oorlogen , waarin zij de noordkusten van de Zwarte Zee en de Krim in bezit nam

Catharina was als keizerin buitengewoon actief, op het gebied van de politiek zeer ondernemend en volkomen onscrupuleus, als diplomate subtiel en slagvaardig. De partij die haar aan de macht had gebracht, was in aartsconservatieve zin voor een vasthouden aan de eigen, Russische tradities geporteerd geweest, maar Catharina's regeringsperiode werd juist gekenmerkt door verwestersing op cultureel gebied, althans in de kringen van adel en aristocratie. Juist omdat bij dit proces slechts zulk een kleine groep betrokken was, en het ten slotte toch bij de uiterlijkheden van de beschaving bleef, behield Catharina een ieders goodwill, vooral toen haar regering op de punten waar het ten slotte op aankwam: Ruslands politieke macht en expansie, het ene succes na het andere bracht. Bovendien lag het streven naar uitbreiding van het Russische rijk onder gelijktijdige aanpassing van levensgewoonten en mentaliteit van de hoogste standen aan het westen toch ook weer in de lijn van een grote Russische traditie, namelijk die van Peter de Grote.

Op 16 juli 1764 werd een poging gedaan Ivan Vl te bevrijden. Volgens de oude instructies die Catharina's voorgangster Elisabet had gegeven werd hij terstond vermoord, waarna hij in het geheim werd begraven in het fort Shlisselburg waar hij gevangen werd gehouden.
In de allereerste jaren van haar regering trachtte Catharina een tegenwicht tegen de macht van de adel te vormen door het gebaar te maken alsof zij ook vertegenwoordigers van andere maatschappelijke klassen – met name de stedelijke burgerij en de staatsboeren – invloed op het staatsbestuur wilde geven. Daartoe riep zij uit vertegenwoordigers van verschillende standen een ‘grote wetgevende commissie’ bijeen, die advies zou moeten geven inzake de hervorming van de wetgeving. Catharina schreef zelf voor deze vergadering een Instructie, die, wat ideeën betrof, geheel de geest der Verlichting ademde, maar in feite aantasting van de Russische autocratie al van tevoren uitsloot. Zo begon Catharina toen al als voorstandster van het verlicht absolutisme te poseren – wat zij tot het uitbreken van de Franse Revolutie zou blijven doen – zonder in werkelijkheid veel aan het bestaande regime te veranderen. Hoewel in deze handelwijze zeker een element van politiek stak, mag men haar toch niet als zuiver bedrog beschouwen. 

Rechts: kroningskoets van Catharina ll (Hermitage)

Als alle verlichte despoten geloofde Catharina voor een belangrijk deel in haar eigen leuzen, hield zij de weinige, oppervlakkige vernieuwingen die zij invoerde voor zeer belangrijk, en kon zij zich ten aanzien van het feit dat zij voor het overige alles bij het oude liet of de staatsmacht zelfs nog versterkte, met enig recht beroepen op de plicht van een regerend vorst om zich voor donquichotterie te hoeden. In ieder geval werden de vergaderingen van de grote commissie al in 1768 voor onbepaalde tijd verdaagd. Overigens wierpen de eenmaal ingestelde ondercommissies voor Catharina zelf en voor haar opvolgers veel nut af als lichamen aan wie de technische werkzaamheden in verband met de lopende wetgeving konden worden opgedragen. Na 1768 en vooral in de jaren zeventig sloeg Catharina voorgoed de richting in die bepalend zou blijven voor haar binnenlandse politiek, namelijk nauwe aansluiting bij adel en grondbezitters, bijzondere bevoorrechting van die standen binnen de grenzen van een zuiver autocratisch systeem, en volkomen ontrechting van alle andere bevolkingsgroepen.

Wat de buitenlandse politiek betreft, concentreerde Catharina zich geheel op Polen en Turkije. Nadat zij Polen in 1764 onder Russische invloed had weten te brengen, rees er verzet in dat land, wat in 1768 tot een gewapend conflict leidde. Toen Turkije, gesteund door Oostenrijk en Frankrijk, in troebel water trachtte te vissen en Rusland aanviel, leed het een zware nederlaag. In beide gevallen ging Rusland met de winst strijken. Bij de eerste Poolse deling van 1772 kreeg het een deel van Wit-Rusland, bij de Vrede van Koetsjoek Kainardsji (1774) verwierf het het gebied ten noorden van de Zwarte Zee, benevens vrije vaart op die zee en door de zeestraten, terwijl het chanaat van de Krim als onafhankelijk gebied in de Russische invloedssfeer kwam (in 1783 door Rusland geannexeerd). Het zgn. Griekse plan, dwz. de opzet om een Grieks rijk met hoofdstad Constantinopel als Russische vazalstaat te vormen, betekende voor Turkije zulk een ernstige bedreiging, dat het opnieuw een oorlog uitlokte (1787; de Russisch-Turkse oorlog). Deze eindigde weer in het voordeel van Rusland (1792), terwijl de tweede en derde Poolse deling verdere gebiedsuitbreiding in het westen brachten. In 1795 werd o.m. Koerland ingelijfd.

Catherina II liet de Tataren wat meer vrij. Ze stond ze toe te handelen en ondernemingen te beginnen. Moslims gingen een belangrijke rol spelen in de handel met de nieuwe gebieden in Siberië en Centraal-Azië. Ze bekleedden er vaak hoge posities als commerciële of politieke vertegenwoordigers, leraren of ambtenaren. 
In 1773 vaardigde de Heilige Synode het decreet van Tolerantie van Alle Religies uit. Catharina stelde ook in 1782 de zogenaamde muftiat in, een Raad die de autoriteit kreeg over alle puur religieuze zaken aangaande Moslims. Er volgde een tijd van relatief vreedzame coëxistentie. Na 1789 ging Catharina, gedeeltelijk onder indruk van de Franse Revolutie, maar in niet minder belangrijke mate onder invloed van persoonlijke omstandigheden (verslaafdheid van de ouder wordende vrouw aan een jonge minnaar, die haar neerhaalde) tot een zuiver despotisch bewind over, waarin zelfs het element van terreur een plaats kreeg. Van Catharina's vroegere favorieten is vooral de Russische staatsman en veldheer Grigorij Aleksandrovitsj  Potemkin, die 1783 het schiereiland de Krim aan de noordkust van de Zwarte Zee had veroverd, als een persoonlijkheid van betekenis bekend geworden. 

Als verlicht despote verwierf Catharina vermaardheid door haar correspondentie met Voltaire en haar uitnodiging aan Diderot om naar Rusland te komen, waar deze inderdaad enige tijd aan het hof verkeerde. 

Tsaar Paul l Petrovitsj (1796-1801) was de zoon van Peter III en Catharina II; hij streed aanvankelijk tegen Frankrijk, maar verbond zich later met keizer Napoleon I van Frankrijk; hij werd vermoord door de adel; zijn dochter Anna Paulowna (1795-1865) huwde met koning Willem II van Nederland

Rusland (1801-1825)

gemaakt: 11-05-10

colofon