9502 |
Amerikaanse Vrijheidsoorlog (1774 - 1783) |
![]() |
![]() |
In 1774 stuurden twaalf van de dertien koloniën vertegenwoordigers naar het Eerste Continentale Congres. De vertegenwoordigers drongen er bij de kolonisten op aan om alle Britse goederen te boycotten. De koloniale militie bestond uit gewone burgers, die "minuut mannen" werden genoemd. Zij waren gewapend en gereed om binnen enkele minuten gehoor te geven aan het bevel om de wapens op te nemen. Onofficieel begon de oorlog in 1775 met de slag van Lexington en Concord. Hier dwongen de milities de Britten terug naar Boston, dat vervolgens door de kolonisten belegerd werd. Links: slag om Bunker Hill (17 juni 1775), geschilderd door de Amerikaanse schilder Edward Percy Moran (1862 - 1935). |
In een poging om het beleg op te heffen, werden de milities ter versterking naar het buiten Boston gelegen Bunker Hill gestuurd. Per vergissing versterkten zij een aangrenzende lagere heuvel, die ook dichter bij Boston in de buurt lag en binnen het bereik viel van de Britse kanonnen. De Britten vielen deze heuvel aan en na een bloedige veldslag werden de kolonisten uiteindelijk teruggedreven. De nederlaag vormde een morele overwinning voor de kolonisten, omdat de Britten twee keer zoveel gesneuvelden hadden onder hun goedgetrainde legertroepen dan de Amerikanen. In maart 1776 plaatsten de Amerikanen artillerie (die zij eerder bij Fort Ticonderoga, bijna 500 kilometer van Boston vandaan, hadden veroverd) op een heuvel die over de stad uitzag. De Britten hadden geen andere keuze dan zich terug te trekken en op 17 maart trokken de Amerikanen Boston binnen. Het Congres had een comité aangesteld om een onafhankelijkheidsverklaring op te stellen. Op 2 juli 1776 stemde het Congres voor de onafhankelijkheid. Op 4 juli werd de Onafhankelijkheidsverklaring goedgekeurd en de Amerikaanse koloniën waren officieel in oorlog met Brittannië. |
![]() |
Brittannië stuurde een eigen grote legermacht en bracht ook troepen uit Hessen naar New York in een poging om de opstand neer te slaan. George Washington, leider van het Amerikaanse leger, trok zijn troepen terug naar het eiland Manhattan met het oog op deze uitbreiding van Britse troepen in New York. Veldslagen volgden en Washington trok zijn leger via New Jersey terug naar Pennsylvania. Op 26 december viel Washington de vesting Trenton in New Jersey aan, die door Hessische soldaten werd bemand. De Hessische soldaten gaven zich over en de Britten stuurden een grote legermacht naar New Jersey. Wederom trok Washington met een verrassingsaanval ten strijde en versloeg de Britten en verstevigde zo het moreel van de Amerikanen. | ![]() |
Vervolgens concentreerde Brittannië haar pogingen op de zuidelijke staten. Benjamin Franklin werd naar Europa gestuurd om steun te winnen in de oorlog tegen Brittannië. In 1778 vormde de pasgeboren natie een alliantie met Frankrijk. In ruil voor de strijd voor de Amerikaanse Onafhankelijkheid verwachtte Frankrijk, dat Amerika ook hen ter zijde zou staan als Brittannië de oorlog verklaarde tegen Frankrijk. Binnen een paar maanden waren Brittannië en Frankrijk in staat van oorlog. Brittannië voelde zich bedreigd door de alliantie van de koloniën met Frankrijk en probeerde om de vrede af te kopen door te beloven dat de koloniën geen belasting hoefden te betalen. De Britse vertegenwoordigers keerden terug naar Brittannië omdat hun missie mislukt was.
Veldslagen in afgelegen gebieden tussen de Loyalisten en de Amerikanen leidde tot de nederlaag van de Loyalisten en de vernietiging van vele Indiaanse nederzettingen, omdat leden van de Indianenstammen aan de zijde van de Britten vochten. Spanje steunde Frankrijk in de oorlog tegen Brittannië maar weigerde om de onafhankelijkheid van Amerika te erkennen. |
Er volgden nog meer veldslagen waarbij het Amerikaanse leger verslagen werd, totdat in oktober 1781 de Amerikaanse en Franse legers hun krachten bundelden bij Yorktown. Ze vielen de Britse vestingen aan en de Britse generaal Cornwallis werd gedwongen zich over te geven. Britannië verloor het laatste greintje hoop om de oorlog te kunnen winnen. Vertegenwoordigers van Brittannië, Frankrijk en Amerika ontmoetten elkaar in Parijs om vredesbesprekingen te voeren. Tegen november 1782 was het ontwerp vredesvoorstel klaar, waarin Brittannië akkoord ging met de erkenning van de onafhankelijkheid van Amerika, het terugtrekken van alle Britse troepen en het opgeven van al haar gebiedsdelen die zich tot aan de Mississippi Rivier uitstrekten. Op 15 april 1783 ratificeerde het Congres het verdrag - dit betekende ook in formeel opzicht het einde van de Amerikaanse Vrijheidsoorlog (1774-1783). Rechts: Yorktown |
![]() |
|
Het duurde echter nog tot 19 april tot de Britten definitief hun verlies erkenden en zich begonnen terug te trekken uit de Verenigde Staten. Met het tekenen van de Vrede van Parijs (ook wel Vrede van Versailles genoemd), op 3 september 1783 in Hotel d' York (thans 56 Rue Jacob), kwam er formeel een einde van de oorlog. De laatste Britse troepen vertrokken op 25 november 1783. Het vredesverdrag werd geratificeerd door het Congres van de Verenigde Staten op 14 januari 1784. Bij de Vrede van Parijs werd ook overeengekomen dat Frankrijk Senegal en Gambia afstond aan het Verenigd Koninkrijk. Frankrijk behield een kleine enclave die in 1857 alsnog werd overgedragen. In 1889 werd overeenstemming bereikt over de grenzen. Gambia werd een Britse Kroonkolonie. Links: John Jay, John Adams, Benjamin Franklin, Henry Laurens en William Temple Franklin op een schilderij door Benjamin West uit 1783. De Britse onderhandelaars weigerden te poseren en het stuk bleef onvoltooid. (Afb. Treaty of Paris by Benjamin West - Wikipedia) |
Gemaakt: 22-03-04, laatst gewijzigd: 14-07-11 |