3805 |
Kanaän - Judea (141 - 103 v. Chr.) |
![]() |
Simon Makkabeüs (141 - 134 v. Chr.) Hierna nam de derde broer, Simon, de enige nog levende zoon van Matatias, de touwtjes in handen. Het Seleucidische rijk was inmiddels ernstig verzwakt, niet zozeer door de Makkabeese opstand, maar door een interne machtsstrijd om de troon. De Seleucidische generaal Tryphon betwistte de rechtmatigheid van de heerschappij van Demetrius II Nicator en schoof een eigen troonpretendent naar voren. Een van Simons eerste wapenfeiten was een veldtocht tegen Tryphon, die in Jeruzalem Jonathan had omgebracht. Daarmee koos Simon automatisch partij voor Demetrius in het conflict om de Seleucidische troon. Als dank ontsloeg Demetrius de Joden van de plicht nog langer belasting te betalen. Feitelijk was hiermee een zelfstandige Joodse staat ontstaan. Korte tijd later werden de laatste Seleucidische troepen teruggetrokken uit Jeruzalem en werd Simon uitgeroepen tot koning (ethnarch) en hogepriester (141 v.Chr.). Sparta en vooral Rome reageerden opgetogen op de Joodse onafhankelijkheid, niet in de laatste plaats omdat dit een verzwakking betekende van het Seleucidische rijk. In 140 v. Chr. werd de erfelijkheid van dit ambt officieel bekrachtigd en was de dynastie van de Hasmoneeën definitief gevestigd en het land kreeg de naam Israël. In 138 v.Chr. riep Het conflict met Antiochus kreeg enkele jaren later, toen Simon reeds gestorven was, een vervolg en vormde een reële bedreiging voor het Hasmoneese rijk aan het begin van de regering van Johannes Hyrcanus. In 134 v. Chr. werd Simon Makkabeüs vermoord door zijn schoonzoon Ptolemeüs, die de macht wilde grijpen. Daarbij werden ook zijn oudste zonen Mattathias en Judas vermoord. Toen zijn jongste zoon Jochanan Hyrkanus het nieuws vernam, reageerde hij direct. Nog diezelfde avond trok hij met een leger Jeruzalem binnen, waar hij zich liet uitroepen tot koning en hogepriester. Hierdoor mislukte de staatsgreep van Ptolemeüs, die zich terugtrok in het fort Doq. Hyrkanus belegerde het fort geruime tijd, maar het lukte hem niet het fort in te nemen. Ptolemeüs begreep echter dat zijn kansen op het koningschap verkeken waren en vluchtte naar het buitenland. |
Jochanan was de jongste zoon van Simon Makkabeüs. Tijdens de regering van zijn vader was hij gouverneur van de in die tijd belangrijke versterkte stad Gezer. Na de mislukte staatsgreep van Ptolemeüs besteeg Jochanan als eerste Hasmoneese koning de troon van een zelfstandige Joodse staat, Kort na aanvang van Hyrkanus' koningschap, was de Seleucidische koning Antiochus VII Euergetes Sidetes met zijn legers naar Jeruzalem opgetrokken en had hij het beleg geslagen om de stad, in een poging het Joodse land opnieuw onder Seleucidisch bestuur te brengen (133 v.Chr.). Slechts door het betalen van een hoge belasting en het uitleveren van gijzelaars wist Hyrkanus een verwoesting van Jeruzalem te voorkomen. Wel werd de muur van Jeruzalem gedeeltelijk afgebroken en werd Judea weer een vazal van de Seleuciden. In 129 v.Chr. vergezelde Hyrkanus Antiochus noodgedwongen in diens strijd tegen de Parthen, waar Antiochus echter verslagen werd en vermoedelijk zelfmoord pleegde. Tijdens de strijd om de opvolging wist Hyrkanus te profiteren van de situatie en de Joodse onafhankelijkheid te herwinnen. Nu de onafhankelijkheid herwonnen was, legde Hyrkanus zich toe op het uitbreiden van de Hasmoneese staat. Toen Hyrkanus zijn vader opvolgde, was het gebied waarover hij heerste niet veel groter dan Judea. Hyrcanus breidde het rijk echter uit met Idumea, Medeba (ten oosten van de Jordaan) en Samaria, tot aan het Karmelgebergte toe. Hyrkanus' veroveringen zetten veel kwaad bloed bij de overwonnenen, doordat hij nogal rigoureus te werk ging. Hij dwong de Idumeeërs op straffe de dood zich te laten besnijden en zich zo tot het Jodendom te bekeren. De Samaritaanse tempel op de berg Gerizzim werd op zijn gezag met de grond gelijk gemaakt. De Joodse historicus Flavius Josephus betichtte Hyrcanus er bovendien van dat hij het graf van Koning David geplunderd zou hebben om zijn huurlegers te kunnen betalen. Sinds de Seleuciden zich definitief uit het Joodse land hadden teruggetrokken, waren Tyrische zilveren drachmen de belangrijkste munten die in omloop waren. Hyrkanus was echter de eerste Hasmoneese vorst die daarnaast eigen (bronzen) munten liet slaan. Op zijn munten gebruikte Hyrkanus het oude paleo-Hebreeuwse alfabet, dat in deze periode gewoonlijk niet meer gebruikt werd, maar de herinnering opriep aan de glorietijd van de eerste tempel (gebouwd door koning Salomo (961 - 926 v. Chr.). Hyrkanus stierf in 104 v.Chr. als gevolg van een natuurlijke dood. Hij werd opgevolgd door zijn oudste zoon Aristobulus I. |
Aristobulus I (Hebreeuwse naam Juda of Judas)
Aristobulus was de eerste van de Hasmoneese vorsten die, naar hellenistisch voorbeeld, de titel koning aannam. Hij zag Alexander de Grote als zijn voorbeeld. Eigenlijk was het de bedoeling van zijn vader geweest dat hij na zijn dood door zijn vrouw opgevolgd zou worden en dat Aristobulus alleen het ambt van hogepriester zou bekleden. Aristobulus nam daar echter geen genoegen mee en zette zijn moeder en drie van zijn broers gevangen. Zijn moeder overleed tijdens deze gevangenschap. Alleen zijn broer Antigonus, de oudste van zijn vier jongere broers, op wie hij zeer gesteld was, behield zijn vrijheid. Aristobulus legde zich, evenals zijn vader gedaan had, toe op de uitbreiding van het Hasmoneese rijk. Hij voegde Galilea en Iturea toe aan de Joodse staat. De bevolking in deze gebieden die niet de Joodse godsdienst beleden, dwong hij hen zich te laten besnijden zo het Jodendom aan te hangen. Aristobulus bouwde verschillende nederzettingen in de door hem veroverde gebieden en liet daar Joden wonen die afkomstig waren uit Judea. Volgens sommige geleerden was Nazareth één van deze nederzettingen. Na de dood van Aristobulus' moeder rees bij zijn lijfwacht het vermoeden dat Antigonus bezig was uit wraak een aanslag op hem te beramen. Daarom brachten zij hem met een list om het leven. Aristobulus was hierdoor zozeer aangeslagen, dat hij in een zware depressie terechtkwam, die een zodanige weerslag had op zijn lichaam, dat hij daaraan overleed (103 v.Chr.). Rechts: Het Hasmoneese rijk onder![]() ██ situatie in 104 v.Chr. ██ veroveringen |
![]() |
Gemaakt: 21-09-08 |