436 |
Therapsida (Zoogdierachtige Reptielen) |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() Klik hier voor de framepagina |
![]() |
De Therapsida ontwikkelden zich aan het eind van het Perm (ca. 250 miljoen jaar geleden) uit de Sphenacodontidae, een familie die behoorde tot de orde Pelycosauria. Deze Therapsiden zijn de directe voorouders van de zoogdieren. Het waren hoogontwikkelde Synapsiden die afstamden van de carnivore Sphenocodonten. De vroegst bekende fossiele resten stammen uit het Laat-Perm maar waren vermoedelijk al tijdens het Vroeg-Perm ontstaan uit de Sphenocodonten. De meeste Therapsida waren langhoofdige, plompe dieren van 1,5 tot 3 meter lang, die zich tamelijk onbeholpen moeten hebben voort bewogen. De poten stonden niet direct onder het lichaam, zoals bij de latere Dinosauriërs en de zoogdieren, maar staken naar buiten vanuit de zijkant van het lichaam. Het waren zowel planten- als vleesetende dieren. Gedurende het Trias ontwikkelden sommige Therapsida meer zoogdierachtige schedeleigenschappen, zodat tenslotte de zoogdieren zich uit hen ontwikkeld hebben. Tijdens de Jura en het Krijt werden de Therapsida overvleugeld door de Dinosauriërs. |
|
![]() |
De Orde Therapsida wordt onderverdeeld in 8 Onderorden. |
Therapsida (Orde) |
= |
Phthinosuchidae (Vroeg-Perm) (Onderorde) |
|
![]() Tot de vroegste Therapsiden behoorde de Phthinosuchus, de enige soort van de Onderorde Phthinosuchidae. Phthinosuchus leek nog veel op zijn voorouders, de Sphenacodonten, zoals de Dimetrodon and Sphenacodon, maar had alleen geen zeil op de rug (en geen "neural spines"?). Zijn temporal fenestrae is groter dan dat van de Sphenacodonten, maar was nog niet zo groot als dat van de latere Theriodonten. Phthinosuchus en de andere vroege Therapsiden haaden waarschijnlijk dikhuidige vleesetende synapsiden en leefde hij in een woestijnachtige omgeving waar hij drinken zocht in oases. Door de aaneengesloten continenten van Pangea, bestond het midden van dit continent uit een uitgestrekt woestijn. Phthinosuchus jaagde op kleine gewervelde dieren en mogelijk ook op grote reptielen. Phthinosuchus stierf uit aan het eind van het Perm. Bron: Phthinosuchus - Wikipedia, the free encyclopedia |
= |
Biarmosuchia (Suborde) (Laat-Perm) |
= Biarmosuchidae (Familie) |
|
|
= Ictidorhinidae |
= |
Neotherapsida (Eutherapsida) |
= |
Anomodontia (Suborde) (Midden-Perm) |
= Dromasauria (Suborde) |
= Dicynodontia (Theriodontia) (Suborde) (Laat-Perm) |
= |
Dinocephalia (Suborde) (Midden-Perm) |
= |
Theriodontia |
= |
Gorgonopsidae (Gorgonopsiden) (Suborde) |
= |
Therocephalia (Laat-Perm en Trias) (Suborde) |
= |
Cynodontia (Suborde) |
= |
Mammalia (Klasse) |
Laatst bijgewerkt: 14-12-06 |