294

Rhynchocephalia (Sphenodontia) (Tuatara) (Brughagedissen)

Reptilomorpha Cotylosauria Sauropsida Diapsida Neodiapsida Lepidosauromorpha (Eosuchia) Lepidosauria Rhynchocephalia
De orde Rhynchocephalia (Sphenodontia) splitste zich het Laat-Trias (220 - 208 mjg.) af van de LepidosauriaDe groep was in het verleden veel talrijker dan nu. De oudste brughagedissen ontstonden in het laat-Trias  In het Jura nam het aantal geslachten snel toe, evenals de specialisaties.

Naast de Gephyrosauridae, de primitiefste brughagedissen, ontstond de familie van de Pleurosauridae, waarvan de leden volledig aquatisch waren. Van de recente familie van de Sphenodontidae zijn uit het Jura en Krijt ongeveer twintig geslachten bekend. In het Laat-Jura en Vroeg-Krijt gingen de brughagedissen snel achteruit, mogelijk door de opkomst van de echte Hagedissen (Lacertilia). Tegen het Midden-Krijt waren de meeste geslachten uitgestorven. Slechts de moderne brughagedis wist te overleven op het afgelegen Nieuw-Zeeland. De oudste fossielen zijn echter niet ouder dan het Pleistoceen.

rechts: Sphenodon

Vroeger heeft deze familie vele verschillende soorten gehad. Dat deze zijn uitgestorven komt doordat ze de concurrentiestrijd met de ware hagedissen niet aankonden. Deze laatsten beschikken over betere aanpassingen zoals een flexibele kaak, en hebben in de hele wereld de oude Sphenodonten sinds ongeveer 100 miljoen jaar vervangen. Behalve in Nieuw-Zeeland dus, waar de Tuatara, die voornamelijk leeft van Weta's (grote sprinkhanen) blijkbaar niet direct beconcureerd met de Nieuw-Zeelandse hagedissen (er leven daar alleen Gekko's en Skinken). 
Sphenodon punctatus (Tuatara)

De Nieuw-Zeelandse Brughagedis Sphenodon punctatus (Tuatara) is de enige nog levende vertegenwoordiger van deze groep. De naam tuatara betekent 'stekelige rug' in het Maori.

Hij ziet er uit als een hagedis, maar is het niet. Hagedissen behoren tot de orde der Squamata, maar de Tuatara behoort tot de Sphenodontia, een zeer oude groep primitieve reptielen die de afgelopen 220 miljoen jaar nauwelijks is veranderd.

Ze komen alleen nog voor op enkele kleine eilandjes bij Nieuw-Zeeland waar geen door de mens ingevoerde soorten, zoals ratten en katten, hun bestaan en voortplanting kunnen verstoren. Ze leven vaak in verlaten holen van een soort stormvogel. Ze worden maximaal ongeveer 50-76 cm cm lang en wegen dan ca 500 gram. Ze gedijen bij temperaturen die voor reptielen ongebruikelijk laag zijn: 16-21 °C.

Hun metabolisme is dienovereenkomstig traag. Ook de voortplanting is traag; eieren worden om de 2 tot 4 jaar gelegd en doen er ongebruikelijk lang, 12 tot 15 maanden, over om uit te komen. Pas bij ongeveer 13 jaar zijn de dieren geslachtsrijp; ze kunnen ongeveer 60 jaar oud worden. Naast de Sphenodon punctatus bestaat nog een soort: de brughagedis van North Brother Island (Sphenodon guntheri).

De 'Tuatara' is een nogal traag dier; traag met voorplanten, want de eieren blijven een jaar lang in het moederlichaam, en daarna duurt het weer een jaar voor ze uitkomen. Traag met doodgaan, want een Tuatara kan 100 jaar oud worden, en vooral traag met uitsterven, want dat gebeurde eigenlijk in het vroege Krijt.
De Tuatara is de enige overlevende van de Orde Sphenodontia, waarvan de leden leken op hagedissen, maar zich hiervan evenwel onderscheidde door de afwezigheid van een flexibele kaak. Tijdens het Jura kwamen Sphenodonten over de hele wereld voor, maar daarna ging het bergafwaarts. De verantwoordelijken hiervoor zijn ongetwijfeld de moderne hagedissen, die door betere aanpassingen de Sphenodonten wegconcureerden. De voorouders van de moderne Tuatara hebben het overleefd doordat Nieuw-Zeeland inmiddels was afgedreven van de rest van de wereld, zodat Sphenodonten doorgingen met het uitbaten van hun ecologische niche zonder hagedissen-interventie.
Ook zoogdieren konden Nieuw-Zeeland niet bereiken, dus is sindsdien Tuatara het grootste roofdier op de eilanden geweest, totdat (vermoedelijk rond het Mioceen) de eerste roofvogels arriveerden.

Bron: Levende Fossielen; evodisku

Uit de Sphenacodontiden ontwikkelden zich aan het eind van het Perm de Therapsida.

Laatst bijgewerkt: 18 -12-06