132 Pyrrophyta 
Eukaryoten Wieren (Alen)

Pyrrophyta (v. Gr. purrhus = rossig, phuton = plant) of Pyrrhophyta zijn eencellige zich door fotosynthese voedende Wieren.  

Tezamen met de Goudwieren, Groenwieren en Euglenophyta werden zij voorheen gerekend tot de Protista en daarvoor als Protophyta tot het Plantenrijk. Tegenwoordig vormen de wieren een rijk binnen de Eukaryoten

De Pyrrophyta worden gekenmerkt door de kleurstoffen in de cellen, t.w. chlorofyl a en c, b-caroteen, alsmede een aantal typische xantofylsoorten, o.a. peridinine. Deze laatste kleurstoffen geven deze eencellige algen hun karakteristieke goudbruine kleur. Het reservevoedsel is zetmeel of olie. 

De meeste soorten zijn eencellig en de celwand heeft dikwijls een typische opbouw, bestaande uit een aantal volgens een vast patroon samengevoegde celluloseplaten. Sommige vormen bezitten geen celwand. De chromatine van de kernen heeft een parelsnoerstructuur. Vele vormen zijn actief beweeglijk door middel van twee ongelijke flagellen, waarvan er een in een transversale groef van de celwand ligt, terwijl de andere ver in het water uitsteekt. De algemene voortplanting is ongeslachtelijk door celdeling, waarbij elk van de nieuwe cellen een deel van het pantser met één flagel krijgt en het ontbrekende deel er zelf bij vormt. Geslachtelijke voortplanting is zeldzaam. Met zekerheid is de geslachtelijke voortplanting bij de dinoflagellaat Ceratium bekend: twee cellen die zich dicht bij elkaar bevinden, ontwikkelen een buisvormige verbinding, waarin de inhoud van beide cellen migreert. Wat zich uit de zygote (kiemcel) ontwikkelt, is echter niet bekend.

Er zijn meer dan 1000 soorten, verdeeld over 125 geslachten, als plankton zowel in zoet als in zout water over de gehele wereld, echter vooral in de tropen. Sommige soorten kunnen aan de kusten van Noord-Amerika tijdelijk zó massaal optreden dat het red tide ontstaat. De indeling van deze groep is onzeker. De meeste vormen behoren tot de klasse van de Dinoflagellaten.

Gemaakt: 01-12-04

colofon