520 Onevenhoevigen (Perissodactyla)
Placentale zoogdieren Laurasiatheria Condylarthra Phenacodontiden Pagasoferae Zooamata Onevenhoevigen
De voorouders van de Onevenhoevigen waren naar alle waarschijnlijkheid de Phenacodontiden die behoorden tot de  Condylarthra (Oer-Hoefdieren), die 58 miljoen jaar geleden in het Paleoceen leefden. 

Tijdens het vroege Eoceen waren de Onevenhoevigen de dominante groep grote planteneters. Rond deze tijd ontstonden ook de eerste paardachtigen en tapirs in Noord-Amerika. De neushoorns ontstonden later in Azië uit tapirachtige voorouders. De onevenhoevigen bleven domineren tot het Mioceen.

Laurasiatheria

  • Fenungulata

  • Pagasoferae

  • Walvisachtigen en Evenhoevigen (Cetartiodactyla)

Deze grote groep omvat zowel onevenhoevige kleine als grote plantenetende zoogdieren. Voorheen werden de Onevenhoevigen tezamen met de Hyrocoidea (Klipdasachtigen), Proboscidea (Slurfdieren) en Suina (Varkenachtigen) gerekend tot de orde "dikhuidigen". Deze naam kom je soms nog wel eens tegen.

Hun naam slaat op het feit dat zij aan elke poot een oneven aantal tenen hebben (5, 3 of 1). De middelste teen heeft zich tot hoef ontwikkeld. De tenen aan de zijkant zijn rudimentair aanwezig. Rudimentair wil zeggen dat de functie van het lichaamsdeel ons (nog) niet bekend is

Tot de onevenhoevigen behoren onder andere paarden, pony's, ezels, zebra's, tapirs en neushoorns. Er zijn nog zo'n 16 soorten in 6 geslachten en 3 families. Tegenwoordig leven er nog wilde onevenhoevigen in de wouden en grasvlakten van Afrika, Centraal- & Zuid-Azië en Midden- & Zuid-Amerika. De wilde soorten verschillen in grootte van de Afrikaanse ezel, die 200 centimeter lang en 275 kilogram zwaar wordt, tot de witte neushoorn, die 400 centimeter lang en 2,3 ton zwaar wordt.

Vroeger leefden er veel meer soorten, in de meest afwijkende vormen. Een opvallende groep waren de Chalicotheriën, die in plaats van hoeven klauwen hadden en leken waarschijnlijk het meest op beren met paardenkoppen. Deze dieren ontstonden in het Eoceen en kwamen tot 2 miljoen jaar geleden voor, alhoewel er aanwijzingen zijn dat ze mogelijk pas enkele duizenden jaren geleden zijn uitgestorven. De brontotheriën leken op neushoorns, met vreemde hoornachtige structuren op de snuit, die anders dan een hoorn niet uit keratine, maar uit been bestaan. Deze dieren leefden 50 tot 35 miljoen jaar geleden. Een bekende soort is het Brontotherium. Het grootste landzoogdier ooit.

  • Orde Perissodactyla (Onevenhoevigen)
    • Onderorde Brontotheroidea (uitgestorven)
    • Onderorde Hippomorpha
    • Onderorde Tapiromorpha
      • Familie Isectolophidae (uitgestorven)
      • Familie Lophiodontidae (uitgestorven)
      • Familie Eomoropidae (uitgestorven)
      • Familie Chalicotheriidae (uitgestorven) (Chalicotheriën)
      • Familie Amynodontidae (uitgestorven)
      • Familie Hyracodontidae (uitgestorven)
      • Familie Rhinocerotidae (Neushoorns)
      • Familie Heptodontidae (uitgestorven)
      • Familie Deperetellidae (uitgestorven)
      • Familie Lophialetidae (uitgestorven)
      • Familie Helaletidae (uitgestorven)
      • Familie Tapiridae (Tapirs)
De eerste Onevenhoevigen leefden 58 miljoen jaar geleden in het Paleoceen. Zij waren ontstaan uit de Phenacodontiden, een familie van de Condylarthen.

Tijdens het vroege Eoceen waren ze de dominante groep grote planteneters. Rond deze tijd ontstonden ook de eerste paardachtigen en tapirs in Noord-Amerika. De neushoorns ontstonden later in Azië uit tapirachtige voorouders. De onevenhoevigen bleven domineren tot het Mioceen.

De Indricotherium (ook wel Baluchitherium genoemd), was een onevenhoevige. Het dier woog zeker 12 ton.

rechts: Indricotherium

Laatst bijgewerkt: 17-04-08

colofon