4304

Rusland (400 - 900)

Oost-Europa (100 - 500)

Om zich tegen de invallen van Oostelijke stammen te verdedigen en te voorkomen dat hun land verwoest werd, verenigden de Oost-Slavische stammen zich tijdens de 5e en 6e eeuw onder de naam "Roes". Ze ontleenden die naam aan een Slavische stam die zich "Roes" (= het Russische woord voor "blond") noemden. 

In het begin van de 8e eeuw vormden de Russen veldstammen die zich vestigden langs de Dnjepr en in het noorden en westen van het tegenwoordige Oekraļne. Kerngebied van dit Russische rijk was het gebied rond de hoofdstad Kiev.

In het begin van de 9e eeuw, (maar mogelijk al in de 6de eeuw), trokken avonturiers uit Zweden (Vaeringar) de Oostzee over op zoek naar handelswegen, aanvankelijk naar Samarkand en China (langs de Wolga) en vervolgens naar het Byzantijnse Rijk (langs de Djnepr). Deze Scandinaviėrs,  in Russische bronnen Varjagen (Varangians) genoemd, overeenkomstig het Noorse Vaeringjar en het Angelsaksische waerens, "zwervers", lieten daarbij niet na de natuurlijke rijkdommen - barnsteen, honing, bijenwas, slaven en bont van de noordelijke streken die zij passeerden, te exploiteren. Naar het schijnt hebben zich maar weinig Noormannen blijvend gevestigd, terwijl de betrekkingen met de plaatselijke, Slavische en Fins-Oegarische volkeren doorgaans op goede samenwerking berustten. In de 9e eeuw onderwierpen de Varjagen de twee voornaamste twee centra, Novgorod en Kiev en maakten die tot bases voor de uitbreiding van hun machtsgebied.
De Varjagen en de Slaven hebben blijkbaar in een vroeg stadium verdragen gesloten. In de nestorkroniek wordt het merkwaardige verhaal verteld dat de Varjagen eerst werden verdreven, maar vervolgens door een verbond van Slavische en Fins-Oegarische stammen opnieuw werden uitgenodigd om "orde te scheppen" in het land. Dat hebben ze gedaan, althans voor korte tijd, maar veel cultuur hebben ze (in tegenstelling tot wat vroeger algemeen werd aangenomen) niet gebracht. Integendeel, de wetten, godsdienst, literatuur en taal van de eerste Russen vertonen slechts geringe, onsamenhangende sporen van Noorse invloed. Kolonisatie op grote schaal kan er dus niet geweest zijn. 
Ook zijn er in Rusland vrijwel geen plaatsnamen van Scandinavische oorsprong te vinden, terwijl ze bijvoorbeeld in het oosten van Engeland zeer talrijk zijn. Wel zijn Noord- en Midden-Rusland rijk aan plaatsnamen van Fins-Oegarische oorsprong, waarvan ook Moskou (Moskva) er een is. De bekende eigennamen Igor, Oleg en Olga zijn echter wel Scandinavisch en houden verband met de dynastie van de Noormannen. Ook Vladimir lijkt op Valdemar, maar dat kan toeval zijn.

Onder sterke invloed van de Varjagen sloten de Oost-Slavische stammen zich gedurende de tweede helft van de 9e eeuw en de gehele tiende eeuw nauwer aaneen en noemden zich vanaf die tijd Rus van Kiev. Waarschijnlijk waren er in dit gebied toen al vele steden of versterkte plaatsen gebouwd. Kiev Rus werd in het zuid-oosten begrenst door het rijk van de Chazaren, in het zuidwesten door het Byzantijnse Rijk. Hoewel de Oost-Slavische stammen met de Chazaren een vredesovereenkomst hadden gesloten, waren zij uiteraard niet ingenomen met de hun door de Chazaren opgelegde schatting en de zeggenschap die de Chazaren over de handel uitoefenden. 

 

Omstreeks 860 vestigden de afstammelingen van de half-legendarische aanvoerder van de Varjaren, Rurik (862-879), zich als heersersdynastie van een min of meer verenigd Rusland in Novgorod. 

Rurik, die regeerde van 862-879, was noormannenleider en stichter van de eerste Russische staat in Novgorod; zijn afstammelingen regeerden tot eind 16e eeuw over een deel van Rusland, eerst vanuit Kiev, daarna vanuit Moskou. Zijn dynastie wordt aangeduid met de naam Ruriken.

In 860 deden de Kiėvse heersers Askold en Dir een aanval op Constantinopel.

Zijn opvolger, de Scandinavische vorst Oleg (879-912), was de werkelijke stichter van de Russische staat. Hij veroverde in 882 Kiev en maakte deze stad tot residentie; hij viel in 907 het Byzantijnse Rijk aan; werd teruggeslagen, maar sloot tenslotte een voordelige vrede.

Met de verovering van Kiev, beheersten de Rus de handelsroute van noord naar zuid, van het Oostzeegebied via de Djenpr naar de Zwarte Zee en was het Kievse Rusland een feit. Het was het grootste land van het vroegmiddeleeuwse Europa en in economisch en cultureel opzicht bepaald niet achterlijk. De vorst, later betiteld als grootvorst van Kiev, was het hoofd van het koninklijk huis, waarvan de prinsen in andere steden regeerden (waar ze onderling vaak van plaats wisselden). 

Het Kievse Rusland (900-1000)

Gemaakt: 01-12-03; laatst bijgewerkt: 17-04-05

colofon