6511 Karakorum (1220 - 1380)
Karakorum ligt in de Orchon Vallei in Centraal-Mongolië. De plaats moet omstreeks 750 n.Chr. ontstaan zijn en heette toen Ordoe-Balik. Het was een onaanzienlijke nederzetting van de Oejgoeren tot Genghis Khan in 1220 besloot er zijn hoofdstad van te maken. Zo begon Karakorum als een soort administratief en handelscentrum. Tijdens de regering van zijn opvolger Oegadei Khan (1229 - 1241) groeide Karakorum uit tot een echte stad met stadswallen, tempels, markten, regeringsgebouwen en een paleis dat binnen een grote ommuurde binnenhof stond. Volgens ooggetuigenverslagen was het paleis prachtig. Het was gebouwd als een kathedraal, met een lang middenschip door rijen palen gescheiden van zijbeuken. Als de khan audiëntie hield, troonde hij op een hoog podium aan de noordzijde van het schip. 
De stad was op een kunstmatige heuvel gebouwd, omringd door een ca. 7 km lange lage aarden wal en had vier poorten. Het paleis van de khan lag buiten de stad en was omgeven door een hoge muur. 

Links: Stadswallen van Karakorum

In 1271 verplaatste Koeblai Khan (1260 - 1294) de Mongoolse hoofdstad naar Dadu (Tai-du) (Khanbalik ) (thans: Beijing).
Na de verdrijving uit China van de Mongoolse Ming dynastie in 1368 resideerden de khans weer in Karakorum. In 1380 werd Karakorum door Chinese troepen verwoest.

De muur rond de Tempel


Willem van Rubroeck schreef over Karakorum o.a. dat, het paleis van de Groot Khan buiten beschouwing latend, de stad kleiner was dan het dorp St.Denis (thans een voorstad van Parijs) en dat het klooster van St.Denis tien keer groter was dan het paleis. Karakorum is verdeeld in twee delen. In het deel van de Saracenen (Moslims) zijn de markten en verzamelen zich de Tataren en ambassadeurs zich die naar het hof gaan. In het andere deel leven de Chinezen die allemaal handwerkslieden zijn. 

Bij de oostelijke stadspoort worden tarwe en andere graansoorten verkocht, bij de westelijke poort schapen en geiten, bij de zuidelijke ossen en wagens en bij de noordelijke paarden. In de stad liggen paleizen voor de secretarissen van het hof, twaalf boeddhistische tempels, twee moskeeën en een christelijke kerk.Links: Erdene Zhu Tempel in Karakorum.

Een van de bijzonderheden die Van Rubroeck in Karakorum opmerkte was een 'drankautomaat'.
Omdat Mongke Khan het ongepast vond om huiden gevuld met melk of andere dranken zijn paleis binnen te laten brengen, liet hij door Guillaume Boucher uit St.Denis een grote zilveren boom vervaardigen die bij de ingang van zijn paleis werd geplaatst. 

Aan de voet van die boom lagen vier zilveren leeuwen die via hun bek koemis (gegiste merrie-melk) spuwden. In de stam van de boom waren vier leidingen aangebracht die naar de kruin van de boom voerden en vanuit de takken drank konden spuiten (wijn, koemis, mede, rijstbier). Onder de boom stonden vier zilveren vaten waarin de drank werd opgevangen. Vanuit die vaten werden de gasten bediend. In de kruin van de boom stond een engel met een bazuin. Onder de boom was een kelder van waaruit een bediende de dranktoevoer regelde en via een dunne leiding lucht kon blazen in de bazuin. De boom had vele zilveren takken met zilveren blaadjes en zilveren vruchten. Wat Rubruck van alle bezienswaardigheden van het koninklijk hof het diepst trof was een fabelachtige fontein die stromen van vier heerlijke dranken uitspuwde. "Voor de troon", schreef Rubruck, "was een zilveren boom geplaatst, met aan de voet vier leeuwen, uit wier muilen in vier verschillende bekkens, wijn, koemis, honingwater en terrasine (rijstebier) spoot. Bovenin de boom blies een zilveren engel op een trompet als de reservoirs die de vier fonteinen van de fonteinen van de dranken voorzagen, weer gevuld moesten worden."

Onder de Koeblai Khan (1260 - 1294) verloor de stad haar betekenis als hoofdstad van het Mongoolse rijk. De stad Karakorum werd in 1380 door het Chinese leger verwoest. In 1948-49 werden delen van de stad en het paleis opgegraven. Vanaf 2000 wordt er weer archeologisch onderzoek uitgevoerd.
Karakorum lag in het huidige land Mongolië in de provincie Archangay.

De locatie waar de restanten van Karakorum liggen, die aan het einde van de 19de eeuw werden herontdekt door de Russische archeologen Przjevalski (1877) en Jadrintsev (1889), wordt thans Har Horin genoemd.

Het landschap rond de archeologische vindplaats Har Horin.

Gemaakt: 06-08-05

colofon