5144

Byzantijnse rijk (1050 - 1100)

Byzantijnse Rijk (1000 - 1050)
  Constantijn lX Monomachus (1050-1055)

Theodora (1055-1056)

Met de dood van Theodora, die geen kinderen ha nagelaten, kwam er in 1056 een eind aan de Armeense dynastie.

Michael Vl (1056-1057)

Isaak l Comnenus (1057-1059)

Constantijn X Doukas (1059 -1067)
Opdringen van de Noormannen, Petsjenegen en Hongaren en vooral van de Seldjoeken.

Romanus lV Diogenes (1067-1071)

Romanus lV wilde voor eens een eind maken aan de voortdurende aanvallen van de Seldjoeken.
Het Byzantijnse leger was echter, ondanks zijn legerhervormingen niet langer de magnifieke strijdmacht van 50 jaar eerder. De cavalerie-eenheden, vroeger 60,000 man sterk, en verantwoordelijk voor de bewaking van de Syrische grens, waren ontbonden. Het grootste deel van het leger bestond nu uit huurlingen, Slaven uit de Balkan en Turken van de Russische steppen. Het elite korps, de Varangische garde, werd gevormd door Noren, Normandiërs en Frankische cavalerie. Van de 100.000 man bestond meer dan de helft uit Turkse huurlingen.

Toen Romanus met dit leger naar het oosten trok, verraste dit sultan Alp Arslan (1029-1072). Hij deed een oproep aan de gehele moslim wereld voor een heilige oorlog tegen de christenen. Zijn leger bestond uit Arabieren, Koerden en stammen uit Iran, Irak, Syrië en natuurlijk Seldjoeken. Schattingen over de omvang van dit leger varieren sterk. Een opgave bestaat uit een leger van 15.000 - 20.00 Seldsjoeken, Ibn'ul-Cevzi: 20.000; Sibt, Ibn'ül-Adîm, Ahbar, Ibn'ül-Esîr: 15.000; Imâd'üd-dîn 14.000; Ibnü Munkiz, 13.000, totaal 68.000 man).

Romanus stuurde een belangrijke deel van zijn leger, bestaande uit Turkse huurlingen onder generaal Joseph Tarchaniotes, zelf een Turk, naar het Van-meer, waarschijnlijk ongeveer drie kilometer van de stad Manzikert, op een vlakte begrensd door begroeide heuvels.

Als gevolg van een samenzwering aan het hof liep de helft van het leger op het cruciale moment weg. De sultan, die zelf bibberde van angst, bood Romanus lV met zijn gehalveerde leger de dag voor de slag Romanus lV nog een aantrekkelijk bestand aan, waarbij Armenië tussen beiden verdeeld werd. Zo'n verdrag zou voor Arp Arslan gunstig zijn, want hierdoor zou hij zijn handen vrij krijgen om naar de Fatamiden in Egypte te trekken. Romanus wees het aanbod echter af. Met de samenzweerders thuis kon slechts een klinkende overwinning hem op de troon houden.

Slag bij Manzikert (1071)

Op 26 augustus (?) 1071 kwam het tot een massale veldslag die in een enorm drama zou eindigen.
De dag waarop de slag plaats vond staat niet vast. Moslim bronnen vermeldden een vrijdag in augustus, vaak de vijfde; de Byzantijnse ooggetuige Attaleiates een maanloze nacht, wat volgens latere berekeningen overeenkomt met 26 augustus. De omvang van de legers wordt verschillend gerapporteerd. Arp Arslan bereidde een aantal hinderlagen in de heuvels voor. Boogschutters vormden het centrum op de vlakte. Het Byzantijnse leger werd op klassieke wijze opgesteld: infanterie in verschillende linies in het centrum, en cavalerie op de vleugels. De achterhoede stond onder bevel van Andronicus Ducas, neef van de keizer en aanvoerder van de rivaliserende familie. Romanus zelf commandeerde de voorhoede.
Tijdens de slag trokken de Turkse boogschutters voor het Byzantijnse centrum terug in een halve maanvormige formatie, de Byzantijnse troepen voortdurende beschietend. Het Byzantijnse leger handhaafde lange tijd gedisciplineerd zijn formatie. In de middag verloor de cavalerie onder deze beschieting de zelfcontrole, chargeerde en liep in de valstrikken tussen de heuvels.

Rechts: Slag bij Manzikert door Boccaccio

Romanus gaf opdracht tot een terugtocht. Arp Arslan, dit ziende, beval een algemene aanval, waarbij zijn troepen gebruik wisten te maken van gaten die in de Byzantijnse linie ontstaan waren. Romanus gaf bevel weer op te rukken, een bevel dat niet opgevolgd werd door Dukas. Deze gaf opdracht verder terug te treken op het basiskamp, mogelijk aannemend dat de keizer gesneuveld was. De voorhoede werd van de achterhoede gescheiden. Een van de vleugels werd van de voorhoede gescheiden en vernietigd. 

Bronnen spreken elkaar tegen over het lot van dit leger. Volgens latere Turkse geschiedschrijvers werd dit leger in een grote veldslag verslagen. Andere bronnen menen dat dit leger, zich hun eigen Turkse afkomst en hun achterstand in soldij betaling herinnerend, overliep naar Arslan en tijdens de slag aan de zijde van Arslan streden. Sommigen menen dat Tarchaniotes omgekocht werd door de met de keizer rivaliserende Dukas familie. Romanus hield hierdoor minder dan de helft van zijn leger over. 

En zo gebeurde het dat Romanus, die tussen zijn vluchtende en muitende manschappen standhield tot het zwaard uit zijn bebloede handen werd geslagen, als krijgsgevangene naar de sultan werd gevoerd. Ridderlijk nodigde Alp Arslan Romanus uit aan zijn tafel. Bij het vredesverdrag kwamen belangrijke steden als Edessa en Antiochie aan de Seldsjoeken. Een van Romanus dochters werd uitgehuwelijkt aan een zoon van Arslan.

Het was het begin van de opmars van de Islam, die tot diep in Europa zou doordringen en zou leiden tot de oproep van paus Urbanus ll in 1095 tot de bevrijding van Jeruzalem van de Arabische overheersers en hierna volgende Kruistochten. Veel historici beschouwen deze slag als het begin van het verval van het Byzantijnse Rijk. Door de overgave van Antiochië, Edessa en Manzikert verloor het Byzantijnse Rijk zijn handel en invloed op het Midden-Oosten. Binnen enkele jaren ging Klein-Azië, de belangrijkste bron van manschappen en inkomen voor Byzantium, verloren en schreef de nieuwe Byzantijnse keizer Alexius l een verzoek om hulp aan paus Urbanus ll.

Michael Vll Parapinakes (1071-1078)

1077 Nicea veroverd door de Seldjoeken

Nicephorus lll Botaniates (1078-1081)

1080 stichting van het sultanaat van Rum (Ioonium).

1081 Normandiers vallen het eiland aan maar worden door de Byzantijnen verjaagd. Belangrijk was de hulp van de Venetianen

Alexius l Comnenus (1081-1118)

Een staatsgreep hielp in 1081 Alexius l Comnenus op de troon en hij bleef die behouden tot 1118. Om de macht van Byzantium te behouden verwierf hij later de steun van de Venetianen en een aantal Westeuropese ridders. Hij leverde een verdedigingsstrijd tegen de Noormannen onder Robert Guiscart. Alexius  wist de Normandiërs in de Balkan te stoppen en heroverde delen in het westen van Klein-Azië. Voor hun hulp in de strijd tegen de Noormannen kregen de Venetianen het recht om in alle delen van het Byzantijnse rijk zonder tolbetaling handel te drijven. Dit betekende het begin van de Venetiaanse macht in de Levant. In 1091 versloeg hij definitief de Petsjenegen, die zich nadien vestigden in Walachije en Transsylvania. Deze Petsjenegen waren in 1064 en 1090 doorgedrongen tot Constantinopel. Zij waren afkomstig uit het gebied tussen Oeral en Wolga en behoorden van de 6de tot de 8ste eeuw tot het West-Turkse rijk in Mongolia.

rechts: Alexios l Comnenus

Byzantijnse Rijk (1100-1200)

laatst bijgewerkt: 30-01-08

colofon