3011

Westelijke Provincies (305 - 313 n. Chr.)

Maximianus  Constantius l Chlorus
Toen Diocletianus in 305 besloten had af te treden, kwamen de westelijke provincies van het Romeinse Rijk (Italië, Spanje en Afrika) onder het bewind van augustus Constantius l Chrlorus. Diocletianus' schoonzoon  Galerius werd Augustus v.h. oosten. Maxentius, de zoon van ex-keizer Maximianus die eveneens in 305 was afgetreden, voelde zich gepasseerd en was daarover bijzonder verbitterd.

Als hulpkeizer (caesar) van Constantius l had Diocletianus niet Constantius' zoon Constantinus (Constantijn), maar Valerius Severus (Severus ll) aangewezen. Deze kwam, net als zijn goede vriend en medekeizer Galerius uit Illyricum uit een onaanzienlijke familie. Hij had als militair gediend onder diverse keizers, maar verder weten we niets van hem, tot zijn benoeming tot caesar.

Keizers van het westen

Constantius l 305 - 306
Valerius Severus 306 307
 Maxentius (usurpator) 306-312
Constantinus 308 - 337

Valerius Severus (306-307) 

Een jaar na zijn aanstelling stierf Constantius in Eboracum, tijdens een veldtocht tegen de Picten en Schotten (306). Zijn hulpkeizer Valerius Severus volgde met op als augustus van het westelijke deel van het rijk en Constantius' zoon Constantinus (Constantijn) zou onder caesar (onderkeizer) zijn. Vanuit zijn residentie te Trier had hij het bestuur over zowel Gallië als Brittannië. Keizer Galerius erkende Valerius Severus, maar met tegenzin, om een burgeroorlog te voorkomen. De Romeinse troepen in Brittannië riepen Constantinus echter uit als augustus (opperkeizer) van het Westen. 

rechts: Valerius Severus

Enkele maanden later brak er een opstand uit  onder de burgers van Rome. Galerius had namelijk bepaald dat de burgers van Rome niet langer gebruik mochten maken van de belastingprivileges, die zij sinds de tijd van republiek hadden. De opstandelingen wezen Maxentius (de zoon ex-keizer Maximianus, die zich gepasseerd had gevoeld toen zijn zwager Constantius Chlorus en niet hij als augustus van het westen was aangesteld), vroeg onmiddellijk zijn gepensioneerde vader of deze zich aan zijn zijde wilde plaatsen op de troon. Met zijn steun veroverde Maxentius in 306-307 Italië en Spanje en later ook Africa op zijn rivaal Valerius Severus. Vana 306 tot 312 regeerde Maxentius als usurpator, d.w.z.  dat hij geen recht had op de titel en niet door de andere keizers erkend werd. 

rechts: Maxentius


Galerius riep Valerius Severus op de opdracht de rebellie neer te slaan. Hij stuurde Severus met een oud leger naar Rome om met Maxentius af te rekenen. Maxentius wist zijn troepen echter om te kopen om te deserteren. Severus vluchtte naar Ravenna. Daarop zette Maxentius een valstrik door zijn vader naar Ravenna toe te sturen met het voorwendsel dat hij vrede en veiligheid aan kwam bieden. Severus werd echter gevangengenomen en naar Rome gebracht, alwaar hij in 307, toen Galerius Italië binnenviel, onder verdachte omstandigheden stierf.

Daarop trok zijn vader Maximianus naar Gallië en won de tot augustus uitgeroepen Constantinus, voor de zaak van zijn zoon. Er ontstonden echter moeilijkheden tussen hen beiden. Maximianus trachtte zijn zoon af te zetten. Deze coup mislukte echter en Maximianus vluchtte naar Constantinus in Gallië (307). Daar trad hij in het huwelijk met zijn dochter Fausta (dus de zuster van Maxentrius).

In 308 zette ex-keizer Diocletianus, als voorzitter van het vredesberaad in Carnuntum, een troonregeling voor. ( Oostelijke provincies 305-313). Daarbij werd Maxentius opnieuw  uitgesloten. Constantinus, werd teruggezet in zijn rang tot onderkeizer over Gallië en Brittannië en Valerius Licinius, werd aangesteld als augustus (opperkeizer) met de Donauprovincies als machtsgebied. Maxentius wist zich echter te handhaven in Italië en heroverde zelfs Africa, dat in opstand was gekomen (309-310). In 310 ontstond er een breuk tussen Maximinus en Constantijn. Constantijn veroverde Spanje op zijn rivaal en trok met een klein leger op naar Italië en bezette het noorden. In de slag bij de Pons Milvius bij Rome (312) versloeg hij Maxentius waarbij deze verdronk.
Vlak vóór de Milvische Brug moet Constantijn in een visioen gezien hebben hoe zich het kruisteken voor de zon plaatste,  met als onderschrift Overwin hiermee [het monogramteken X en P (de Griekse letters Chi en Rho, de eerste letters van van de naam Christus, een verschijnsel dat hem ertoe bracht om zich te bekeren tot het Christendom en een einde te maken aan de rechteloosheid, waarin de Christenen eeuwenlang hadden geleefd.

De "bekering" van Constantijn de Grote tot het Christendom is een merkwaardige en verwarde zaak. Opgevoed aan het hof van Diocletianus ten tijde van het hoogtepunt van de Christenvervolgingen, zou hij erg doordrongen zijn geraakt van de aard en de kracht van het Christelijke geloof en het is niet onmogelijk dat zijn moeder, het barmeisje Helena, daartoe al bekeerd was. Toch was hij in zijn vroegere leven kennelijk een aanbidder van Sol Invictus (De Onoverwonnen Zon) en hij schijnt een tijdlang de overtuiging toegedaan te zijn geweest dat de zon en de god der Christenen één en dezelfde waren. Zelfs in 318 gaf hij nog steeds munten uit met het opschrift Sol Invictus Come Augusti en uit de redactie van zijn edict, waarin de zondag een verplichte rustdag wordt, krijgt men sterk de indruk dat hij geloofde dat de Christenen de zondag inderdaad voor het vereren van de zon reserveerden. Volgens zeggen bekeerde Constantijn zich tot het Christendom als dank voor de overwinning op zijn rivalen, maar waarschijnlijk was de ware beweegreden dat hij hoopte op steun van de Christenen om zijn macht te kunnen blijven uitoefenen. 

links: Constantinus

 Romeinse Rijk (313 - 337 n. Chr.)

laatst bijgewerkt: 15-01-11

colofon