3483

Apostel Paulus

Paulus (ca. 3 -  64 of 67 n. Chr.) was vermoedelijk de zoon van een joodse moeder en een Romeins vader. Hij werd omstreeks 3 na Chr. in Tarsus (Cilicië) geboren. Hij bezat mogelijk het Romeinse staatsburgerschap. Aanvankelijk was hij een actieve vervolger van de eerste christenen, door hen te laten opsluiten en in sommige gevallen te laten doden. In de Bijbel wordt vermeld dat hij zijn goedkeuring gaf aan de dood van de diaken Stefanus, een joodse christen die in 35 n. Chr. door steniging in Jeruzalem de martelaarsdood stierf. Op weg naar Damascus om de volgelingen van jezus te bestrijden bekeerde hij zich en liet hij zich in Damascus dopen. Daarna ondernam Paulus diverse reizen door Klein-Azië en Griekenland om het evangelie te verkondigen, christelijke gemeenten te stichten en eerder ontstane gemeenten te bezoeken. Op last van keizer Nero (54 - 68 werd Paulus gearresteerd en naar Rome gebracht om daar berecht te worden. 
Tussen 47 - 57 reisde Paulus in Anatolië. Toen hij in Efeze aankwam, trof hij daar een bloeiend bedrijf van zilversmeden die zich hadden gespecialiseerd in de productie van beeldjes van de godin Artemis. Uit angst voor het verdwijnen van de cultus rond deze alom vereerde godin (en het daarmee samenhangende verlies aan inkomsten) riep de smid Demetrius de bewoners van de stad op zich te verzetten tegen de monotheïstische ideeën van Paulus. De handwerks- lieden raakten daarop in verwarring en gezamenlijk trokken zij op naar het theater. De fanatieke massa werd daar uiteindelijk tot rust gebracht door de secretaris van de stad, die de klachten van Demetrius verwees naar het parlement en de rechter; zij zouden een eerlijk oordeel kunnen vellen. Paulus kon met een gerust hart de stad weer verlaten.

In 64 of 67 werd hij in het Circus van Caligula op de Vaticaanse heuvel terecht gesteld. Hij zou daar met zijn hoofd naar beneden zijn gekruisigd. Zijn lichaam werd door christenen bijgezet in een graf op een bestaande begraafplaats aan de Via Ostiensis naast het circus. Boven het graf werd een gedenkteken opgericht. In 314 gaf keizer Constantijn de Grote (313 - 337) opdracht om dit gedenkteken te vervangen door een kleine basiliek, waarbij de kerk dwars over dat kerkhof heen werd gebouwd (deze situatie is te vergelijken met die van de oude Sint Pieter). Deze oude Pauluskerk lag ingeklemd tussen de Via Ostiensis en een zij-weg naar de Tiber. 

Rechts: Paulus predikt in Efeze

In 383 besloot keizer Flavius Valentinianus (364 - 375) de kerk te vergroten, waarbij de oriëntatie van het gebouw werd gewijzigd: de voorgevel ziet nu uit op de Tiber. Dit was nodig omdat anders het nieuwe bouwwerk de Via Ostiensis zou afsluiten. Het altaar bleef op de dezelfde plaats: boven het graf van de apostel. Voor de bouw is gebruik gemaakt van spolia, afkomstig van de Basilica Aemilia op het Forum Romanum. In 390 werd de nieuwe basiliek ingewijd door paus Siricius.
In de loop van de eeuwen werd de basiliek verschillende malen getroffen door plunderingen en vernielingen: in 739 door de Longobarden, in 846 door de Saracenen, in 1348 door een aardbeving en in 1527 door de troepen van Karel V tijdens de Sacco di Roma. Ter bescherming van de kerk en de aangrenzende gebouwen en de bewoners werd eind 800 - net zoals bij de Sint Pieter - ter verdediging een muur opgetrokken, waardoor het enclave-karakter van de Paulus-buiten-de-Muren (San Paolo fuori le Mura) werd benadrukt. In 1823 ging de kerk door onachtzaamheid van een dakbewerker door een brand verloren. Slechts een deel van het transept, de triomfboog, gevel en klooster met de kruisgang bleven bespaard. Na deze brand werd de kerk herbouwd, waarvoor de (protestantse) koning Willem l nog een donatie gedaan heeft. Tot de brand was het graf van Paulus nog zichtbaar geweest en kon door gelovigen worden benaderd. Na de brand is de kennis omtrent de juiste locatie van het graf verloren geraakt. Archeologen hebben de sarcofaag, waarin de beenderen van Paulus worden verondersteld aanwezig te zijn, opgegraven. Hiertoe werd besloten nadat gelovigen tijdens het Heilig Jaar van 2000 hadden geklaagd dat het graf van Paulus niet kon worden bezocht. Aan de zijkant van het altaar kan men nu door een raampje een blik werpen op de sarcofaag. In de tombe zijn botfragmenten aangetroffen en fragmenten van textiel.
 

Over de rol van Paulus, die door sommigen beschouwd wordt als de ware stichter dan wel vormgever van het Christelijke geloof, bestaat onduidelijkheid. Was hij een geheim agent van het Romeinse leger die de ontluikende opstandige sekte van de christenen in verwarring te brengen en om te buigen naar een Rome-vriendelijk geloof? (Voskuilen: Alias Paulus). Hij en de evangelieschrijvers die na hem kwamen, waren absurd vriendelijk over het Imperium Romanum, dat toch hun Jezus aan het kruis genageld had, hoewel je uit alleen deze Rome-vriendelijkheid toch niet kunt afleiden dat Paulus en andere betrokken apostelen in dienst waren van de Romeinse geheime dienst en meespeelden in een geheim scenario. Als de Romeinen echt last van de christenen hadden, beschikten zij wel over andere,minder omslachtige middelen dan te infiltreren in een marginale joodse sekte. Blijft het feit dat Paulus net zo intrigerend is als Jezus, zeker als Jezus werkelijk gewoon een van de vele opstandige predikers is geweest. De reislustige apostel Paulus heeft het Christendom geopend voor de niet-Joden en de theologie van het kruisoffer gelanceerd - en volgens sommigen ook de erfzonde. De intrigerende vraag blijft wel waarom deze Paulus nou net Jezus had uitgekozen als object van verering, nadat hij nota bene eerst diens volgelingen had vervolgd en Jezus zelf nooit heeft ontmoet. En waarom was Paulus zo populair bij de latere Christenen dat een groot deel van het Nieuwe Testament aan hem werd gewijd met Handelingen en de teksten van zijn brieven?

Laatst bijgewerkt: 21-10-10

colofon