716

Makaken

Primaten Apen van de Oude Wereld (Smalneusapen Apen van de Oude Wereld Meerkatachtigen Makaken
Makaken zijn Apen van de Oude Wereld. Ze behoren tot de onderfamilie der Meerkatachtigen (Cercopithecinae), waartoe ook de Bavianen, de Mandril, de Gelada's, Huzaarapen, Mangabeys en Meerkatten (Cercopithecidae) behoren.

Het woord makaak is afkomstig van macac of macaque. In Kongo en Guinea is dit het woord voor aap.

Zij zijn het talrijkst van alle apen van de Oude Wereld en hebben de grootste verspreiding. Zij leven in de meest uiteenlopende gebeden. Verspreid over Azië vinden we 18 verschillende soorten van de tropische wouden van Zuid-Oost-Azië, de vlakten van India tot de voetheuvels van de besneeuwde bergen van Tibet en het Atlasgebergte in Noord-Afrika. De Makaken in Indonesië leven alleen op de eilanden juist ten noorden van de Evenaar. Eén soort, het Berberaapje, is de enige aap die in Europa voorkomt; hij werd in de 18e eeuw ingevoerd uit Afrika.

Er zijn soorten met lange staarten (zoals de spotmakaak), korte staarten, maar ook staartloze (zoals de Tibetaanse makaak). Vele zijn bruin, maar een aantal is zwart. Zij zijn groter en hebben een langer gezicht dan de Meerkatten, maar zijn kleiner en en hebben een korter gezicht dan Bavianen. Van de diverse soorten is de Resusaap het bekendst.

Makaken leven, net als de Bavianen veel op de grond. Ze hebben wangzakken waarin ze voedsel kunnen wegstoppen als ze op handen en voeten lopen.

Makaken zijn miljoenen jaren geleden ontstaan uit primitieve insecteneters. Ze hebben uit die tijd nog een aantal "primitieve resten" overgehouden. Zo hebben ze nog steeds vijf vingers aan elke poot en is de tandopbouw vrij simpel gebleven vergeleken met bijvoorbeeld de tanden van de planteneters. De ontwikkeling die zij hebben doorgemaakt is gericht geweest op aanpassingen aan hun leven in de bomen. Hun ogen zijn zodanig ontwikkeld dat ze goed binoculair (=tweeogig) kunnen zien. Dit is nodig om goed afstanden te kunnen inschatten. Verder hebben zij verlengde vingers en tenen om zich goed vast te kunnen grijpen aan boomstamme en -takken. Verder zijn duim en grote teen opponeerbaar: d.w.z. ze kunnen er iets mee vastpakken. Tot slot zijn hun grote hersenen gegroeid, waardoor hun intelligentie sterk toenam.

Net als de meeste apen zijn makaken ominivoren die vaak akkers en tuinen plunderen en in India ook vaak de broekzakken van toeristen plunderen. Sommige makaken zijn in hun habitat vrij algemeen, maar de Japanse makaak, de Celebers-makaak en de Wanderoe worden ernstig bedreigd.

Gemaakt: 14-07-05

colofon