De Hassuna-cultuur die in het 6e mill. v. Chr. ontstond in het noorden van Irak dicht bij de Tigris, overlapte in zekere mate de Samarra- en de Halafcultuur, die ten dele uit dezelfde tijd stamden.
De nederzetting Hassuna, zo'n 34 km. ten zuiden van Mosoel, was een typisch boerengemeenschap. De mensen woonden in grote, dicht op elkaar staande huizen van aangestampte leem, die bestonden uit verschillende kamers en binnenplaatsen met ovens en bepleisterde kuilen waarin graan werd bewaard. In een ander dorp uit diezelfde periode in dezelfde omgeving werd een reeks celvormige kamers gevonden, gerangschikt in rijen waar de bewoners op hun knieën door moesten kruipen.
Niet zeker is of deze kamers bewoond werden of dienden als voorraadkamers. Sommige van deze vertrekken waren alleen via het dak toegankelijk. Bewoners van sommige dorpen legden zich toe op de landbouw en veeteelt. Zij verbouwden emmer (een graangewas) en hielden schapen, varkens, geiten, runderen en honden. Bewoners van andere dorpen, veelal dicht gelegen bij de steppe, gingen zich meer bezighouden met de jacht, met name op gazellen en onagers (wilde ezels). Hiervan zijn wandschilderingen ontdekt.
|
 |