1886 Ecuador
Vice-konnkrijk Peru - Pizarro

Ecuador lig in het noordwesten van Zuid-Amerika. Het land grenst in het noorden aan Colombia, in het oosten en zuiden aan Peru, en in het westen aan de Stille Oceaan. Het land is genoemd naar de evenaar (in het Spaans: ecuador), die het land doorsnijdt. Door het Andesgebergte is Ecuador in drie zeer verschillende landschappen verdeeld: de kustvlakte (Costa), het Andesgebergte (Sierra) en het tropisch regenwoud (Oriente). De hoofdstad van Ecuador is Quito, maar dat is niet de grootste stad. De grootste stad is Guayaquil.

Al lang voordat de Inca's zich in de 15e eeuw in het gebied vestigden bestonden er in Ecuador verschillende indiaanse culturen. De meesten van hen woonden aan de kust en in de hooglanden. De belangrijkste stammen waren de expansionistische Caras aan de kust, en de meer vreedzame Quitus in de hooglanden. De Caras, onder leiding van hun hoofdman Shyri, veroverden uiteindelijk de macht over de Quitus. Samen gingen zij verder als de stam van de Shyri.

In de 15e eeuw vestigden de Inca's zich in Ecuador. Het hart van het Incarijk lag in Cuzco, waarvandaan het zich uitbreidde tot tot het noordwesten van Argentinië, het noorden van Chili en het zuiden van Ecuador. In 1529 stierf de Incaleider Huayna Capac. Anders dan gebruikelijk liet hij zijn rijk niet na aan één van zijn zoons, maar aan twee: Huascar kreeg het zuiden, dat Cusco als centrum had. En Atahualpa kreeg het noorden dat het huidige Quito als centrum had. Uiteindelijk wist Atahualpa Huascar gevangen te nemen. Atahualpa nam zijn intrek in Cajamarca (in het huidige Peru), omringd door een enorm leger. 

In 1534 veroverden de Spaanse conquistadores, onder leiding van Francisco Pizarro Ecuador. De hoofdstad Quito werd daarbij tot de grond toe afgebrand. Inca's die Atahualpa een kwaad hart toedroegen hadden Pizarro naar Cajamarca geleid, waar hij Atahualpa gevangen wist te nemen. Zijn leger kreeg daardoor geen orders meer en wist niet meer wat te doen. 

De Spanjaarden vielen het leger bij verrassing aan. Tienduizenden incasoldaten werden afgeslacht en Huascar werd op aanraden van Atahualpa vermoord. De Spanjaarden stichtten op de plaats van de verwoeste Inca-stad Quito de stad Muy noble y muy leal ciudad de San Francisco de Quito (Zeer hoogstaande en zeer loyale stad van Sint Fransiscus van Quito), de huidige hoofdstad Quito. In de periode die volgde vormden de Spaanse kolonisten de nieuwe elite. De inheemse bevolking werd door ziekten uitgedund, nadat zij door hard werken voor de Spaanse kolonisten ernstig verzwakt was geraakt.

Quito groeide in 300 jaar tijd uit tot een stad van rond de 10.000 inwoners. Op 10 augustus 1809 ontstond in deze stad voor het eerst de roep om onafhankelijkheid van Spanje. In 1822 versloegen onafhankelijkheidsstrijders het Spaanse leger, en het land sloot zich vervolgens aan bij de Republiek Groot-Colombia van Simón Bolívar. In 1830 viel die republiek uit elkaar, en werd Ecuador een onafhankelijke republiek.

De 19e eeuw kenmerkte zich door instabiliteit. Verschillende heerster volgden elkaar in snel tempo op. In 1860 lukte het de conservatieve Gabriel Garcia Moreno, met hulp van de katholieke kerk, om de rust enigszins te herstellen. Aan het einde van die eeuw leefde de economie op, doordat de cacao een belangrijk exportproduct werd. Dit leidde tot een verhuizing van bewoners van de hooglanden naar de cacao-plantages aan de kust. Toen de behoefte aan cacao in de wereld weer afnam, leidde dat tot een nieuwe periode van politieke instabiliteit vanaf 1925.

Gemaakt: 21-12-05

colofon