7331

Lage Landen (1581-1588)

De Nederlanden (1572-1581)  

Intussen had Filips weer een nieuwe landvoogd naar de Nederlanden gestuurd: zijn neef Alessandro Farnese, de hertog van Parma. Deze heroverde de zuidelijke provinciën, die hiermee onder Spaans bestuur vielen en werden bekeerd tot het katholicisme. Willem voelde zich door de overwinningen van de Spanjaarden gedwongen Franse steun te zoeken. Noodgedwongen bood hij hertog Frans (François) van Alençon en Anjou (1556-1584), de 25-jarige zoon van koning Hendrik ll van Valois en Catharina de Medici en broer van de Franse koning Hendrik lll van Valois, de soevereiniteit aan. Op 20 augustus 1582 werd hij feestelijk ingehuldigd in Gent. De noordelijke provinciën - Friesland, Gelderland, Groningen, Holland, Overijssel, Utrecht en Zeeland - vormden in 1579 de Unie van Utrecht en verklaarden zich op 22 juli 1581 zelfstandig. Officieel gebeurde dit met de Acte van Verlatinghe.

François van Anjou bleek echter een verkeerde keuze te zijn. Hij maakte zich drukker om de feesten die hij met zijn vrienden vierde dan om de bevolking. Hij werd gezien als een onbetrouwbare griezel, wiens uiterlijk door zijn losbandige levenswijze al danig de poederdoos behoefde. Vooral de Hollanders en Zeeuwen wilden van deze katholieke landsheer niets weten. Zij hadden in 1575 Oranje als Hoge Overheid erkend en vroegen daarom een uitzonderingspositie voor zichzelf. Om Anjou buiten de deur te houden, drongen zij er bij Oranje op aan dat hij zelf de grafelijkheid aanvaardde, wat de prins op dat moment nog afwees. Op 18 maart 1582 pleegde Jean Jaureguy in Antwerpen een aanslag op het leven van de prins. Willem werd in de kaak getroffen, maar overleefde de aanslag. Anjou werd door het volk als brein achter de aanslag beschouwd.

rechts: Frans van Anjou

Charlotte de Bourbon week geen moment van Willem's ziekbed. De wonden wilden niet helen en hij overleefde slechts doordat Charlotte en Willem's zuster, geholpen door anderen, om beurten met hun duim de wond dichthielden. Willem knapte langzaam op, maar Charlotte vergde te veel van zichzelf. Haar gezondheid liet het afweten en zij stierf op 5 mei 1582.

De hertog van Anjou was op zeker moment zijn beperkte rol beu. Hij besloot Antwerpen en verschillende andere Vlaamse steden te veroveren om eindelijk heer en meester te zijn. De inwoners van Antwerpen waren echter gewaarschuwd en zij gaven in de ochtend van 18 januari 1583 de verbouwereerde Fransen er geducht van langs. In de zogenaamde Franse furie (17 januari 1583) sterven meer Fransen dan Antwerpenaren, maar de gebeurtenissen brachten de Franse politiek van Oranje in diskrediet. Toch ijverde Oranje voor een formele verzoening met Anjou, ook toen deze in juni 1583 de Nederlanden voorgoed verliet.

Meer dan 1500 Fransen werden door de burgerij gedood. Bij de moordpartijen kwamen slechts 80 burgers van de stad om. Na een maandenlang beleg veroverde de hertog van Parma op 17 augustus 1585 de stad Antwerpen. Hij verordonneerde, dat alle protestantse burgers binnen vier jaar de stad dienden te verlaten. Dit leidde er toe, dat de meest bekwame en meest getalenteerde burgers de stad verlieten. Bij duizenden trokken de Antwerpenaren naar veiliger en meer winstgevende nieuwe woonplaatsen: Amsterdam, Haarlem, Middelburg, maar ook dichter bij huis: Bergen op Zoom en Breda. Antwerpen werd door de blokkade van de Westerschelde volledig afgesloten voor de handel.  De naar Amsterdam gevluchte Antwerpse kooplieden brachten hun handelscontacten en hun kennis van de zuidelijke handel mee. Dit was van vitaal belang voor het succes van de VOC en de Oost-Aziatische handel en indirect voor de latere economische bloei van Holland.

Links: 27 augustus 1585 trok Parma Antwerpen binnen. Hij zit op het witte paard op de brug net voor de stadspoort van Antwerpen.

In datzelfde jaar trouwde Willem voor de vierde maal. Dit keer was Louise de Colligny de bruid. Zij was een stuk jonger dan haar bruidegom, maar desondanks bleek het een gelukkig, hoewel kortstondig huwelijk te zijn.

Toen Anjou stierf (1584) kon Willem niet langer weigeren de soevereiniteit te aanvaarden. De titel die hij koos, was Graaf van Holland, maar voordat een en ander zijn belslag kreeg, sloeg het noodlot toe.

De Fransman Balthasar Gérards had het vertrouwen van de prins weten te winnen. Hij deed zich voor als François Guyan, een Franse protestant. Vaak wordt hij beschreven als een fanatieke (tegenwoordig zouden we zeggen extremistische) katholiek, maar hij wordt ook wel een huurling genoemd. Mogelijk was hij het allebei. Hoe dan ook, op 10 juli 1584 wist hij een pistool binnen te smokkelen in de Prinsenhof te Delft.

Op de trap schoot hij Willem neer. Volgens de overlevering zou Willem ineengezonken zijn met de woorden: "Mon Dieu, Mon Dieu, ayez pitié de moi et de ce pauvre peuple," ("Mijn God, Mijn God, heb medelijden met mij en met dit arme volk.") Een zuster van de prins vroeg of hij zijn geest in handen van Jezus Christus stelde, waarop de prins "ja" antwoordde, en overleed. Er is in de loop der eeuwen flink gediscussieerd of Willem werkelijk deze woorden gesproken heeft. 
Het verhaal komt in elk geval zeer kort na Willem's verscheiden in roulatie, wat het verhaal een stuk aannemelijker maakt, maar of het ook echt waar is, zullen we het nooit met zekerheid weten. De moordenaar Balthasar Gérards werd gearresteerd en ondanks de afkeer van martelen die Willem had, werd Balthasar Gérards gruwelijk gefolterd. Zijn hand werd afgeknepen met een gloeiende tang en tot afgrijzen van de toeschouwers sloeg hij met de bloedende stomp een kruis. Uiteindelijk stierf hij in de wetenschap dat zijn familie door Filips II in de adelstand verheven zou worden.  Ook nu nog dragen diverse Spaanse edelen zijn naam. In de Prinsenhof in Delft zijn tegen de muur naast de trap nog steeds een paar kogelgaten te zien. 
Deze zouden zijn ontstaan toen Balthasar Gerards de prins van Oranje in 1584 heeft vermoord. Het is natuurlijk een aardige herinnering aan deze op zich zelf trieste gebeurtenis, maar er zijn toch mensen, die aan dit feitelijke sprookje minder geloof hechten en denken dat deze 'beschadigingen' van de muur alleen maar zijn aangebracht om de herinnering aan deze grote Oranje levend te houden.
Op 3 augustus 1584 werd de Prins van Oranje in Delft begraven in de Nieuwe Kerk te Delft, waar een schitterend grafmonument werd geïnstalleerd, ontworpen werd door Hendrik de Keyser.

De dood van de Prins was een groot verlies voor de Republiek. 

De zaak stond er voor de opstandelingen niet best voor en de opstand leek uit te lopen op een mislukking. Parma had een groot deel van het zuiden veroverd en ook in het noorden waren belangrijke gebieden onder Spaans bestuur teruggekeerd. Er werd nog geprobeerd hulp te krijgen vanuit Engeland, maar die bleek niet veel te betekenen. De Staten Generaal besloten nu om zélf het land te gaan besturen en de Lage Landen uit te roepen tot de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden (Holland, Zeeland, Utrecht, Gelderland, Overijssel, Friesland en Groningen). 

In hetzelfde jaar (1588) stuurde Filips ll een enorme vloot (Armada) uit, niet alleen om de lastige Nederlanden te onderwerpen maar ook om Engeland te veroveren. Door een hevige storm op zee werd deze vloot echter uit elkaar geslagen, waardoor er van Filips' veroveringsplannen niets terechtkwam. 

De Republiek (1588-1600)

laatst bijgewerkt: 28-12-03

colofon