Tegen de omheining van het paleis (Alcazar, van het arabisch al-qasr) lag de joodse wijk, direct aan de oostzijde maar aan de andere kant van de hoofdverkeersader stond de Grote Moskee - in zijn tijd de op drie na grootste ter wereld, na die van Rabat en Samarra. Daar weer vlakbij lag de gevangenis. De begraafplaatsen lagen hiervan ten noord-westen bij Madinat al-Zahra en ten zuidoosten bij Madina al-Zahira, beide paleisenclaves.
In zowel stedebouwkundig als landschappelijk opzicht leek Cordoba op Damascus in Syrie. De grond rondom de stad was zeer vruchtbaar dankzij het irrigatiesysteem, dat was gebaseerd op watermolens en waterraderen. De eerste palmboom op het europese continent kwam uit Syrie en stond even buiten Córdoba.
Om vier redenen werd Cordoba beschouwd als veruit de belangrijkste hoofdstad van de wereld in de 10e eeuw:
1. de brug
2. de grote moskee
3. Madinat az-Zahra
4. Hét centrum van kennis
De volgende beschrijving van Cordoba is gebaseerd op de werken van middeleeuwse geschiedschrijvers:
Córdoba is de beste stad in de Maghrib (letterlijk: 'het westen', namelijk van de Islamitische wereld), met de grootste bevolkingsdichtheid. Zij is het evenbeeld van een van de delen van Bagdad en wordt zeer goed beschermd door stadsmuren. In een muur zijn twee open poorten van waaruit je naar de rivier gaat en richting ar-Rusafa (een buitenwijk).Aan de zuidkant van de stad loopt een wandelweg waarlangs de winkels en woningen van de gewone bevolking liggen.
Bewoners van deze stad hebben een zekere economische welvaart en hebben gespecialiseerde beroepen. De mensen lopen weinig maar verplaatsen zich per ezel of muildier. Ze zijn een beetje slap en lui. De soldaten zijn overigens net zo. Een beetje muildier kostte 100 dinar, voor 200 dinar kocht je een prachtdier.
De stad heeft goed drinkwater, is omringd door vruchtbare moestuinen, olijfbomen, en overal is vruchtbare grond. Alles wil er groeien. Er is een zilvermijn.. De stad lijkt op een stad in het Oosten, elegant, met een mild klimaat, zoet en zingend water. De stad met haar baden, tuinen, moskeeën en markten ligt in haar geheel langs de Gualdiquivir, de enige rivier met een arabische naam. Tussen de verovering in 711 en het 1000 is Cordoba alleen maar gegroeid. Van zuid tot noord strekte de stad zich 1700 el uit en van west naar oost 1400 el.
Cordoba was een stad met zeven toegangspoorten, 13.000 moskeeën, 3700 badhuizen, 30.452 winkels, 1600 onderkomens voor reizigers. Er waren 6780 slaven en ongeveer 7814 vrouwen (keukenmeisjes, jonge slavinnen), 3750 eunuchen, etc......
De Grote Moskee staat op de plaats waar ooit de Cordobezen hun afval en dode dieren heenbrachten. Volgens de overlevering kwam Salomo de zoon van David naar Córdoba en beval dat het gat werd gedicht en dat erop een tempel zou worden gebouwd voor de kinderen van Israël. Hier zouden ze met de Tora kunnen kennismaken. Daarna zond God Jezus Christus die beval dat hier een kerk werd gebouwd.
Zo geschiedde tot de islam al-Andalus veroverde. Tariq ben Ziyad beval dat in de helft van de kerk een moskee werd gebouwd voor de mozaraben. Later kocht Abd al-Rahman I de andere helft van de kerk breidde de moskee uit. Al-Hakam heeft de moskee jaren later verder verfraaid en onder iedere nieuwe heerser werd de moskee weer meer uitgebreid.'
Madinat el-Zahra (het paleis en de grote regeringswijk er tegenaan) heette zo naar de favoriete vrouw van Abd -al Rahman III, en werd gebouwd in 936. De bijnaam van het bijna spierwitte paleisgebouw omringd door tuinen was 'de concubine in de armen van een zwarte eunuch'.
Laatst gewijzigd: 03-11-07
colofon
|