2913 |
Romeinse rijk (337 - 361) |
![]() |
Nauwelijks had ![]() ![]() ![]() ![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Nu hadden zijn zoons waarlijk weinig van de grote eigenschappen van hun vader geërfd, maar des te meer van zijn ontembare heerszucht. Aanvankelijk richtte die heerszucht zich tegen hun ooms en neven. Op drie jonge prinsen na werden allen uitgeroeid. Een van de gespaard geblevenen, een minderjarige zoon van Constantijns stiefbroer Julius Constantius, was de latere keizer Flavius Claudius Julianus, die sinds 337 in ballingschap leefde, o.a. bij bisschop Eusebius in Nicomedia.
Toen Constantijn de Grote in mei 337 was overleden was zijn oudste wettelijke zoon Constantius er snel bij om zoveel mogelijk macht te grijpen. Hij was waarschijnlijk degene die de drijvende kracht was achter het uitroeien van de halve mannelijke familie van Constantijn. In september datzelfde jaar verdeelde hij het rijk samen met zijn broers Constantijn II en Constans. Constantius kreeg het oostelijke deel (Egypte en Romeins Azië), met uitzondering van Thracië, Achaea en Macedonia, dat onder controle van Constans viel. Constans werd Augustus van Italië, Africa en Illyricum. Nadat Constantinus ll het rijk van Constans was binnengevallen en was verslagen, kreeg Constans zijn gebied in het westen (Gallia en Spanje) erbij. Als aanhanger van patriarch In 340 stierf Constantijn II, de oudste van de drie broers, nadat hij om het leven was gekomen in een slag tegen Constans bij Aquileia. In 350 werd ook Constans gedood, door een opstand van de Magnentius. Constantius was nu theoretisch keizer van het complete rijk. In 350 stootte |
![]() ![]() Hij was heiden en opgeklommen tot legercommandant. Bij zijn poging zijn macht naar het oosten uit te breiden, werd hij door ![]() ![]() onder: Romeinse munt van Magnentius met Christogram |
![]() |
![]() |
![]() laatst bijgewerkt: 06-09-03 |