530 Evenhoevigen en Walvisachtigen (Cetartiodactyla)
Laurasiatheria Condylarthra Arctocynoiden Evenhoevigen em Walvissen

Evenhoevigen (Artiodactyla) en Walvisachtigen (Cetacea) zijn zeer nauw aan elkaar verwant en worden daarom ingedeeld in één orde: Walvissen en Evenhoevigen (Cetartiodactyla). De Walvissen en Evenhoevigen vormden hiervan een infra-orde. 

De Onderfamilie Oxyclaeninae van de Familie Arctocyonidae van de Condylarthen worden beschouwd als hun voorouders net als die van de andere groep hoefdieren: de Onevenhoevigen. Welke familie zich precies ontwikkelde tot welke hoefdiergroep is nog niet geheel duidelijk, maar momenteel veronderstelt met dat de Arctocynoiden evolueerden tot de Mesonychiden en de Evenhoevigen,

Links: Nieuwe indeling van de orde Evenhoevigen en Walvisachtigen. Uit DNA-onderzoek kwam naar voren dat de Walvisachtigen de naaste verwanten van de Nijlpaarden zijn. Dit kwam als een grote verrassing omdat op basis van de morfologie en fossielen werd aangenomen dat de Walvissen afstammelingen waren van de Mesonychia, een zustergroep van de evenhoevigen. Bepaalde morfologische kenmerken van uitgestorven, primitieve walvissen, met name van de enkelbeenderen, lijken echter de plaats van de walvissen binnen de evenhoevigen te ondersteunen. Deze nieuwe indeling is echter nog steeds controversieel.

Hoewel de Ambulocetus eruit ziet als een harige krokodil, is het eigenlijk een vroege Walvisachtige en behoort het dier tot de Walvisachtigen en Evenhoevigen.

Evenhoevigen verschillen in grootte van de kleine kantjil, die nog geen drie kilogram weegt en 48 centimeter lang wordt, tot het nijlpaard, dat wel 3,2 ton kan wegen en de giraffe, die 470 centimeter lang kan worden. Het zijn over het algemeen grondbewoners, en de meeste soorten kunnen hard rennen. 

De Evenhoevigen hebben vaak vier of twee tenen, dit in tegenstelling tot  hun verre verwanten, de onevenhoevigen. De evenhoevigen verschenen in het Eoceen. De meeste vormen waren aan het eind van die periode reeds ontstaan. De ontwikkeling verliep bij de groep echter langzamer dan bij de Onevenhoevigen. Bijna alle evenhoevigen zijn herkauwers met uitzondering van de Varkens, Pekari's en de Nijlpaarden die behoren tot de Onderorde Suina

Tot de Familie Dichodunidae behoort het Geslacht Diacodexis omvat de oudste evenhoevigen. De dieren van dit Geslacht waren in het Vroeg-Eoceen wijdverspreid over Noord-Amerika, Europa en Oostelijk Azië. Deze hoefdieren waren ca. 45 cm. lang en hadden slanke poten die aangepast waren aan het rennnen, een lange staart, korte oren. De tenen waren mogelijk uitgerust met kleine hoeven en de twee binnenste tenen waren langer dan die aan de buitenkant van de voet. Diacodexis leefde in de ondergroei, waar het op zoek ging naar zachte bladeren.

Rechts: Diacodexis

De Evenhoevigen worden onderverdeeld in drie onderorden.

  • Varkenachtigen (Suina of Suiformes) 
  • Herkauwers (Ruminantia) 
    • Dwergherten (Tragulidae)
      De familie van de dwergherten is vermoedelijke de schakel tussen de suborde Tylopoda (eeltpotigen) en de suborde Pecorana of Ruminantia (herkauwers; herten, giraffen en runderen).
    • Muskusherten (Moschidae)
    • Hertachtigen (Cervidae): Reuzenhert
    • Giraffen (Giraffidae): Giraf, Okapi
    • Holhoornigen (Bovidae)
    • Gaffelantilopen (Antilocapridae)

  • Eeltpotigen (Tylopoda)
 

Laatst bijgewerkt: 10-12-09

colofon