3503

Brittannia (200 - 300)

Brittannia (100 - 200)

In 209 vertrokken keizer Septimus Severus en zijn zoon naar Brittannië om een einde te maken aan de vernielingen die aan de noordgrens door de barbaren werden aangericht. Dankzij een reeks briljante veldtochten slaagden zij erin de Picten terug te drijven, waarbij ze tot ver in Noord-Schotland doordrongen.

Na Albinus' mislukte machtsgreep (197) werden er in Brittannië op grote schaal verwoestingen aangericht. Terwijl de keizer in Eburacum (York) voorbereidingen aan het treffen was om de grens te versterken, overleed hij (211).

 

 

Aan het eind van de derde eeuw werd Brittannia bestuurd door Marcus Aurelius Mausaeus Carausius, die ook regeerde over Gallië. Hij was van oorsprong een Menapiër uit Belgisch Gallië, die zijn bekwaamheid had bewezen gedurende Maximianus' campagne tegen de Bagaudae rebellen in Gallië in 286. Als gevolg daarvan was hij benoemd tot commandant van een vloot die haar thuishaven in het Engelse Kanaal had, met als verantwoordelijkheid het uitschakelen van de Frankische en Saksische piraten die de kust onveilig maakten. Klaarblijkelijk maakte Carausius er gewoonte van de aldus verkregen buit voor zichzelf te houden, en te gebruiken voor het rekruteren van voormalige piraten als scheepsbemanning. 
Maximianus zag Carausius als een bedreiging, en verordende zijn dood. Carausius kwam echter achter deze plannen en reageerde door zichzelf tot keizer uit te roepen, en kreeg daarin de steun van de drie Romeinse legioenen in Brittannië, en één in Gallië. Met de hulp van deze troepen en zijn vloot, aangevuld met de steun van Franken en Britten, had Carausius een sterke positie. In 289 faalde een invasie van Brittannië met het doel hem af te zetten als gevolg van een storm. Carausius trachtte tot overeenstemming te komen met Maximianus en diens mede-heerster Diocletianus, echter generaal Constantius l Chlorus werd gestuurd om de rebellie neer te slaan. Er wordt gespeculeerd (o.a. door de historicus S.S. Frere) dat de rebellie van Carausius een bedreiging was voor Diocletian's visie van een sterke, gecentraliseerde regering gebaseerd op zijn tetrarchie. In elk geval, rond 293 had Constantius de macht over noord Gallië, en de haven van Boulogne, die voor Carausius van groot belang was. Constantius had daarnaast de steun terug verworven van het Gallische legioen. Door deze tegenslagen verzwakt, was Carausius niet bedacht op de aanslag die zijn rentmeester Allectus pleegde. Monmouth verhaalt dat Allectus met drie legioenen werd gestuurd om Carausius uit de weg te ruimen en Brittannië weer onder Romeins gezag te brengen. In plaats daarvan nam Allectus het Britse koningschap over.

Geoffrey van Monmouth vertelt in zijn op legendes gebaseerde geschiedkunde dat Allectus direct nadat hij het koningschap over Brittannië verkreeg, honderden aanhangers van Carausius liet vermoorden, omdat ze hun trouw aan Rome hadden geschonden). 

Nadat Allectus de troon van Brittannië had bestegen, bracht Constantius een vloot bij elkaar om strijd te leveren met Allectus' machtige oorlogsvloot. Constantius' vloot kwam echter vast te zitten op zee door een dichte mist. De ene helft van zijn vloot landde in een baai aan de Zuid-Engelse zuidkust. de andere helft aan de kust bij Rutupiae (Richborough). 

Constantius l Chlorus, in 293 uitgeroepen tot caesar van Caesar van Gallia en Brittannia, stuurde daarop een tweede vloot uit onder het bevel van de praetoriaanse prefect Asclepiodotus die in 296 met succes aan land ging. Al snel wist hij de weerstand van de Britten, die door opstandige Romeinse legioenen werden gesteund te breken en bereikte Londinium. Asclepiodotus zegde de Romeinse legioenen die inmiddels in de strijd waren gedecimeerd tot niet meer dan één legioen toe ze te sparen als ze zich overgaven. Het legioen ging daarop in, maar werden daarop onthoofd door de strijders van de Keltische stam van de Venedoti. Nadat Asclepiodotus Londinium had bezet werd hij officieel tot koning gekroond. Hij zou tien jaar lang regeren als een rechtvaardig heerser. Rond het jaar 303 stuurde keizer Diocletianus zijn medekeizer Maximianus naar Brittannia om alle kerken en Bijbels te vernietigen en alle priesters te doden. In antwoord op Asclepiodotus steun aan deze wreedheden, kwam Cole, de hertog van Colchester in opstand tegen de Roemeinse machthebbers. Asclepiodotus sneuvelde in de slag die volgde, en Cole (Coel) volgde hem op als koning van Brittannia.

Brittannia (300 - 400)

laatst bijgewerkt: 30-08-02

colofon