In de tweede helft van de tweede eeuw kreeg de stad daadwerkelijk Romeinse stadsrechten en werd ze ommuurd. Er woonden dan ongeveer 5.000 mensen. De stad beleefde een ware bloeiperiode. Onderaan het Valkhof, langs de rivier, ontstond een nieuwe handelsnederzetting. Zo wonen er in een strook van vijf kilometer langs de Waal ongeveer 10.000 tot 15.000 mensen. Er waren goede verbindingen met steden als Xanten en Keulen en er werd een brug aangelegd over de Waal (ongeveer op dezelfde plaats waar de huidige spoorbrug ligt). In Elst liet de keizer door soldaten van het Tiende Legioen een nieuwe tempel bouwen, in zijn soort de grootste van Noordwest-Europa. De bouw van de tempel was tegelijk een politieke zet: de vorm komt voort uit Keltische tradities, maar is verder Romeins. Dat geldt ook voor de godheid voor wie de tempel werd gebouwd: de Bataafse hoofdgod Magusanus, die door de Romeinen gelijkgeschakeld werd met Hercules. Voor Magusanus verrezen ook tempels in Empel en Kessel. In de omgeving van Nijmegen, vooral in het Land van Maas en Waal werden ook grote villa's aangelegd, grote landbouwbedrijven die moesten voorzien in de grote behoefte aan graan. Op de St. Jansberg bij Plasmolen liet een hoge officier uit Nijmegen in de 2e eeuw een 84 meter brede villa bouwen met verwarmde vertrekken en fraaie muurschilderingen en een privé badhuis met marmeren vloeren. Lees verder Archeonet. In het boek Romeins Nijmegen / Paul van der Heijden (BNM Uitgevers, 2008) staat op p. 173 een fraaie reconstructietekening.
Rond 104 had het Tiende Legioen de castra op de Hunerberg al verlaten. Het legerkamp bood nog wel plaats aan enkele kleinere legereenheden, maar na 175 werd het kamp voorgoed door de Romeinen verlaten.
|