10282 |
Oostenrijk - Hongarije (1848 - 1900) |
![]() |
In 1848 werd de zwakke Ferdinand afgezet ten gunste van |
![]() |
|
In het revolutiejaar 1848 groeiden in alle delen van het Habsburgse rijk verzetshaarden tegen het keizerlijk bewind. Op 13 maart 1848 sloeg in Wenen de vlam in de pan; een menigte studenten drong de Hofburg binnen en eiste het ontslag van Metternich. De kanselier ging vrijwillig in ballingschap, maar de toestand in Oostenrijk veranderde hier niet door. Keizer Ferdinand stond machteloos tegenover de eisen van de radicalen. Ook de keizerin, de aartshertogen en de ministers wisten zich geen raad. Het hof vluchtte naar Innsbruck. Er ontstond een contrarevolutionaire beweging met aartshertogin Sophie als dominerend brein. Zij wilde vooral dat de Habsburgdynastie bleef bestaan. De zeer intelligente en eerzuchtige aartshertogin Sophie was omringd met mensen zonder inzicht en daadkracht. In Innsbruck verzamelde zij capabele mannen, waaronder prins Windischgrätz en prins Schwarzenberg, om zich heen en plannen werden gesmeed. |
In augustus laaide de opstand weer op in zowel Italië als in Hongarije. Kroatië was loyaal aan de keizer en trok met een leger de grens over om te gaan strijden in Hongarije. In september werd in Boedapest de keizerlijke opperbevelhebber door een woedende menigte aan stukken gescheurd. In oktober werd de minister van oorlog in Wenen opgehangen aan een lantaarnpaal. Het hof vluchtte weer, dit keer naar Olmütz. De contrarevolutie, geleidt door Windischgrätz en Schwarzenberg, sloeg met harde en meedogenloze hand terug. Met behulp van Rusland werd Hongarije weer aan Oostenrijk vast geketend en in Italië wist veldmaarschalk Radetzky de opstand te onderdrukken. De represailles die volgden waren gruwelijk. Gemaakt: 14-03-04 |