6501 |
Mongoolse volksverhuizing (ca. 1200 - 1405) |
![]() |
|
In de 13e eeuw kwam in Centraal Azië kwam een nieuwe volksverhuizing op gang, de meest verwoestende uit de gehele geschiedenis. Het waren de Mongolen (Chinees Menggu), die naar het westen toe in beweging kwamen. Het oorspronkelijk thuisland van de Mongolen lag oostelijk in de Aziatische steppen, het gebied rond de Onon-rivier in Noord-Oost-Mongolië, het gebied tussen het Khingangebergte, de Altai en de keten van Tianshan. Andere grenzen waren de Chinese Muur en het Baikalmeer. Het land waar de Mongolen thuishoorden was precies hetzelfde terrein als waar de Hioe-Noe meer dan een millennium tevoren hadden rondgezworven.
De juiste oorsprong van de Mongolen ligt in het duister verborgen. Niemand kan met zekerheid zeggen waar zij woonden voor zij in Mongolië een duidelijke macht gingen vormen en niemand weet wie hun culturele voorouders waren. Wel is het opvallend dat de beschrijvingen van de levenswijze van de Mongolen in bijna elk detail overeenstemmen - kleding - voedingswijze - gewoonten, bezigheden - met die van hun nomadische voorgangers. |
![]() |
![]() |
De oorspronkelijke bevolking leefde in stammenverband en vocht geregeld onderlinge geschillen uit. Hieruit groeiden de 'sterke mannen', die leidende functies zouden innemen. De stammen leefden samen in een soort confederatie, die gestructureerd was in politiek-hiërarchisch verband. Tot Ghengiz Khan (Temujin) hen verenigde. De Mongolen leven nu in delen van China, Rusland en Mongolia. Ook de Gobi-woestijn behoort tot hun regio. Zij wonen op een hoogte van ongeveer duizend meter in een bijzonder droog klimaat. De hedendaagse Mongolen zijn meestal boeddhisten, maar een minderheid hangt het shamanisme aan. |
Laatst bijgewerkt: 13-12-02 |