|
In 2005 hebben archeologen van de vrije Universiteit en de Rijksdienst voor Oudheidkundig bodemonderzoek bij Echt (Midden-Limburg) de eerste Keltische munstschat in Nederland opgegraven. Het gaat om zogenaamde Rijnlandse regenboogschoteltjes. Ze schijn schotelvormig en hebben op de bolle zijde een afbeelding van een triquetrum (een driebeen of driepuntig rad), omgeven door een lauwerkrans. De holle zijde bestaat uit enkele cirkels, punten en zigzaglijnen. De oudste munten van dit type stammen uit het Duitse Mardorf en waren gemaakt van hoogwaardig goud. In de loop van een eeuw evolueerde het type en later bestond de munt vrijwel geheel uit koper. Voorbeelden hiervan zijn bij Bochum gevonden. De Echtse munten zijn van zilver, vermengd met koper en een beetje goud.
De vondst van Keltische munten bij Echt betekent niet dat hier Kelten hebben gewoond. Net zoals de vondst van een Coco-Cola-blikje nu niet betekent dat een Amerikaan het heeft achtergelaten. De bijtekens op de munten in de vorm van streepjes, bolletjes en gestileerde hoofden geven door vergelijking met andere vondsten aan waar ze geslagen kunnen zijn. Een aantal zou in het Nederrijnse rivierengebied, waar tot nu toe alleen enkele losse vondsten zijn gedaan, geslagen kunnen zijn.
|